Muzieknieuws maart 2015

MUZIEK OP VINYL

Vinyl is al een tijd weer aan een opgang bezig en daarom willen wij het ook hier opnieuw introduceren, zij het niet in onze fysieke winkel maar enkel online. Wij zullen hier maandelijks een update geven van de nieuwe vinylreleases. Geïnteresseerden kunnen bestellen in onze winkel of op cd@oxfambrugge.be. Wanneer je bestelling binnen is laten we dat weten via email; die bestelling kan dan afgehaald worden in de winkel en indien nodig kunnen wij die ook versturen: de verzendkosten die wij hanteren zijn de officiële tarieven van De Post.

NIEUWE VINYLRELEASES

- SAMBA TOURÉ – Gandadiko
publieksprijs: 21,35
- BOB MARLEY & THE WAILERS – Easy Skanking Boston ‘78
publieksprijs: 25,40 (2 lp)
- CHANCHA VIA CIRCUITO – Amansara
publieksprijs: 25,30
- DENGUE FEVER – The Deepest Lake
publieksprijs: 20,25
- ONOM AGEMO and the DISCO JUMPERS – Cranes And Carpets
publieksprijs: 18,75
- SCIENTIST –The Dub Album They Didn’t Want You To Hear
publieksprijs: 18,75
- ZION TRAIN – Land Of The Blind
publieksprijs: 20,25 (2 lp)
- NNEKA – My Fairy Tales
publieksprijs: 18,00
- JAH LIFE – Jah Life In Dub
publieksprijs: 23,10
- ‘The ROUGH GUIDE to INDIAN CLASSICAL MUSIC’
+ gratis downloadkaart met extra muziek
+ bonus lp: DEBASHISH BHATTACHARYA – 3: Calcutta Slide Guitar
publieksprijs: 13,15 (2 lp + download)
- ‘The ROUGH GUIDE to ARABIC JAZZ’
+ bonus lp: HIJAZ – Chemsi
publieksprijs: 13,15 (2 lp)


BOUBACAR TRAORÉ – Mbalimaou

BOUBACAR TRAORÉ – Mbalimaou

Boubacar Traoré, a.k.a. Kar Kar, is een van de grootste Afrikaanse bluesmannen. Hij vertegenwoordigt de schoonheid van de Afrikaanse blues en heeft een uniek en wonderlijk stemgeluid. In de jaren 60 was hij een ster in Mali: men noemde hem de Malinese Chuck Berry. Daarna deemsterde hij wat weg maar in de jaren 80 en 90 werd hij herontdekt. In 2002 verbaasde hij de wereld met het album ‘Je Chanterai Pour Toi’, wellicht zijn beste ooit. 72 is hij inmiddels en nu zowel Ali Farka Touré en Lobi Traoré zijn heengegaan is Boubacar de eminentste bluesman uit Mali. “Als het maximum 5 is dan geef ik hem een 10”, zei Ali Farka Touré ooit over hem. Hij is een bescheiden maar zeer gerespecteerde selfmade man. Hij is nog een van de laatste levende artiesten die zijn carrière begon in de vroege dagen van de Malinese onafhankelijkheid. ‘Mbalimaou’ werd opgenomen in Bamako in een productie van Christian Mousset en Ballaké Sissoko en bij het horen van die laatste naam gaan onze over flapperen. In tegenstelling tot de meeste van zijn Afrikaanse bluesbroeders speelt Boubacar Traoré akoestische gitaar; samen met de n’goni, de kalebas, de karignan, de sokou, de kora en percussie allerhande zorgt die voor een rijke klank. Zonder ooit maar in de buurt te komen van een kopie zijn de gelijkenissen met Ali Farka Touré opmerkelijk. De klankkleur leunt zeer dicht aan bij het donkere en desolate van de Mississippi-blues maar de melodielijnen en de instrumenten zorgen ervoor dat het Afrikaanse karakter sterk aanwezig blijft. Zijn uiterst karakterisiteke schorre zang en basale gitaarspel met subtiele intonaties zijn onnavolgbaar en Boubacar Traoré munt uit in grootse eenvoud en soberheid, elegantie, contemplatie en subtiliteit. Zijn soms hartverscheurende nostalgie en melancholie werken rustgevend. Tekstueel reflecteert hij voornamelijk over de toestand in en de toekomst van zijn land maar ook verder daarbuiten in Afrika en bij uitbreiding in de rest van de wereld. In die 50 jaar is er nauwelijks wat veranderd aan de muziek van Boubacar Traoré maar in al zijn bescheiden en sobere grootsheid deert dat geenszins: zijn mix van blues en Malinese rootsmuziek, gebaseerd op khassonkéritmes (met een bijzondere vertolking van die ritmes door kalebasspeler Babah Koné) blijft intrigerend, fascinerend en aanstekelijk. Als ‘Je Chanterai Pour Toi’ wellicht zijn beste album ooit was dan is dit zeker zijn tweede beste ooit. Zéér straf plaatje! Lang mag hij leven! Jullie hadden het wellicht in de mot: bij deze nomineren we ‘Mbalimaou’ tot de eerste titel voor de ultieme playlist van van 2015 en dus ook voor jullie verplichte leerstof.
publieksprijs: 18,00



