CD-nieuws oktober 2014



LES AMBASSADEURS DU MOTEL DE BAMAKO – Les Ambassadeurs Du Motel De Bamako

LES AMBASSADEURS DU MOTEL DE BAMAKO – Les Ambassadeurs Du Motel De Bamako

In1969 besliste een ambitieuze legerluitenant dat er een orkest nodig was om de klanten van Motel De Bamako te entertainen. Dat motel was een populaire stek gelegen in de schaduw van mangobomen aan de oevers van de Nigerrivier. Zo gezegd zo gedaan: er werd een orkest samengesteld en in 1972 werd gitarist Kanté Manfila ingelijfd en nog eens een jaar later Salif Keïta, misschien wel het beroemdste orkestlid, die overkwam van de grote concurrenten, Super Rail Band de Bamako. Salif Keïta omschreef het orkest als een verzameling echte intellectuelen. “Wij konden allerlei stijlen spelen. Wij waren een echte familie. Wij repeteerden van 10 tot 14u en ’s avonds traden wij op.” Orgelist Idrissa Soumaoro omschreef het werkproces als volgt: “De bazen brachten hun platen mee zodat we die muziek konden leren spelen: Orquesta Aragon, Fela Kuti, James Brown, Celia Cruz…. Toen iedereen klaar was met zijn werk coverden we de songs. Er was een echte verstandhouding tussen de muzikanten.”. Het orkest nam diverse singles en 3 lp’s op en trad ook op in Guinea, Nigeria en Ivoorkust. Les Ambassadeurs smeedden een nieuwe klank uit de dromen en spanningen van het West-Afrika na de onafhankelijkheid: socialisme, pan-Afrikanisme, zwarte trots, authenticiteit, salsa, jazz, soul, rock ‘n’ roll en de oude kunst van de griots. Ze boden de Malinezen de gelegenheid om hun instinctieve trots over het illustere verleden van West-Afrika te verzoenen met hun even instinctieve verlangen om volledig opgenomen te worden in de moderne wereld. “En bovenal”, zo zei Salif Keïta, “leerden ze de Malinezen van hun eigen muziek te gaan houden.”. Toen het politieke klimaat verslechterde en nadat hun beschermheer (de eigenaar van het motel) gearresteerd werd, splitte de band. Het merendeel van de leden, inclusief Manfila en Keïta, gingen hun geluk beproeven in Abidjan waar ze succesvol bleven onder de naam Les Ambassadeurs Internationaux. Deze briljante anthologie, vergezeld van een goed gedocumenteerd infoboekje en inclusief enkele onuitgegeven tracks en 2 radio-opnames van Radio Mali, laat ons een zeer origineel orkest met visie horen dat nieuwe muziek creëerde uit oude wortels en bronnen. Les Ambassadeurs waren heuse vernieuwers die Latijns-Amerikaanse en West-Afrikaanse muziek mengden in een nieuwe formulering en met een nieuwe dimensie. Ze speelden strak maar ook relaxt, bekoorlijk en gevoelvol. En dan is er nu groot nieuws: het orkest bestaat weer en in de voorbije zomer zijn de heren weer gaan toeren. Ze beogen geen nostalgie naar het Mali dat dronken was van hoop en mogelijkheden, geen oprakelen van oude vriendschappen en ook geen herbeleven van oude glorie met een jukebox vol onvergetelijke Malinese pop. Wat ze willen bewijzen is dat Malinese muzikanten, mits de juiste omstandigheden en ondersteuning, in staat zijn om waarlijk revolutionaire muziek te creëren. En dat deze pioniers daar zullen in slagen, daar twijfelen wij geen seconde aan. En stilletjes hopen we ook op nieuw werk van Les Ambassadeurs.
publieksprijs: 23,55 (2 cd)





