CD-nieuws december 2013

FOCUS op ETHIOPIË

Ethiopië is -naar onze zeer weinig bescheiden mening- samen met Mali dé muzikale schatkamer van Afrika. Ethiopische muziek kent een zeer uitgebreide diversiteit: zowat iedere etnische groep heeft zijn unieke sound met als gemeenschappelijke factoren polyritmiek en een pentatonisch modaal stelsel, die a.h.w. de constanten vormen. Ook het instrumentenarsenaal kent diezelfde diversiteit. Vanaf de jaren 50 van de vorige eeuw begon Ethiopische muziek ook ingang te krijgen in het Westen, vooral via de zogenaamde golden age Ethio-jazz (jaren 70), waarbij de grote innovators Mahmoud Ahmed en Mulatu Astake tot de meest invloedrijke muzikanten behoorden. En zie, zowat een halve eeuw later is Astatke er nog eens met nieuw werk (het voorbije decennium was de man bijzonder actief). Ondertussen zijn ook vele Westerse muzikanten in de ban van die schatkamer geraakt en dat heeft voor een interculturele samenwerking en kruisbestuiving gezorgd met als resultaat zeer innovatieve muziekvormen waarbij het experiment niet geschuwd wordt maar toch steeds met zeer veel respect voor en kniediep in de aloude tradities. Belangrijkste exponenten van deze nieuwe golf zijn o.m. Gigi, Bole 2 Harlem, Dub Colossus, Invisible System, Krar Collective.... (en onze welgemeende excuses aan wie we over het hoofd zien). Die kruisbestuiving heeft nu ook zijn weg gevonden buiten het Afrikaanse continent: in steeds meer Westerse muziek zijn Ethiopische invloeden te horen. Naast nieuw werk van Astatke verschijnt nu ook nieuw werk van een andere -recent overleden- legende en werk van een al langer overleden legende dat voor het eerst op cd verschijnt.

MULATU ASTATKE - Sketches Of Ethiopia

MULATU ASTATKE - Sketches Of Ethiopia

Sommige zaken zijn zeer moeilijk te bevatten, zoals deze: na een halve eeuw muzikaal meesterschap krijgt deze reus pas nu eindelijk de kans om zijn muziek uit te brengen op een internationaal label. En of hij deze kans met beide handen gegrepen heeft, laat daar geen twijfel over bestaan. En die beide handen zijn ook Astatke’s belangrijkste instrumenten als vibrafonist , pianist en percussionist. Astatke staat geboekstaafd als ‘de vader van de Ethiopische jazz’ maar internationaal doorbreken deed hij pas met de soundtrack die hij schreef voor de film ‘Broken Flowers’ van regisseur Jim Jarmusch. De titel ‘Sketches Of Ethiopia’ lijkt ons meer dan een knipoog naar ‘Sketches Of Spain’, het standaardwerk van Miles Davis. En inderdaad, in ‘Assosa Derache’ en ‘Motherland Abay’, de 2 langste tracks, horen we duidelijke echo’s van ‘Sketches Of Spain’. Maar Astatke en zijn uitstekende 12-koppige band Step Ahead brengen zoveel meer dan dat. Ook de Ethiopische traditie is nadrukkelijk aanwezig. Astatke’s arrangementen zijn van uitstekende makelij en als orkestleider heeft hij bijzonder veel oog voor de solo’s van de diverse musici zonder daarbij de hechtheid van het groepsgeluid te verwaarlozen, wat geen sinecure is gezien de omvang van de groep (er zijn ook nog eens zes gastmuzikanten) en de grote diversiteit aan instrumenten: de wisselwerking tussen de traditionele Ethiopische instrumenten en de karakteristieke Westerse jazzinstrumenten benadert de perfectie. Ook verrassend en boeiend is de inbreng van de kora op 3 tracks. En Astatke zelf? Wel, die laat zich eens te meer horen als een virtuoze grootmeester op de vibrafoon zonder daarbij de andere instrumenten in de hoek te duwen. Op 3 tracks horen we ook de opwindende vocalen van Tesfaye en in het slotnummer duikt de alomtegenwoordige en onvermijdelijke Fatoumata Diawara op die ook hier bewijst zowat alle genres aan te kunnen zonder haar eigen muzikale identiteit te verliezen. Ook nu weer is het werk van Astatke complex en tegelijk zeer toegankelijk. ‘Sketches Of Ethiopia’ is de zoveelste demonstratie van de rijke, culturele diversiteit van Ethiopië maar ook van het kunnen van Astatke die hier nog eens bevestigt dat hij als vernieuwer weinig gelijken kent. Als we de tel niet kwijt zijn dan is ‘Sketches Of Ethiopia’ de eenentwintigste toptitel in wat toch een muzikaal boerejaar blijkt te zijn.
publieksprijs: 19,30