SAMBA TOURÉ – Gandadiko

SAMBA TOURÉ – Gandadiko

We blijven nog even in Mali: zanger/gitarist/songschrijver Samba Touré speelde lang geleden als leerling in de begeleidingsband van Ali Farka Touré. Zes jaar geleden bracht hij zijn internationaal debuut uit, ‘Songhaï Blues’, een eerbetoon aan zijn leermeester en inspirator. Twee jaar later was er dan ‘Crocodile Blues’, een album met al meer eigen gezicht. Nog eens 2 jaar later was er zijn derde album, ‘Albala’, waarop Samba Touré steeds dichter ging aanleunen bij de top van de West-Afrikaanse muziek en we misschien wel een hele grote in wording aan het werk hoorden. Samba Touré is een begenadigde gitarist en zingt krachtig en bezwerend. Op ‘Albala’ had het optimisme en de relaxte sfeer van zijn 2 vorige albums plaats gemaakt voor een uitdagende en donkere kant. In de Songhaï-taal betekent ‘Albala’ gevaar/risico: Samba Touré maakte zich zorgen over de wereld en meer specifiek over de situatie in het noorden van zijn thuisland Mali. Deze zorgen lieten zich ook voelen in de klank van dat album: ‘Albala’ was bij uitstek een donkere plaat in een subtiele en sobere productie van Chris Eckman (The Walkabouts) en met atmosferische bijdragen van Hugo Race (The Bad Seeds) op gitaar en keyboards. ‘Albala’ was woestijnblues met een uiterst scherpe rand die de luisteraar met de neus op de feiten drukte en waarbij de aaibaarheidsfactor nihil was: de kwaadheid van Samba Touré vertaalde zich in complexe, dreigende, hypnotiserende en repetitieve ondertonen in de arrangementen en vooral in een compromisloze sound zonder franjes, woestijnblues zoals we die nog maar zelden hadden gehoord. En dan is er nu zijn vierde album, ‘Gandadiko’: vertaald uit het Songhaï, zijn Malinese moedertaal, als ‘brandend land’ of ‘land van droogte’. Touré blijft bijzonder somber gestemd. Nu de VN-missie in Mali aanhoudend moeite heeft de situatie te controleren heeft Touré moeite zijn goede voornemens waar te maken. Die voornemens waren dat ‘Gandadiko’ een vrolijker album zou worden dan ‘Albala’, dat werd opgenomen ten tijde van de jihadistische terreur in het land. Ook deze nieuwe songs zijn geboren uit het conflict, maar toch klinken ze iets helderder en lichter, ook al liegen de teksten er weerom niet om, want Touré wil toch vooral een boodschap van hoop de wereld insturen. De muziek is doordrongen van een verbazingwekkende veerkracht en van de -ondanks alles- intrinsieke vreugde en opgewektheid van een land en zijn volk. Op ‘Gandadiko’ horen we een myriade muzikale structuren: van hypnotische inheemse, traditionele melodieën uit de Songhaï-erfenis over folkblues ingebed in vroege rock ‘n’ roll tot funky psychedelica. ‘Gandadiko’ is m.a.w. veel minder Maliblues dan zijn 3 voorgangers. De songs zijn omkaderd met een rusteloos eclecticisme en Touré’s gitaarspel was nooit zo angstwekkend, explorerend en rock and roll én tegelijkertijd verleidelijk. Maar er is ook veel ruimte voorzien voor traditionele instrumenten zoals ngoni, njurkel, kalebas, djembé, doun-doun, njarka, ngoni ba, tama en tama ba. Ondanks alle kwaadheid klonk Touré’s indrukwekkende stem nooit zo egaal en relaxt. Mali mag dan misschien een land van droogte zijn, in muzikaal opzicht geldt dat zeker niet: wild eclecticisme en experiment slaan wild om zich heen en talenten komen als paddestoelen uit de grond en deze gerijpte en zelfverzekerde Samba Touré is er daar één van en zeker niet een van de minste. Met ‘Gandadiko’ heeft Samba Touré zich nu wel definitief genesteld in de top van de West-Afrikaanse muziek.
publieksprijs: 18,00