WARREN CUCCURULLO & USTAD SULTAN KHAN – The Master

WARREN CUCCURULLO & USTAD SULTAN KHAN – The Master

‘The Master’ is een eenmalige samenwerking geweest tussen rockgitarist Warren Cuccurullo en de Hindustaanse klassieke zanger en sarangimeester Ustad Sultan Khan die in 2011 overleed. De opnames dateren van 1998 maar worden pas nu op de wereld losgelaten. ‘The Master’ werd in 2 dagen grotendeels opgenomen in Cuccurollo’s huisstudio: enkel bas en drums werden eerder dit jaar toegevoegd aan de originele tapes. Cuccurollo kwam voor het eerst in contact met Indiase muziek toen hij Ravi Shankar en George Harrison in 1970 op tv zag. Hij voelde zich onmiddellijk aangetrokken tot de Indiase klassieke muziek. Zijn fascinatie culmineerde 28 jaar later in deze samenwerking met Ustad Sultan Khan, die hij in 1991 voor het eerst aan het werk zag. Het resultaat is een unieke, hypnotiserende fusie tussen de betoverende en onnavolgbare speelstijl op de sarangi en de klaaglijke zangstijl van Khan en de weelderige, in toom gehouden ambient-gitaarklanken van Cuccurullo. De aanvullende begeleiding op tamboura, drums, percussie en synth bass is veelal spaarzaam maar is wel een passende en efficiënte bijdrage aan deze unieke, vaak filmische soundscape.
publieksprijs: 20,40





ORLANDO JULIUS with THE HELIOCENTRICS – Jaiye de AFRO

ORLANDO JULIUS with THE HELIOCENTRICS – Jaiye de AFRO

Wij kennen deze Nigeriaanse veteraan vooral uit een ver verleden. In 1966 was deze zanger/saxofonist/percussionist en afrobeatpionier (hij was een belangrijke inspiratiebron voor Fela Kuti) verantwoordelijk voor het ondertussen legendarische album ‘Super Afro Soul’ (in 2000 internationaal heruitgebracht). Orlando Julius werd vooral bekend als pionier in het mixen van Afrikaanse ritmes met pop, rhythm & blues en soul en hij zette in 1981 zijn naam voorgoed in de boeken van de moderne muziekgeschiedenis als co-componist (met Motownlegende Lamont Dozier) van de wereldhit ‘Goin’ Back To My Roots’ van Odyssey. Toch is dit album op zijn 71ste pas zijn eerste internationale release (afgezien van hoger vernoemde rerelease). Hij nam The Heliocentrics onder de arm, een eigenzinnig Brits muziekcollectief dat we de voorbije jaren leerden kennen door hun samenwekingen met Qantic en met Mulatu Astatke. Hun muziek definiëren is haast onbegonnen werk: veelzijdigheid, creativiteit, avontuur en muzikale vrijheid zijn de sleutelwoorden in het grensverleggende muzikale universum van deze kleine bigband die van zijn muziek vaak een spannend en meeslepend elektronisch knipselboek en lappendeken maakt en meestal met veel druk op de ketel speelt. Verscheidene composities op dit album dateren uit zijn vroege jaren en herbewerkte hij samen met The Heliocentrics. Het handelsmerk van Julius is nog steeds zijn schorre en expressieve spel op de tenorsax en zijn ruwe stemgeluid. Zowel hij als The Heliocentrics klinken hier alsof ze al hun ganse leven samenspelen, ook al zijn The Heliocentrics hier minder prominent aanwezig dan op andere samenwerkingen, en dat maakt van ‘Jaiye de AFRO’ een bijzonder attractief en organisch werkstuk met een zeer vintage klank (de opnames gebeurden in de analoge studio van The Heliocentrics). Dit album is volgestouwd met afrobeat, -funk en -groove van zeer veel karaat. Welcome back, mister Orlando Julius.
publieksprijs: 17,05




RICARDO LEMVO & MAKINA LOCO –La Rumba Soyo

RICARDO LEMVO & MAKINA LOCO –La Rumba Soyo

Ricardo Lemvo werd geboren in Angola, groeide op in Kinshasa en verhuisde op zijn 15de naar de VS. LA is zijn thuisbasis waar hij ook rechten studeerde maar aan het einde van het verhaal werd hij professioneel muzikant. In 1990 richtte hij zijn eigen groep Makina Loco op en de mix die ze maakten van Afrikaanse en latin grooves werd hun visitekaartje. Ook op hun nieuwe album gaan ze dezelfde toer op en mengen ze Afrikaanse ritmes (rumba en soukous) met salsa en son en met veel ruimte voor Angolese kizomba en semba. De opnames van hun zevende album ‘La Rumba Soyo’ namen 3 jaar in beslag en werden gespreid over 4 landen (VS, Canada, Frankrijk en Angola), met als resultaat o.m. een indrukwekkend legertje gastmuzikanten. Het eerste wat opvalt bij het doornemen van de hoesinfo zijn de vele talen waarin hier wordt gezongen, maar liefst 7: Kimbundu, Kikongo, Portugees, Spaans, Lingala, Tshiluba en Portuñol. Het merendeel van de nummers hebben een korte gesproken sectie waarin Lemvo de songs duidt. Vreugde en de viering van het leven en van Afrika zijn de overheersende stemmingen. Ernstige verhalen worden afgewisseld met relaxte en uitbundige en wat dit album absoluut uitstraalt is levenslust. Ricardo Lemvo en de zijnen brengen alweer uitstekend werk maar voor ons is de easy listening-factor te nadrukkelijk aanwezig: elk zijn meug, nietwaar. En bovendien krijgen wij hier noch warm noch koud van en laat nu net dat voor ons een belangrijke maatstaf zijn bij de appreciatie van muziek.
publieksprijs: 18,55