CHALACHEW ASHENAFI & ILILTA BAND The legendary Gondar Azmari (1966-2012) - Fano

CHALACHEW ASHENAFI & ILILTA BAND The legendary Gondar Azmari (1966-2012) - Fano

Van het rijk der levenden gaan we nu naar het rijk der doden. Chalachew Ashenafi overleed vorig jaar en ‘Fano’ is het laatste wat hij nog opgenomen heeft. Hij was een Azmari, een combinatie van een troubadour, een minstreel en een nar. In het dagelijkse leven zijn Azmaris rondtrekkende zangers, dichters en grappenmakers. Ze begeleiden zich meestal op de masinko, een éénsnarige viool en soms ook op krar of accordeon. Ze trekken door de hooglanden en de steden waarbij ze als basis de Azmari-bets (traditionele nachtclubs) of de locale dranktenten gebruiken. Zij vormen de stem van de vrije meningsuiting in Ethiopië. Zij leveren commentaar op politiek, religie, het dagelijkse leven en doen dit in een bijzondere stijl die zowel spottend als humoristisch is. Ze reageren ook constant op wat zich voordoet bij hun publiek en zijn daarbij vaak provocerend. Ze hebben ook nog andere functies in de samenleving: ze moedigen de boeren aan tijdens de oogst, vrolijken huwelijksfeesten op en scheppen op over Ethiopische oorlogsoverwinningen om er de moed bij het volk in te houden. Wat ze doen is diep geworteld in het orthodoxe christendom. Maar laten we het nu verder bij Ashenafi houden. De man leefde van 1966 tot 2012 en toerde vaak met The Ex (zie ook: hun samenwerking met Getatchew Mekuria): de productie en de mix van ‘Fano’ waren dan ook in handen van 3 leden van The Ex. Zijn muziek is zeer traditioneel; Ililta Band bestaat uit slechts 2 muzikanten die krar en kobero spelen en ook voor de backing vocals zorgen. Zijn schorre, indrukwekkende zang en de totaalklank zijn bruut, rauw, ongepolijst, repetitief, monotoon en zeer intens. Dit zorgt voor een meeslepend en verbazend totaalplaatje dat aan onze westerse oortjes een bijzondere inspanning vraagt. ‘Fano’ is meer dan het ontdekken waard. Het cd-boekje telt 40 blz. en is voorzien van de teksten, foto’s, een interview en interessante informatie.
publieksprijs: 15,40


BAHRU KEGNE - In memory of Ethiopia’s greatest Azmari (1929-2000)

BAHRU KEGNE - In memory of Ethiopia’s greatest Azmari (1929-2000)

Ook deze Azmari is niet meer. Bahru Kegne leefde van 1929 tot 2000. Hij was privé-entertainer van kroonprins Asfa Wossen, zoon van Haile Selassie. Hij was ook de tweede Azmari ooit die optrad voor keizer Selassie in het National Royal Palace in Addis Abeba. Zoals alle Azmaris trok hij door het ganse land om er te spelen, van de dranktenten tot de belangrijke theaters. Hij trad ook op in Djibouti en in Kenia en in diverse Europese landen en trok 3 keer naar de VS. Hij begeleidde zichzelf op de masinko, een éénsnarige viool. Daarnaast werd hij nog begeleid door een saxofonist, een toetsenist en een bassist. Tegen het einde van zijn leven nam hij een aantal cassettes op en deze compilatie is daarvan de neerslag. Het moet gezegd zijn, de digitalisatie en restauratie van die tapes zijn bijzonder geslaagd, al kunnen we ons voorstellen dat dit een huzarenstukje moet zijn geweest: de geluidskwaliteit is voortreffelijk. Net als bij Chalachew Ashenafi is de totaalklank rauw, ongepolijst, repetitief en vooral nog monotoner en nog traditioneler; andere sleutelwoorden zijn hypnose en trance. Aan onze westerse oortjes wordt een nog grotere inspanning gevraagd dan bij Ashenafi. Beluistering in één ruk lijkt ons niet echt aangewezen want door de monotoniteit van het geheel bestaat het gevaar dat de kwaliteiten van dit werk deels verloren zullen gaan: consumeren met mondjesmaat is de boodschap. Al bij al lijkt het werk van Kegne ons vooral interessant voor muzikale veldwerkers en voor de geschiedenisboekjes. Ook bij deze cd hoort een zeer fraai en goed gedocumenteerd boekje.
publieksprijs: 15,40