AMSTERDAM KLEZMER BAND – Benja (Gangsters & Entertainers)

AMSTERDAM KLEZMER BAND – Benja (Gangsters & Entertainers)

Als we de tel niet kwijt zijn is ‘Benja’ het elfde album van de 7-koppige Amsterdam Klezmer Band. De groep begon 18 jaar geleden als een straatorkest dat traditionele Joodse dansmuziek speelde. Maar al snel groeide het orkest uit tot een ensemble dat vele stijlen aandurft. Hun muziek beperkt zich al lang niet meer tot klezmer en balkan: invloeden van diverse genres (o.a. uit Turkije, Oost-Europa en Noord-Afrika) hebben beetje bij beetje hun ingang gevonden en resulteerden vaak in een unieke mishmash van klezmer en balkan met scherpe percussie en elektronica alsook in een vaak uitzinnige crash die ons bij momenten deed denken aan The Kyteman Orchestra. Hun muziek baadt in een variatie van uiteenlopende genres en maatsoorten (sirba, turbo polka, cocek, oom-pah, oneven maatsoorten). Hun spel is steeds virtuoos en de speelvreugde en het jolijt lopen er van af. AKB brengt dansmuziek par excellence die ook de meest weerbarstige strijkplanken overstag doet gaan. Klezmerfans zullen het wellicht niet fijn vinden dat instrumenten als de viool en de tsimbl ondertussen achterwege werden gelaten en dat de groep steeds meer hun toevlucht nam tot geprogrammeerde geluiden, maar so be it. Hoe dan ook voegde die stapsgewijze koerswijziging een nieuwe dimensie toe aan het groepsgeluid en ook aan klezmer. In tegenstelling tot bij traditionele klezmer wordt bij AKB veel gezongen en in het geval van frontman Job Chajes is dat een uitstekende zaak: zijn zang en raps zijn een lieve lust voor de oren. Vaak wordt AKB de ‘Magnificent Seven van klezmer en balkan’ genoemd. Ze hebben een ijzersterke live-reputatie: waar AKB is langsgeweest, daar is het feest geweest. Maar niet alles is feestgedruis, er is ook voldoende ruimte voor de humor en de melancholie, eigen aan klezmer en balkan. Niet enkel in Europa heeft dit gezelschap een enthousiaste achterban, maar ook in Turkije, Brazilië, de VS en Canada. Ze zijn graag geziene gasten op festivals en ook onder collega-muzikanten is de band geliefd: regelmatig worden hun nummers gecoverd en geremixed (o.a. door Shantel); deze remixes zijn ook wereldwijd te horen in clubs. Voor ‘Benja’ heeft AKB een avondvullend theatermuziekprogramma gecomponeerd dat gebaseerd is op de geschriften van Isaak Babel over de ‘bandietkoning’ Benya Krik en geregisseerd werd door Dick Hauser (voor de oudjes onder jullie: wie herinnert zich nog Hauser Orkater?). Het verhaal situeert zich in het begin van de vorige eeuw in Odessa, Oekraïne. Een kleine minderheid verrijkt zich met de graanhandel. Het grootste deel van de inwoners van de havenstad leeft in armoede; in deze toestand gedijen criminele bendes. Benya Krik heerst over de stad als de onbetwiste leider van de Joodse onderwereld. Babel schreef diverse grappige en opwindende verhalen over dit karakter. De muzikale opvoering is gebaseerd op de volgende plot: iedereen is aanwezig op de bruiloft van Benya’s zuster. Alles verloopt volgens plan tot het nieuws komt aangewaaid dat de pas benoemde politiechef van plan is zijn gezag te doen gelden door Benya’s bende op te rollen. Het antwoord van de bandietkoning is even eenvoudig als brutaal…. Hij is iedereen te slim af en maakt tenslotte aanspraak op de hoofdvogel: de hand van de dochter van de koning van de zuivelfabriek van Odessa. Tijdens de theatervoorstelling ‘Benja, gangsters & entertainers’ wisselt de groep muziek af met anekdotes uit het verhaal. Waar AKB op enkele recente albums beroep deed op gastmuzikanten en elektronica keert de groep nu terug naar de akoestische basisbezetting (altsax, zang, trompet, klarinet, accordeon, percussie, contrabas, trombone): ondanks de toegevoegde waarde die de uitbreiding betekende is deze terugkeer naar de oorspronkelijke formule ook een verademing. De tragere liederen worden gedragen door de doodgraversstem van Alec Kopyt, afkomstig uit…. Odessa. In de liederen waarin trompettist Gijs Levelt en klarinettist Janfie van Strien op de voorgrond treden met hun lyrische solo’s krijgen we een andere kant van de band zien. Verder worden zowat alle troeven uitgespeeld die we hoger in deze bespreking beschreven, zij het dat AKB op ‘Benja’ wel bedaarder en intiemer klinkt dan op hun 3 voorgaande albums, ‘Katla’, ‘Mokum’ en ‘Blitzmash’, maar dat kan geenszins de pret drukken, ook al omdat naar het einde toe het feestgedruis toch weer losbarst: het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Aldus is ‘Benja’ alweer een proeve van vakmanschap pur sang ons toegeleverd door een huis van vertrouwen.
publieksprijs: 20,40