ROUGH GUIDES


‘FLAMENCO GUITAR’ (compilatie)

‘FLAMENCO GUITAR’ (compilatie)

De historische wortels van de flamencogitaar gaan terug tot de gediversifieerde Andalusische samenleving van de achtste eeuw, toen Arabieren, Berbers, joden en christenen dicht op elkaar leefden. In de vijftiende eeuw introduceerde de handel met de Nieuwe Wereld Afrikaanse en Latijns-Amerikaanse cultuurelementen. Ook de rijke zigeunercultuur zette nadrukkelijk zijn stempel. Tijdens de negentiende eeuw werd flamenco gespeeld op feestjes en op publieke plaatsen. In de twintigste eeuw werd de flamencocultuur in vele steden verstikt wanneer dictator Franco de juerga’s (wilde muzikale feestjes) in de taverna’s verbood. Maar als symbool van trots en taaiheid overleefde de flamenco en kwam er vanaf de jaren zestig een revival met illustere vertolkers zoals Paco de Lucía die ook jazz introduceerde in het genre. Men is het oneens over de periode waarin de gitaar het meest gebruikte instrument werd in de flamenco. De gitaar was hoedanook een essentieel instrument in de zigeuner- en folkstijlen die versmolten in de flamenco. Muzikale conventies uit die vroege stijlen werden rechtstreeks overgedragen naar de flamenco: rasguedo (tokkelen) bij de begeleiding van zang, punteado (plukken) als solostijl, picado (toonschaalpatronen), gesyncopeerde ritmes, luitachtige passages en terugkerende harmonieën. Qua gitaartechniek is de flamenco een zeer veleisende stijl. Thans heeft het internationale concertcircuit de flamencogitaar stevig omarmd, zowel als autonome kunstvorm (toque) en als belangrijke onderbouwing van de andere flamencovormen: cante (zang) en baile (dans). Op deze compilatie komen vele flamencostijlen aan bod: Rumba, Bulería, Tangos, Rondeña, Flamenco-Jazz, Siguiriya, Taranta, Flamenca, Fandangos Por Bulería, Soleá, Sevillanas, Farruca, Alegrías. De 15 composities worden gebracht door een keur uit de flamencoscene waarbij wij vooral gecharmeerd werden door Moraito, Pepe Habichuela, Tomatito, Juan Carlos Romero, Miguel Angel Cortes, Agustin Carbonell ‘Bola’, Jesús de Rosario, Carlos Piñana en Rafael Riqueni. Zij onderlijnen nog maar eens waarom flamenco gezien wordt als de meest waarachtige uitdrukking van de echte ziel van de Spaanse cultuur en als één van de mooiste muzikale tradities ter wereld. De fervente flamencofan zal wellicht weinig gebaat zijn bij deze voortreffelijke compilatie maar voor de geïnteresseerde leek is het een ideale opstap. De bonus-cd is ‘A Través De Ti’ van ANTONIO REY: deze cd is niet meer afzonderlijk verkrijgbaar. Rey wordt beschouwd als één van de beste gitaristen uit de hedendaagse flamenco. Zijn debuut-cd dateert uit 2008: tijdens een wedstrijd in Jerez de la Frontera werd hij door gitarist en componist Gerardo Nuñez opgemerkt. Deze stelde voor om een cd op te nemen; de opnames gebeurden bij Gerardo thuis, waarbij Antonio op de gitaar van Gerardo speelde omdat die beter klonk dan zijn eigen gitaar. Rey speelt diverse flamencostijlen.
publieksprijs: 13,15 (2 cd)