LOBI TRAORÉ – Bamako Nights

LOBI TRAORÉ – Bamako Nights

Drie jaar geleden overleed gitarist-zanger Lobi Traoré onverwacht, hij was 49 jaar. Kort voor zijn dood verscheen zijn laatste opname, ‘Rainy Season Blues’, waarop hij solo speelde en zong: de muziek op die cd was puur en onversneden, zonder effecten of overdubs. Mali verloor een grote bluesgitarist met een stijl die zeer rootsy en van de straat was. En toch kon hij in zijn studio-opnames niet echt zijn kinetische live-energie stoppen die hem tot één van dé beroemdheden van het nachtleven in Bamako hadden gemaakt. ‘Bamako Nights’ werd in 1995 opgenomen in een weinig hippe maar weliswaar legendarische bar in het broeierige downtown Bamako waar het werkvolk kwam drinken en genieten van live-muziek. Bambara Bluesman, zijn bijnaam, kreeg in die tijd de bar week na week vol (na het beluisteren van deze cd zal u begrijpen waarom). In die periode was Bar Bozo trouwens één van de weinige plaatsen waar een band aan het werk kon. In die tijd was Lobi Traoré ook waanzinnig populair en dus was dit een thuismatch, wat ook aan de publieksreacties te horen is. Traoré wordt verder nog begeleid op bas, drums en djembé; de sound is rauw, meeslepend, donker, dwingend, bezwerend, magisch en staat als een huis: zowel ritmisch als melodisch is dit album een voltreffer. Traoré ontpopt zich hier, voor zover dat nog nodig was, tot een gitarist van wereldtopformaat die, ondanks de vaak chaotische indruk, zeer beheerst speelt en zich nooit verslikt in zijn lange gitaarsolo’s die haast oproerige proporties aannemen. Daarenboven is hij ook nog een charismatische zanger. Dit is Afrikaanse blues op zijn allerbest waar -zonder afbreuk te willen doen aan de nieuwe generatie en voor “ouwe zak” beschimpt te worden- vele jonge muzikanten nog veel van kunnen leren en een ferme punt aan zuigen. Het is verleidelijk en ook gevaarlijk om vergelijkingen te maken maar wat Traoré hier neerzet kan naast het beste werk van Jimi Hendrix staan. We eindigen in schoonheid met een quote van Lobi Traoré zelf: “Maybe the blues was inspired by Africa. Maybe the resemblance is just a coincidence. But listen, for me the music I play comes from me, from my place.” Mocht u het ondertussen nog niet doorhebben: voor ons is ‘Bamako Nights’ de tweeëntwintigste titel voor de verplichte leerstof van 2013.
publieksprijs: 17,30


JAUNE TOUJOURS - Routes

JAUNE TOUJOURS - Routes

Na 4 jaar release-stilte (afgezien van een remix-album en een boek/cd voor kinderen van 4 tot 94) is er eindelijk weer een nieuw album van onze favoriete Brusselaars: wij waren dus zeer benieuwd naar hun nieuwe avonturen, temeer daar ‘Routes’ vorige maand opgenomen werd in de Playlist van het toonaangevende maandblad fROOTS. Er werden ook enkele gastmuzikanten aangetrokken, vooral van Afrikaanse origine: Martial Ahouandjinou (trombone), Samson Okbo (krar) en Gangbé Brass Band (percussie en blazers, met wie ze vorig jaar al een epeetje volspeelden waarvan hier ‘Ciel Orange’ is opgenomen) naast de vertrouwde Roma-dames van Mec Yek. En hoewel Jaune Toujours trouw blijft aan hun beproefde recept laat die Afrikaanse inbreng op enkele songs duidelijke sporen na. Dat beproefde en vertrouwde recept kunnen we omschrijven als een explosieve en feestelijke mix van duizend-en-één-stijlen (dub, ska, Balkan, jazz, pop, punk en dus nog 995 andere) met een stevig fundament van aanstekelijke blaasarrangementen en stomende percussie en de accordeon in de hoofdrol. Trefwoorden zijn groovy en vrolijk maar ook lekker lui. Zo vrolijk de muziek is, zo ernstig en geëngageerd zijn een groot deel van de bezongen onderwerpen: het Klein Kasteeltje (‘Petit Château’), de Iraanse activist Sattar Beheshti (‘Azadi’), de reactie van tienduizenden Noren op de slachting die Andras Breivik aanrichtte (in de Pete Seeger-song ‘Rainbow Song’).... Jaune Toujours brengt feestmuziek voor mensen met het hart op een goede plaats. De cd is ook nog vergezeld van een uiterst verzorgd fotoboekje. En omdat we het niet kunnen laten toch nog volgende negatieve kritiek: 2 songs zijn te nadrukkelijk een doorslag van andermans werk, met name ‘Int. Movers Of The Heart’ (‘Exodus’ van Bob Marley & The Wailers) en ‘Si J’Etais Toi’ (‘Ce N’est Pas Bon’ van Amadou & Mariam).
publieksprijs: 20,35