TARAF de HAÏDOUKS – Of Lovers, Gamblers And Parachute Skirts

TARAF de HAÏDOUKS – Of Lovers, Gamblers And Parachute Skirts

Taraf de Haïdouks, uit Clejani - Roemenië, is ongetwijfeld één van de allerbeste zigeunerorkesten. Een ‘taraf’ is in Roemenië een klein volksmuziekensemble en ‘haïdouk’ is een woord van Turkse oorsprong en betekent ‘rebel’. Het orkest bestaat 25 jaar en dat wordt gevierd met ‘Of Lovers, Gamblers And Parachute Skirts’, waarop ze terugblikken op de muziek waarmee ze 25 jaar terug de balkanmuziek, en in het bijzonder die van de Lautaricultuur (traditionele Rom), introduceerden in West-Europa: zigeunerballades, liefdesliederen, dansmuziek, Turkse ritmes en melodieën. Dit orkest is van vele markten thuis: ze werkten al samen met Kocani Orkestar en Kronos Quartet, speelden in films van Tony Gatlif en met Johnny Depp en waagden zich ook al aan werk van klassieke componisten als Bartók, Khatchatourian, Albeniz…. Ze waren ook al mannequins voor een show van de Japanse couturier Yohji Yamamoto. Dit is het eerste album sinds de dood van de 4 oudste muzikanten maar ondertussen is een nieuwe generatie (de derde) opgestaan waaronder sommige ex-leden zoals zanger Tsagoi (zoon van Neacsu), zanger Gheorghe Manole (zoon van Ion Manole) en de naar verluidt flamboyante zangeres Viorica Rudareasa. Met dit verjaardagsalbum wil de nieuwe generatie ook hulde betonen aan de oudste generatie. In tegenstelling tot vele andere balkanmuziek staan bij TdH niet de koperblazers maar wel violen en fluit centraal met belangrijke bijrollen voor accordeon, cymbalum en klarinet. De wat gekke titel van dit album is niet zomaar uit de lucht gegrepen want ‘Clejani Love Song’ is een nieuwe interpretatie van een traditioneel liefdeslied uit Clejani (dat op hun debuutalbum staat), opener ‘Balalau From Bucharest’ gaat over een muzikant die al gokkend en vechtend een geduchte reputatie opbouwt en ‘I’ve Got A Parachute Skirt’ is een ondeugend lied waarin een vrouw klaagt over de lange afwezigheden van haar man en er openlijk voor uitkomt klaar te zijn om andere mannen onder haar rokken te laten kijken. Eeuwenoude bezielde en aangrijpend en doorleefd gezongen ballades worden afgewisseld met bliksemsnelle, dolle, wervelende en zeer energieke dansmuziek met opzwepende Turkse ritmes en zo liggen de ervaring en de bezieling van de oudere muzikanten mooi in balans met de snelheid en de energie van de jongere (de jongste is 20, de oudste 80). ‘Of Lovers….’ is een perfect samengaan van melancholie, vreugde en feest. Wij zijn wát blij dat de Haïdouks na 4 jaar terug zijn: ze hebben nog niets van hun rauwheid, virtuositeit en authenticiteit verloren die ze al 25 jaar tentoonspreiden. En ook daarom is ‘Of Lovers, Gamblers And Parachute Skirts’ de tweede titel voor de ultieme playlist van 2015 en dus ook voor jullie verplichte leerstof.
publieksprijs: 16,45