‘FADO LEGENDS’ (compilatie)

‘FADO LEGENDS’ (compilatie)

Fado ontstond bijna 200 jaar geleden in Lissabon, meer bepaald in de wijken Alfama, Mouraria en Barrio Alto. De levendige haven van Lissabon zorgde voor een komen en gaan van nieuwe culturen en tradities en voor een nooit eerder gehoorde muzikale uitwisseling. Fado is ook gerelateerd aan marginale sociale groepen. De fadista’s die we op deze cd horen maakten het mooie weer in de tweede helft van de twintigste eeuw en waren de voorlopers van de huidige generatie die traditionele vormen vermengt met internationale invloeden. Fado blijft zo één van de grootste levende muzikale tradities waarbij melancholie en tragiek de alomtegenwoordige pijlers zijn. De bonus-cd is ‘Nas Asas Do Fado - 10 Anos’ van KATIA GUERREIRO: deze cd is niet meer afzonderlijk verkrijgbaar. De cd brengt een overzicht van de eerste 10 jaar uit haar zangcarriére. Guerreiro wordt beschouwd als één van de belangrijkste vertolksters en ambassadrices van de huidige generatie: in 2010 ontving ze uit handen van de Amália Rodrigues Foundation de prestigieuze ‘Best Fado Performer’-prijs. Guerreiro heeft een bijzonder herkenbare stem met een diepe en aardse klank, nu eens liefelijk en verleidelijk, dan weer hartstochtelijk.
publieksprijs: 13,15 (2 cd)




‘BOLLYWOOD DISCO’ (compilatie)

‘BOLLYWOOD DISCO’ (compilatie)

Als we in het Westen muziek met India linken dan denken we heel vaak in termen van traditionalisme: er is de fascinatie voor de ragatradities en de vaak gehoorde epitheta zijn ‘puur’ en ‘aloud’. Maar Indiase muziek is zo veel meer dan dat: ook disco, brass band, jazz/world fusion -om maar deze te noemen- maken deel uit van het muzikale landschap in India. Deze Rough Guide is een kroniek van de Indiase liefde voor Amerikaanse disco in de seventies en de integratie ervan in de filmindustrie die toen al een grote vlucht nam en hongerde naar nieuwe dancebeats als injectie in de legendarische zang-en-dans-muziek van Bollywood. De sfeer varieert van komisch en hilarisch tot dramatisch en de muziek wordt gekenmerkt door zowel kitsch als virtuoze muzikaliteit. Maar wat deze muziek vooral aanstekelijk maakt is de onweerstaanbare joie de vivre die er van afstraalt. De bonus-cd is een voor deze gelegenheid samengestelde compilatie van het werk van KISHORE KUMAR, een gewezen grootheid in Bollywood. Kumar was een veel gelauwerde playbackzanger, acteur, componist, scenarist en regisseur. Zijn zang belichaamde de Bollywoodsound in de jaren 70. Hij werd beroemd met zijn karakteristieke jodelstijl en in zijn disco-uitstapjes maken we uitgebreid kennis met zijn vocale talent en veelzijdigheid.
publieksprijs: 13,15 (2 cd)



‘MUSIC WITHOUT FRONTIERS’ (compilatie)

‘MUSIC WITHOUT FRONTIERS’ (compilatie)