BABYLON CIRCUS – Never Stop

BABYLON CIRCUS – Never Stop

Nog meer pret, maar dan van bij de zuiderburen. Na 4 zeer goed onthaalde en verkochte studio-albums en meer dan 1500 concerten, van Central Park tot WOMADelaide, is er nu een nieuw album van deze vrolijke Franse Fransen. Als van oudsher vergasten ze ons weer op hun eigen zeer dansbaar brouwsel dat is samengesteld uit reggae, ska, skank rock, rocksteady, Balkan brass, chanson en zo nog één en ander, dit alles gebracht met een aanstekelijke punk-attitude van hier tot in Tokyo en voorzien van recht-voor-de-raap-teksten. Maar we hebben het ondertussen wel een beetje gehoord en gehad: verwacht van deze one trick ponies geen vernieuwing meer. Hun debuut was dat zeker wel want gekenmerkt door een unieke sound maar al wat volgde waren herhalingsoefeningen, zij het vaak van uitmuntend niveau. Maar op ‘Never Stop’ zijn de scherpe kantjes verdwenen (ook in de teksten) en klinkt dit circus wel zeer mainstream en iets té radiovriendelijk. Het aanstekelijke vinden we enkel nog terug in de geeuw die deze miskleun teweegbrengt.
publieksprijs: 18,60


BOBAN & MARKO MARKOVIC ORCHESTRA - Gipsy Manifesto

BOBAN & MARKO MARKOVIC ORCHESTRA - Gipsy Manifesto

Dit familiebedrijfje is wellicht de meest gelauwerde brassband op deze aardkloot. Ze hebben kasten vol titels van o.m. het internationaal gerenommeerde brassfestival in het Servische Guca: die zitten blijkbaar zo vol dat ze twee jaar geleden besloten om niet meer mee te doen aan competities. Hun verzamelaar ‘Golden Horns’ haalde de charts in de VS, voorwaar een prestatie met dit muziekgenre. Maar dat was voor vader en zoon en hun kompanen geen reden om op hun lauweren te gaan rusten. Meer zelfs, ze achtten het moment gekomen om hun blikveld te verruimen en voegden nieuwe instrumenten toe: piano, bas en drums. Ze verwerkten ook andere stijlinvloeden in hun muziek zoals latin, ska, funk, jazz.... Dit blijft een onwaarschijnlijke straffe brassband die zoals steeds zeer strak speelt maar naar onze uiteraard zeer bescheiden mening is er te veel popfeel en feelgood in hun muziek geslopen en we vermoeden dat ze daarmee willen inspelen op hun Amerikaanse succes. Het doet ons meer dan ons lief is denken aan de move die vele Jamaicaanse reggae-artiesten maken om goed te scoren op de Amerikaanse markt. Hiermee houden we dan maar Balkanpop boven de doopvont: u zal wellicht al vaak gemerkt hebben dat wij ten huize wereldwinkel Brugge geen puristen zijn en dat wij haast onvoorwaardelijke voorstanders van crossover en fusion zijn, maar dit heeft meer weg van water bij de wijn en dan opteren wij voor the real thing.
publieksprijs: 17,05