BAHTO DELO DELO – Tagoi

BAHTO DELO DELO – Tagoi

Wel wel, wie we nu treffen, het is alsof de duvel ermee gemoeid is: zanger en accordeonist Marin ‘Tagoi’ Sandu, zoon van Neacsu (zie hierboven bij Taraf de Haïdouks), maar dan nu als orkestleider van Bahto Delo Delo. Ook BDD speelt muziek uit de traditionele Roemeense Lautaricultuur. Tagoi startte met muziek leren toen hij 8 was en nu hij er 64 is beheerst hij een zeer uitgebreid repertoire Romani- en Lautarimuziek. Hij woont nog steeds in het mythische plaatsje Clejani. ‘Tagoi’ is het eerste album van BDD en hun instrumentarium bestaat uit accordeon, cymbalum en contrabas. Het slotnummer is integraal gereserveerd voor zijn zoon Stefane op accordeon en zijn kleinzoon Helmut Aurelian op darbuka. Het album werd gereleased op het LM Dupli-cation label van het Amerikaanse duo A Hawk And A Hacksaw, bijzondere promotors van Balkanmuziek. Net als Taraf de Haïdouks blikt Bahto Delo Delo vooral terug op het verleden van de Roemeense muziek en ze vertolkt die op zeer traditionele wijze met als voornaamste kenmerk de zeer behendige en virtuoze wisselwerking tussen de muzikanten. Dat Tagoi een uitstekende zanger is wisten we al van bij Taraf de Haïdouks. Wat we hier te horen krijgen is traditionele muziek pur sang van hoge kwaliteit die wellicht de liefhebber van meer hedendaagse wereldmuziek moeilijk zal kunnen bekoren maar die ieders aandacht ten zeerste verdient.
publieksprijs: 17,10



YASMIN LEVY – Tango (cd/dvd)

YASMIN LEVY – Tango (cd/dvd)