Er is een goede reden waarom de meesten onder ons zelden in aanraking komen met Oromo-, Balochistaanse, Koerdische of Baskische muziek. Staatloze gemeenschappen worden vaak geconfronteerd met enorme obstakels en ontberen veelal basale politieke en economische rechten, bewegingsvrijheid, de mogelijkheid om hun kinderen onderwijs in de eigen taal te laten genieten en nog meer fraais. Veel van deze groepen maken deel uit van de UNPO (Unrepresented Nations and Peoples Organization): UNPO vertegenwoordigt inheemse volkeren, minderheden en niet erkende of bezette territoria die de krachten bundelen om hun mensen- en culturele rechten te beschermen en promoten, hun omgeving te behoeden en geweldloze oplossingen te zoeken voor conflicten waarmee ze moeten leven. Ondanks deze obstakels blijven deze groepen muziek maken, ook al vertoeven ze in vluchtelingenkampen waar ze basale vrijheid ontberen. Voor ons is het vrij eenvoudig om ons ‘Belg te voelen’ in België (misschien is dit niet het best mogelijke voorbeeld….), maar je etnische en culturele identiteit bewaren als staatloze, in de diaspora of in een vluchtelingenkamp lijkt ons een gans ander paar mouwen. Ze worden verondersteld dit te doen zonder staatssteun voor muziekacademies, culturele centra enz. Het bewaren van hun muziek en het creëren van nieuwe kunstvormen worden aldus belangrijke onderdelen van hun identiteit en symbolen van verzet tegen de assimilatiedruk. Bovendien zijn deze bijna de enige middelen waarover ze beschikken om hun tradities door te geven aan de toekomstige generaties. Om al deze redenen beschouwen wij deze uitgave als zeer belangrijk en een zeer welgekomen bijdrage aan het muzikale werelderfgoed. Verwacht geen muzikale samenhang want daar is het hier ook niet om te doen: de samenhang vind je in het voorafgaande verhaal en dat kan tellen. De boeiendste bijdragen komen wat ons betreft van The Garifuna Collective (Garifunagemeenschap in Centraal-Amerika), Mariem Hassan (Sahraouis in de Bezette Westelijke Sahara), The Kamkars (Kurdistan) en huisfavoriet Ramzi Aburedwan (Palestina). Verder horen we o.m. nog bijdragen van Roma’s uit Hongarije, Oromo’s uit Ethiopië, First Nations aboriginals uit Canada, Uyghuren en uit Tibet en Baskenland.
De bonus-cd is ‘Songs From Tibet’ van de Tibetaanse zangeres NAMGYAL LHAMO. Het album werd oorspronkelijk uitgebracht in 2005. Lhamo is een hoog gewaardeerde vertolkster van traditionele Tibetaanse gezangen en opera. Sinds 1980 (ze was toen 24) woont ze in Nederland en nu meer bepaald in Utrecht, waar ze ook een vegetarisch restaurant uitbaat. Ze startte haar muzikale opleiding toen ze 8 was en trainde 14 jaar onder grootmeesters van de Tibetaanse opera en klassieke muziek in de Tibetan Institute of Performing Arts, dat nog werd opgericht door de Dalai Lama. Haar levensmissie is het behoud van de Tibetaanse cultuur. Lhamo heeft een intense zangstijl en een uitzonderlijk stembereik en –geluid, waaraan het voor oortjes van hier toch wel even wennen is. Waarom ze de ‘nachtegaal van Tibet’ genoemd wordt zal u na beluistering vast begrijpen.
publieksprijs: 13,15 (2 cd)



RIVERBOAT RECORDS


SALLY NYOLO – Tiger Run

SALLY NYOLO – Tiger Run

De titel van dit album is niet lukraak gekozen. De tijger heeft een totemfunctie en is de belangrijkste inspiratiebron. Sally Nyolo beschouwt het dier als haar gids in het maken van haar muziek. Het symbolisme van de tijger voedt ook haar langdurige muzikale verwantschap met de natuurwonderen van haar geboorteland Kameroen, zoals de wouden die oude pygmeeënliederen herbergen. Sally geeft ook aan dat de boodschap van dit album is mensen ertoe te bewegen van nabij te luisteren naar de wereld om hen heen, tijd te nemen om te luisteren naar het geluid van insectenvleugels, het ritme van het hart en de mooie akoestiek van het universum te horen. Op dit album zingt ze in het Eton, haar moedertaal, en ook in het Frans en het Engels. Op haar dertiende trok ze naar Parijs waar ze nu nog steeds woont. Deze grote stap had een blijvende impact op Nyolo’s creatieve oeuvre. Naast Kameroense traditionele invloeden horen we ook Franse popgeluiden: ze was ook achtergrondzangeres bij tal van Franse artiesten, o.m. bij Jacques Higelin. Ook jazz- en funkelementen zijn nooit ver weg. Wij kennen Sally Nyolo vooral van de vroege Zap Mama, maar na 8 solo-albums heeft ze al voldoende bewezen dat ze Zap Mama al lang niet meer nodig heeft, ook al horen we hier nog echo’s uit die periode. In haar muziek weerklinkt ook zeer zeker bikutsi, een traditionele en urbane stijl die gekenmerkt wordt door 6/8ste ritmes en vrouwenkoren. Op ‘Tiger Run’ wordt ze begeleid door een uitgebreide macht gastmuzikanten, waarbij de meest opvallende toch wel de sopraan Nathalie Leonoff is: aldus wordt Nyolo’s lang gekoesterde droom om met een operazangeres te werken werkelijkheid. ‘Tiger Run’ baadt in een (naar ons gevoel soms iets té) vederlichte schoonheid maar is vooral toch de zoveelste bevestiging van een groot talent.
publieksprijs: 13,15