OMAR SOULEYMAN - Wenu Wenu

OMAR SOULEYMAN - Wenu Wenu

De Syrische zanger Omar Souleyman is een bijzonder en -althans in Syrië- zeer populair fenomeen. Hij startte zijn muzikale loopbaan in 1994 en nu, 19 jaar later, zijn er bij benadering meer dan 500 cassettes en cd’s van hem in omloop (80% daarvan zijn opnames die hij maakte op bruiloften als geschenk voor het gehuwde koppel en die dan later gecopieerd werden en verkocht in locale kiosken). Zijn grote doorbraak kwam er in 2005 met het nummer ‘Khataba’. Dankzij het Amerikaanse muzieklabel Sublime Frequencies kon hij intensief toeren doorheen Amerika en Europa en ook 3 cd’s opnemen die een internationale release kregen. In 2011 trad hij op op het Glastonbury Festival en maakte hij 3 remixes voor de remix-lp van Björk, die net als Damon Albarn een grote bewonderaar is van Souleyman. ‘Wenu Wenu’ is zijn zesde album met een internationale release, nu op het bekende Domino-label, dat doorgaans in rock grossiert. Als producer werd de vermaarde Britse electro-artiest Kieran Hebden aka Four Tet aangetrokken die deze muziek met zeer veel respect behandeld heeft. Sinds de oorlog uitbrak in zijn vaderland kan Souleyman er niet meer optreden en is hij naar Turkije gevlucht. Zijn repertoire bestaat grotendeels uit dabka-liederen, een traditionele en populaire stijl in het Midden-Oosten en de bruiloftdans bij uitstek aldaar, gezongen in het Koerdisch en het Arabisch. Dit is bijzonder aanstekelijke, felle, hypnotische, pompende en opzwepende feestmuziek die voor de gelegenheid een ravekleedje aangetrokken wordt. Ondanks dat ravekleedje wordt er niet geraakt aan de kern van Souleyman’s composities en muziek en blijft dit in wezen traditionele muziek, wat onze goedkeuring ten volle meedraagt: de mayonaise pakt.
publieksprijs: 17,05


‘RED HOT + FELA’ (compilatie)

‘RED HOT + FELA’ (compilatie)

Red Hot Organization werft fondsen die aangewend worden voor bewustmaking en sensibilisatie rond AIDS. Ze doet dit aan de hand van muzikale compilatieprojecten. 12 jaar na het eerste Fela Kuti-project (‘Red Hot + Riot’) is er dan nu ‘Red Hot + Fela’. Over de persoon en de muziek van Fela Kuti zullen we het nu niet hebben, dat hebben we hier al meermaals gedaan. Terloops en terzijde: Fela Kuti zou vorige maand 75 geworden zijn, ware het niet dat hij in 1997 stierf aan AIDS-gerelateerde complicaties. Net als bij ‘Red Hot + Riot’ wilden de initiatiefnemers ook nu weer Amerikaanse en Afrikaanse muzikanten in nieuwe combinaties samenbrengen. Afgezien van Fela’s drummer en bandleider Tony Allen, die hier samen met “onze” Baloji een remake van zijn eigen ‘Afrodisco Beat’ uit 1977 brengt (die helaas nergens op slaat), komen alle Afrikaanse muzikanten van buiten de Nigeriaanse afrobeat-traditie. In de geest van Fela Kuti, die zelf een pan-Africanist was, lijkt dit wel een goed idee. Tot zover het feitenmateriaal: dan gaan we nu de muziek op deze cd onder de loep leggen. De kwaliteit van de verschillende tracks is zeer ongelijk: een echte aanrader kan je deze cd dus niet noemen, ook al omdat de meeste artiesten weinig meerwaarde toevoegen. Fela Kuti heeft oneindig veel meer betekend voor deze muzikanten en de muziek van vandaag dan wat hij hier terugkrijgt. Hier horen we te veel bloedloze interpretaties en te weinig inspirerende versies. Uitzonderingen zijn er wel degelijk. Zo is er de sprankelende en ook wild om zich heen schoppende versie van ‘Lady’ door tUnE-yArDs, ?uestlove, Angélique Kidjo en Akua Naru; Merrill Garbus van tUnE-yArDs was ten zeerste gefrustreerd door het anti-feministische karakter van deze song en dat verklaart misschien wel dit wild om zich heen schoppen: het resultaat mag er wezen. De geeuw van de eeuw wordt ons geleverd door My Morning Jacket in ‘Trouble Sleep Yanga Wake Am’: 14 minuten dwalen en rammelen langs alle kanten, wellicht de enige Kuti-cover die langer duurt dan het origineel. Dat bloeden wordt gelukkig onmiddellijk gestelpt door Kyp Malone en Tunde Adebimpe van TV On The Radio, Stuart Bogie van Antibalas en Kronos Quartet met een statige en tegelijkertijd luchtige versie van ‘Sorrow Tears + Blood’: afrobeat en kamermuziek hand in hand op zijn allerbest, met heerlijk gefluit en pizzicato viool als exquis toetje: hoe schoon kan afrobeat wel zijn. Daarna stoomt Stuart Bogie op verbluffende en sprankelende wijze door ‘I.T.T.’ met de groep Superhuman Happiness en ook nog o.m. Sahr Ngaujah, die de hoofdrol speelde in de Broadway-musical ‘Fela’ van Antibalas: deze track benadert Fela Kuti het best, met veel woede en luide gitaarriffs. 3 op 13 is echter een ruime onvoldoende, goed doel of niet.
publieksprijs: 19,70