FatDog – New Found Land

FatDog – New Found Land

FatDog ontstond in 2011 op de Zweedse Koster-eilanden. Het jazztrio Fattigfolket en het folktrio Doggerland stonden geprogrammeerd op hetzelfde festival en besloten aan het einde van de avond om te fusioneren. Dit nieuw samengesteld gezelschap telt leden uit Zweden, Noorwegen en Engeland en heeft als uitvalsbasis de beide zijden van de Zweeds-Noorse grens. Deze info is bedoeld om de groep wat te situeren. Telkens als ze elkaar ontmoeten steken deze zes heren zowel geografische als muzikale grenzen over. Drie van hen zijn gevestigde waarden in de folk en zijn verankerd in de Scandinavische en Britse muzikale tradities, de andere drie zijn dat in de jazz en hebben een oor voor zowel het lokale als het kosmopolitische en evenzeer voor de traditie en het experiment. De instrumentatie bestaat uit een bont allegaartje: cittern, concertina, gitaar, klarinet, fluit, trompet, saxofoon, basklarinet, bas en hurdy-gurdy (een eeuwenoud snaarinstrument dat verwant is aan de Zweedse nyckelharpa). Een ritmesectie is er niet maar dat wordt gecompenseerd door het gezoem van de hurdy-gurdy, het getuf van de concertina en het geklop op de cittern. Hun repertoire staat met minstens 1 voet in de folktraditie: ofwel is een traditional het vertrekpunt en zoniet is de eigen compositie duidelijk gecreëerd in het folkidioom. De Scandinavische dansritmes zijn hier goed vertegenwoordigd maar er zijn ook uitstapjes naar Macedonië en naar de Morris dance: deze uitstapjes vallen hier organisch tussen de plooien. Zowat de helft van dit album neemt Richard Burgess vocaal voor zijn rekening met zijn rijke bariton. Deze mens zit reeds meer dan 40 jaar in het vak van het zingen van traditionele muziek: hier zingt hij zowel in het Noors, het Frans en het Engels en dat alles gaat hem bijzonder goed af. Twee liederen zijn a capella gezongen door de zes muzikanten samen en zorgen aldus voor een koerswijziging in het muzikale landschap: tegelijk vegen ze de vloer aan met de hardnekkige mythe dat jazzmuzikanten niet kunnen zingen. In de kern speelt FatDog folk waarbij het jazzelement vooral gebracht wordt door de blaasinstrumenten. Fans van Europese jigs, reels, zeemansliederen, folk- en rootsmuziek zullen hier absoluut hun gading vinden en niet alleen zij.
publieksprijs: 13,15



SIMO LAGNAWI – The Gnawa Berber

SIMO LAGNAWI – The Gnawa Berber

Simo Lagnawi is een Mâalem (een Gnawa-meester-muzikant) uit Marokko en wordt aanzien als de belangrijkste hedendaagse vertolker van Gnawa in de UK. Zijn optredens bevatten naast zang en muziek ook acrobatische dans. Gnawa is de sacrale en spirituele trancemuziek van de nazaten van de slaven die dwars door de Sahara naar Noord-Afrika werden gedeporteerd. Traditioneel wordt deze repetitieve, hypnotische muziek -samen met rituele gezangen, poëzie, genezing en dans- gespeeld op Lilas (nachtelijke vieringen) waarbij aloude geesten worden opgeroepen. De vertolkers staan in hoog aanzien in Marokko. De Mâalem leidt zijn groep in vraag-en-antwoord-gezangen met zijn guembri (een driesnarige bas bedekt met kamelenhuid). De metalen krakebs zorgen samen met bellen, trommels en handgeklap voor de ritmische ondersteuning. ‘The Gnawa Berber’ is in bijna letterlijke zin een solo-album: slechts op 3 tracks wordt Lagnawi begeleid door telkens 1 verschillend instrument. We leerden Lagnawi vorig jaar kennen via het album ‘Gnawa London’; hij won toen ook Battle Of The Bands van World Music Network en eerder dit jaar prijkte hij al op ‘The Rough Guide to The Best African Music You’ve Never Heard’. De muziek op dit album komt uit de Sahara-, Hausa- en Bambaratraditie. Aangezien Lagnawi de enige vocalist is op dit album worden de vocale harmonieën van de karakteristieke vraag-en-antwoord-gezangen vervangen door overdubs. Lagnawi creëert een hoogst persoonlijk klanktapijt met een intense live-spirit en slaagt er in de focus zeer strak te houden. De stemmingen variëren van eerder loom tot hoogst opgeladen. Lagnawi bespeelt de guembri (het belangrijkste instrument op dit album) op een zeer bluesy en gevoelvolle manier: dit vormt een zeer stevige onderbouw voor de vele stemmingsfluctuaties in de composities. Bij ons zal deze muziek wel nooit populair worden maar ze verdient ten volle jullie aandacht, ook al vraagt beluistering ervan veel inspanning en uithoudingsvermogen.
publieksprijs: 13,15



OLCAY BAYIR – Neva / Harmony

OLCAY BAYIR – Neva / Harmony

De liederen op ‘Neva’ zijn op 1 na traditionals die oude verhalen van Anatolische liefde en mysterie vertellen: het grootste deel is al enkele eeuwen oud. De Turks-Koerdische zangeres Olcay Bayir leeft nu in London en is een klassiek getrainde sopraan. Op haar debuutalbum gaat haar westerse training gezwind hand in hand met haar passie voor het rijke muzikale erfgoed van haar Anatolische thuisland. Met haar uitzonderlijk fluwelen stem vervaardigt ze complexe en ongebruikelijke melodische frases, aparte melodieën en bekoorlijke, rijkelijk gelaagde muzikale structuren: ze doet dit alles als een waarachtige ambachtsvrouw. Ze zingt in een hoge stemomvang, die doorheen complex versierde figuren glijdt, met een behendige en naturelle ongedwongenheid. Anatolië is de meest westelijke regio van Azië en is omringd door de Zwarte, de Middellandse en de Egeïsche Zee. Historisch grenst het aan Griekenland, Bulgarije, Azerbeidzjan, Iran, Irak en Syrië. Olcay Bayir geeft aan dat de verschillende culturen in de regio elkaar overlappen en in elkaar overvloeien tot in het kleinste hoekje. Haar album verheerlijkt de Anatolische cultuur als een geheel, een symbiose die bijeengebracht is uit vele delen. Haar missie wordt overduidelijk in haar keuze om haar eigen versies van folksongs te arrangeren en uit te voeren: we horen hier melodieën uit o.m. Albanië, Armenië, Koerdistan, de Balkan…. tot Sefardische muziek toe. Olcay’s vader is een ashik, een mystische muzikale troubadour. Als gevolg daarvan was haar opvoeding rijkelijk doorweekt van muzikale activiteit en toen ze 6 jaar was begon ze te componeren. Toen ze 17 was trok ze naar London en ging ze klassieke opera studeren. De integriteit van de Anatolische folkmuziek als inspiratie is onvermijdelijk voor Bayir: ze noemt het haar ontdekking van de kracht van cultuur en trots verkondigt ze dat haar erfgoed haar maakt tot wie ze is. Veel van de liederen op dit album hoorde ze voor haar zingen toen ze nog een kind was. Ze zijn onderdeel van haar geschiedenis, haar familie en haar toekomst. Toch is Bayir geen conventionele en stereotiepe folkzangeres: ze re-interpreteert op unieke wijze deze oude liederen in haar eigen, onnavolgbare creatieve stijl. Ook de Londense scene heeft haar stempel gedrukt op het werk van Bayir: de smeltkroes van internationale klanken hebben haar geïnspireerd om haar musiceren te benaderen vanuit een wijdopen universeel perspectief. De muzikanten op dit album komen uit Turkije, Griekenland, Wales, Engeland, Venezuela en Albanië. Bayir’s uitzonderlijke benadering van harmonie is opmerkelijk: ze versmelt Turkse maqam en modaliteit met westerse tonale harmonie. Olcay Bayir’s fijngevoelige portret van de Anatolische cultuur schetst schaduw en licht op het fascinerende muzikale tussenspel van de regio. ‘Neva / Harmony’ is een verbluffend en betoverend werkstuk dat meteen goed is voor de veertiende titel voor de ultieme playlist van 2014 en dus ook voor jullie verplichte leerstof. We nomineren het ook voor de virtuele rubriek ‘debuut van het jaar’ en dat doen we ook met Olcay Bayir voor ‘ontdekking van het jaar’.
publieksprijs: 13,15