RIVERBOAT RECORDS

WAYO - Trance Percussion Masters of South Sudan

WAYO - Trance Percussion Masters of South Sudan

We vallen meteen met de deur in huis: het debuutalbum van Wayo is in menig opzicht uniek. Het is een ode aan de vreugde van het gemeenschapsmusiceren: Wayo is geen solist, geen band, zelfs geen orkest: ‘Trance Percussion Masters of South Sudan’ is eenvoudigweg het werk van een ganse dorpsgemeenschap en de naam van dat dorp is Wayo, waar muziek blijkbaar koning is. Dat dorp bevindt zich in de immer uitbreidende rand van Juba, de hoofdstad van Zuid-Soedan. Sinds de oprichting van deze staat kregen we vooral kommer en kwel-berichten te horen waarbij we zouden vergeten dat dit land beschikt over een rijk cultureel en muzikaal erfgoed. De muziek zit verankerd in de traditionele muziek van het Zande-volk, dat zijn wortels heeft in Zuid-Soedan, de Democratische Republiek Congo en de Centraal Afrikaanse Republiek. Het centrale en enige melodische instrument is de kpaningbo, een grote houten xylofoon die door drie dorpsbewoners tegelijk wordt bespeeld. De kpaningbo wordt beschouwd als het kloppende hart van zowel de muziek als van het dorp. Symbolisch voor de status ervan wordt het instrument tijdens de gemeenschapsmuzieksessies dan ook in het geografische centrum van het dorp opgesteld. Een andere dorpeling zit bovenop de gugu, een logge drum, waarbij de toonhoogte gewijzigd wordt door een been op en neer te tillen. De andere dorpelingen cirkelen omheen deze muzikanten en geven allerhande kleine percussie-instrumenten en bellen door van hand tot hand, waarbij ook opzwepend gezongen wordt. Zo, hopelijk verschaft deze beschrijving enigszins een visualisering van het gebeuren. De geproduceerde klank is een weeftapijt van polyritmes die elkaar overlappen en in elkaar overgaan. Deze fascinerende, niet loslatende repetitieve en bezwerende beats roepen een vergelijkbaar effect op als het minimalisme en de trance-opwekkende beats van de hedendaagse electro-clubscene, zij het dat het er in Wayo 100% akoestisch aan toe gaat en ook dat is een belangrijk onderdeel van hun uniciteit. Voor de productie haalde Riverboat niemand minder dan Ian Brennan in huis. De gezangen behandelen de dagelijkse zorgen of zijn sociale commentaren. Deze pulserende percussie-orgie doet in vele opzichten ook denken aan de Congotronics-straatmuziekscene van bij de buren. Wayo is een echte killer: fascinerend, bezwerend, dodelijk repetitief en koortsachtig: dit zijn constante factoren in een groot deel van de hedendaagse Afrikaanse muziekproductie. ‘Trance Percussion Masters Of South Sudan’ is de zoveelste muzikale splinterbom van een nieuwe Afrikaanse generatie; deze cd is meteen, en dat had u wellicht al begrepen, de drieëntwintigste (!) titel voor de verplichte leerstof van 2013: zeg dat wij het gezegd hebben.
publieksprijs: 13,15



REGGAE

TOMMY McCOOK - Reggae In Jazz

TOMMY McCOOK - Reggae In Jazz

Reggae in jazz, het is minder vreemd dan het lijkt. Reggae-iconen als King Tubby, Augustus Pablo, Earl ‘Chinna’ Smith en Ernest Ranglin waren en zijn hevige jazzfans en vermeld(d)en jazz ook als inspiratiebron. Zo ook deze Tommy McCook zaliger. Voor wie de man niet kent, ooit was deze legendarische saxofonist een Skatalite naast nog veel meer. Deze cd verscheen origineel op vinyl in 1976 en wordt hier nog aangevuld met enkele tracks van andere albums. Wij vinden de titel zeer misleidend, want wij horen hier geen link naar jazz: dit is een instrumentaal reggae- en ska-album zonder buitenechtelijke invloeden. Maar vooral ontgaan ons het nut en de zin van deze cd-release: Tommy McCook was tot veel beter in staat en enkele tracks lijken zo uit een baandanspaleis te zijn weggeplukt. Tommy McCook zou een grotere dienst bewezen zijn wanneer dit album in de annalen der vergetelheid was gebleven, ook al staan hier enkele heerlijke heupwiegers te prijken. Dan zullen we nog maar eens de mantel der liefde bovenhalen.
publieksprijs: 17,65



GOUD VAN OUD

WANNES VAN de VELDE - In de maat van de Seizoenen

WANNES VAN de VELDE - In de maat van de Seizoenen

We vonden het wel eens hoogdringend tijd om de grootste Vlaamse volkszanger van de vorige eeuw (sorry, Willem en Walter) te eren. We hadden hier het liefst de formidabele box ‘Wannes’ (3 cd + 1 dvd) nog eens aan jullie voorgesteld maar duizendwerf helaas is die schandelijk niet meer verkrijgbaar. Die box overspande zijn ganse muzikale loopbaan en was met zeer veel respect samengesteld. Dan grijpen we maar terug naar wat we misschien zijn testament kunnen noemen, de onvolprezen cd en o.i. zijn chef d’oeuvre ‘In de maat van de Seizoenen’. Wannes was een man die altijd gegruwd heeft van het woord “carrière” maar die tegen wil en dank wel had gemaakt, zij het in de marge, zoals hij zelf zei. Hij was een man met een stem en een gitaar, een pen en een overtuiging, een zelden geziene en gehoorde intensiteit en muzikaal ging hij krachtig en met brio door het leven met zijn bekende stelling “een zanger is een groep”. Wannes is ongetwijfeld één van de allergrootsten uit de Belgische muziekgeschiedenis. Hij zong pure poëzie en als liedjesschrijver kent hij ook nu nog weinig gelijken. De drie jaren die voorafgingen aan de opnames van deze Goud Van Oud-cd had de zanger gezwegen, want de dood lag op de loer. Een van de liedjes op deze cd is dan ook treffend ‘Hier is em terug’ getiteld. Sinds 10 november 2008 zwijgt hij voor altijd, maar zijn culturele erfenis kan helpen om hem nooit te vergeten. ‘In de maat van de seizoenen, op het ritme van de maan, zoekt de wereld naar de reden van zijn tijdelijk bestaan’. Meer moet dat niet zijn. Bouwjaar: 2006 Hoogtepunten: ‘In de maat van de Seizoenen’ is een vloedgolf aan hoogtepunten. Naast 2 vertalingen pende Wannes 14 nieuwe songs voor dit album, waarop hij begeleid wordt door een sublieme begeleidingsgroep. De grote kracht van dit album ligt vooral in de teksten, zonder daarbij afbreuk te willen doen aan de grote kwaliteit van de muziek. Zoals zo vaak ventileert Wannes veel maatschappijkritiek en onvrede in zijn teksten waarbij hij dikwijls hypocrisie allerhande aan de kaak stelt: hij was een ware en ongebonden voorvechter en ambassadeur van het vrije woord, en dit zonder te willen preken, beleren of bekeren. De cd opent bijzonder mooi met ‘Dublin Bay’, onmiddellijk gevolgd door wat voor ons het sleutellied is, ‘Hier is hem terug’, nadat hij toch de dood in de ogen had gezien. ‘In de maat van de seizoenen’ (het lied) is een poëtische parel, met het soort tekst waarop Wannes een patent had. ‘Charleroi’ is een wondermooie en liefdevolle ode aan die stad waarbij hij voorbij de vooroordelen kijkt en op zoek gaat naar de schoonheid in deze sombere stad met een ziel. En dat ironie hem ook niet vreemd was horen we overduidelijk in ‘Mijnen auto is mijn vrijheid’. Het zal wellicht niemand verwonderen dat Antwerpen en het omringende polderlandschap in een aantal van zijn liedjes de hoofdpersonen zijn waarbij tegenstrijdige gevoelens de boventoon voeren en er veel onvrede wordt geventileerd. Zijn protest en onvrede horen we ook zeer aanwezig in ’Gentse impressie’, dat klinkt als een musica antiqua-lied dat een moderne begeleiding aangemeten krijgt, die de melodie ondersteunt maar ook verstoort; thematisch wordt de ontvoogding van de Vlaamse arbeiders verhaald. Ook oorlog en vooral afkeer ervoor is een vaak weerkerend thema bij Wannes, zoals hier in ‘De bunkers’ maar vooral in het majestueuze en sarcastische hoogtepunt ‘Oorlogsgeleerden’, een uitmuntende vertaling van ‘Masters of War’ van Bob Dylan. We kenden al een vroegere versie van Wannes, maar hier geeft hij het een totaal nieuw arrangement mee. Dit lied , een oerklassieker uit het repertoire van Wannes, genereert tonnen kippenvel, ondanks het thema en de bijtende tekstuele vitriool-aanpak ervan. Na deze splinterbom (what’s in a name....) wordt dit album uiterst sensueel, erotisch, frivool en ondeugend afgesloten met een tweetalige uitvoering van ‘Comme Facette Mammeta’, een oud Napolitaans volkslied.
publieksprijs: 20,45