GOUD VAN OUD



KAYAH i BREGOVIC – Kayah i Bregovic

KAYAH i BREGOVIC – Kayah i Bregovic

Bouwjaar: 1999.
Een aantal onder jullie denken nu misschien: die van Oxfam Brugge zijn daar weer eens met hun Bregovic. Maar deze keer is het ons in de eerste plaats te doen om KAYAH, de artiestennaam voor Katarzyna Rooijens (geboren als Katarzyna Szczot), een Poolse zangeres en liedjesschrijfster die bijzonder goed boert in haar thuisland. Kayah doorzwom zeer uiteenlopende stijlen en in 1999 ging ze scheep met onze huisfavoriet Goran Bregovic die met de regelmaat van een klok deze pagina’s teistert. Op 1 traditional na zijn alle composities op deze cd van de hand van Bregovic en horen we hier herbewerkingen van bestaande opnames; de meeste teksten werden door Kayah vertaald naar het Pools, enkele zijn van de hand van Kayah zelf. ‘Kayah i Bregovic’ was alleen al in Polen goed voor een verkoop van 850.000 ex.! De stem van Kayah is uiterst krachtig, donker, smeulend, geheel en al verleidelijk en ze heeft de totale controle over haar instrument. Ze bewijst hier ook meerdere stijlen aan te kunnen en daar zal haar muzikale verleden wellicht niet vreemd aan zijn. Bregovic is hier niet aan zijn proefstuk toe in samenwerkingen met artiesten van vreemde origine. Naast occasionele opnames met o.m. Iggy Pop, Scott Walker, Ofra Haza, Shantel en Cesaria Evora maakte hij al full albums met Giorgos Dalaras, de nobele onbekende Pool Krzysztof Krwaczyk en Sezen Aksu, met wie hij de absolute klassieker ‘Dügün ve Cenaze’ in elkaar knutselde. Hoewel het bij deze duo-albums deels herwerkingen van dezelfde composities betreft slaagt Bregovic er telkens weer in die individueel te hertalen naar de respectieve vertolkers. Over de achtergrond en het belang van de muziek van Bregovic kunnen jullie uitgebreid lezen in het cd-nieuws van april 2011. Waar de samenwerking met Sezen Aksu toch nog vooral een album was van Goran Bregovic and his Wedding and Funeral Band met weliswaar een Turkse leadzangeres nadrukkelijk op de voorgrond horen we hier veel meer een album van een zangeres die werk van Bregovic vertolkt en is de invloed van Bregovic daarnaast vooral te horen in zijn arrangementen (met alle klassieke ingrediënten), die symbiotisch zijn met de uitzonderlijke stem van Kayah.
publieksprijs: 10,05
Meer van deze artiesten: ‘Kayah i Bregovic’ is het enige album van Kayah dat alhier verkrijgbaar is. Voor een overzicht van het werk van Goran Bregovic verwijzen we jullie naar het cd-nieuws van april 2011.



SONG VAN DE MAAND

OLCAY BAYIR – Lay Lay



KOOPJES VAN DE MAAND

GORAN BREGOVIC – Alkohol Sljivovica & Champagne

Ja, daar zijn we weer met onze Bregovic, als jullie dat nu fijn vinden of niet. Maar dit meesterwerk aan zo’n bodemprijs kan je toch niet laten liggen. Ook dat andere meesterwerk, ‘Underground’, is nog steeds verkrijgbaar aan dezelfde bodemprijs; voor ons part mag zijn volledige backcatalogue hetzelfde lot ondergaan.
publieksprijs: 9,20

‘THE ART of FLAMENCO’ (compilatie)

Deze spotgoedkope box is thematisch ingedeeld.
Cd1: ‘Dedicado A Camarón’; met bijdragen van o.m. Tomatito, Camarón De La Isla, Antonio Rey, Carmen Linares, Enrique Morente, Paco de Lucía.
Cd2: ‘Tabernas De Triana’; met bijdragen van o.m. Tomatito, Enrique Morente, El Lebrijano.
Cd3: ‘El Desamor’; met bijdragen van o.m. Buika, Tomatito, Gerardo Nuñez.
publieksprijs: 13,70 (3 cd)