We sluiten dit eerbetoon aan de grote schrijver die Wannes Van de Velde was graag en passend af met één van zijn allerbeste teksten, met name ‘Oorlogsgeleerden’:
Oorlogsgeleerden,
genie’s van ‘t kanon,
ge bouwde torpedo
en waterstofbom.
Ge schuilt achter muren
en achter papier,
maar ik ken ‘ullie kuren,
uw stalen manier.


G’hebt nooit niet gewerkt
dan in het bedrijf
dat mensen vernietigt
en harten verstijft.
Ge geeft mij een wapen,
maar ge mijdt mijnen blik,
en fluiten er kogels,
dan schijt ge van schrik.


Ge bouwt aan ‘t verderf
van leven en land,
ge steekt met uw streken
de wereld in brand,
en al kan’t u niet schelen
dat ‘k ullie verwens,
toch zijd’e ‘ne vloek
in de buurt van ‘ne mens.


Ge zaait uwe waanzin,
die koud is en wreed,
ge foltert mijn kinderen,
ge lacht met hun leed,
en ik weet dat de schepper
het denkbeeld verfoeit
dat er menselijk bloed
door uw aderen vloeit.


Crepeert voor mijn paart,
en liefst nog vandaag,
en ik volg uw kist,
liever rap als te traag,
en ik zal u zien zakken
in de vredige grond,
en ik schrijf op uw graven:
‘GEVAARLIJKEN HOND’.

(originele tekst: Bob Dylan; Nederlandse tekst: Wannes Van de Velde)

Meer van deze artiest: van Wannes is er helaas en schandelijk nog zeer weinig materiaal beschikbaar: iemand moet zich maar eens geroepen voelen om daar werk van te maken.
Café Met Rooi’ Gordijnen (bouwjaar: 1992; 11,85€)
De Zwarte Rivier (1990; 11,85)
Een Verzameling (1997; 11,85)
Het Beste (2008; 20,45)
Kleuren Van De Steden (1995; 11,85)
Live (2011; 42,65€) (4 cd + 1 dvd): deze box is een onschatbaar waardig eerbetoon en was bij het verschijnen een essentiële aanvulling bij de box ‘Wannes’ (wie brengt die opnieuw uit???).

EN VERDER NOG:
-JOSEPH KABASELE – Le Grand Kallé: His Life, His Music (2cd + boek) De Congolese zanger en bandleider Joseph Kabasele (1930-1983), beter gekend als Le Grand Kallé, wordt beschouwd als de vader van de moderne Congolese muziek. Hij was de eerste muzikant die Cubaanse ritmes mixte met traditionele Afrikaanse beats en werd aldus de grondlegger van de soukous. In 1960 was hij ook de eerste Afrikaanse muzikant die zijn eigen label oprichtte, Subourboum Jazz, met als belangrijkste act Franco Luambo’s TPOK Jazz. Hij slaagde erin diverse deals met Europese platenlabels af te sluiten. In 1953 formeerde hij de band L’African Jazz, die op het hooptepunt ronkende namen als Dr Nico Kasanda, Manu Dibango, Tabu Ley Rochereau, Sam Mangwana en Pépé Kallé in de rangen had. Toen Rochereau en Kasanda midden jaren 60 de band verlieten om hun eigen groep Africa Fiesta op te starten bleek dit voor Kabasele zo’n fikse tegenslag dat hij die hij nooit echt meer te boven zou komen. Deze dubbel-cd overspant de volledige opname-periode (1951-1970). De naam van deze man zegt u misschien niets, maar het nummer ‘Indépendance Cha Cha’ zegt u wellicht zoveel meer: het was in 1960 de verrukkelijke soundtrack bij de onafhankelijkheid van Congo. Deze compilatie wordt nog vergezeld van een zorgvuldig samengesteld en bijzonder gedocumenteerd cd-boekje van maar liefst 104 pagina’s. ‘Le Grand Kallé’ is ook mede daardoor essentieel voer voor de soukousfan.
publieksprijs: 23,55 (2cd + boek)