Het handelsmerk van de Israëlische zangeres Yasmin Levy is ladino, de taal en de muziek van de Sefardische joden die in 1492 uit Spanje werden verdreven en zich daarna over een groot deel van het Middellandse Zeegebied verspreidden, om het begrip summier te verklaren. In de loop der jaren heeft Levy echter een eigen world fusion gecreëerd met plaats voor flamenco, tango en fado. De stap naar een tango-album is dus veel kleiner dan men zou kunnen vermoeden. Bovendien zijn drama en passie al altijd dada’s van Levy geweest, soms op het ergerlijke af wanneer een hoog pathos-, sentiment- en schmaltz-gehalte de kop opstak en aldus afbreuk deed aan haar fantastische stemgeluid. Deze cd en dvd werden opgenomen in Tel Aviv Performing Arts Centre samen met The Israel Netanya Kibbutz Orchestra o.l.v. dirigent Yaron Gottfried. Yasmin Levy zelf verklaart dat dit niet zomaar een eenmalige uitstap is maar dat, nu ze zichzelf helemaal in het genre heeft ondergedompeld en er ook voor gevallen is, tango een integraal deel van haar wereld is geworden. De keuze voor een groot orkest als begeleiding mag dan wellicht niet als vanzelfsprekend ervaren worden en menige tangopurist zal hier misschien de neus voor ophalen maar wij waren alvast zeer benieuwd en hebben ons bij beluistering helemaal opengesteld, ondanks onze reserves voor la Levy. De composities die ze hier vertolkt maken deel uit van het tango-erfgoed en zijn van de hand van o.m. Carlos Gardel en Astor Piazzolla, om maar de bekendste te vermelden. De belangrijkste thema’s zijn liefde, weemoed en pijn en met de vertolking daarvan weet Levy als geen ander raad. Het dient gezegd dat Levy zich het genre geheel eigen heeft gemaakt, meer zelfs, het klinkt alsof ze nooit iets anders gezongen heeft. Haar indrukwekkend krachtige en emotionele stem trekt alle aandacht naar zich toe, ook al speelt het orkest een niet te onderschatten ondersteunende rol. De gewaagde keuze voor een kamerorkest is een zeer geslaagde zet; naast dit orkest is ook nog een belangrijke en begrijpelijke rol weggelegd voor de bandoneon. ‘Tango’ van Yasmin Levy is zondermeer een briljante en impressionante move.
publieksprijs: 19,70 (cd + dvd)



EL JUNTACADÁVERES – Twists And Turns

EL JUNTACADÁVERES – Twists And Turns

We blijven nog even in Argentijnse sferen, maar dan wel op Belgische bodem. El Juntacadáveres(‘De Lijkenbrigade’) is een achtkoppige (voorheen zevenkoppige) Belgisch-Argentijnse formatie, opgetrokken rond de Argentijnse multi-instrumentalist, componist en producer Enrique Noviello die ook voor bijna alle composities en teksten tekent. In 2011 wonnen ze de Mano Mundo Muziekwedstrijd en sindsdien ging het pijlsnel vooruit, zeker sinds ze het voorprogramma voor Gotan Project verzorgden. De muzikanten komen uit diverse muzikale stromingen en dat is er ook aan te horen. Allen maakten ze ook al deel uit van orkesten uit Buenos Aires en enkelen werkten ook jaren aan de zijde van Alfredo Marcucci, wat alvast een behoorlijke referentie is. Twee jaar geleden debuteerden ze met ‘De Platino’, een stomende, dampende, krachtige en energieke mix van tango, rock, hiphop, electro, reggae…. Het resultaat was een fijne en eigenzinnige mix van de traditionele stijl van de tango-orkesten en de opstandige stijl van de hedendaagse tangoscene. Vanuit de tango bouwden ze een geheel eigen universum uit en Gotan Project, Otros Aires en consoorten hadden 8 toffe broers/neven/ooms bij. En dan is er nu de opvolger ‘Twists And Turns’, waarop ze verder bouwen op dat geslaagde debuut. Tango en milonga blijven de basis van hun muziek maar ze blijven verder experimenteren met allerlei genres en sferen en gaan daarbij lekker loos met rock, funk, hiphop, reggae, scratch, rap, cumbia, jazz, latin….(verklaart dit de titel van het album?). En daar knelt het schoentje toch wel een beetje: trop is soms te veel en dat maakt van ‘Twists And Turns’ o.i. een minder coherent album dan ‘De Platino’. Soms verraden enkel nog de bandoneons dat we hier ook nog met tango en milonga te maken hebben. Fusie krijgt van ons een volmondig ja, maar dat mag niet ten koste gaan van de cohesie en op dit album lossen El Juntacadáveres wel eens de rol. We horen hier ook nog een Turkse tango met de Turkse zangeres Sema Moritz; waar Turkse tango voor staat weten we sinds vorig jaar door toedoen van Sevval Sam en haar hartverwarmende album ‘Tango’. En alsof dit alles nog niet volstaat wordt er op ‘Infierno Azul’ ook nog eens gerapt in ’t Antwaarps en waar dat voor staat en op slaat weten we al veel langer (sorry voor deze uiterst flauwe grap). Zo enthousiast we waren bij hun debuut, bijna zo ontgoocheld zijn we bij de opvolger.
publieksprijs: 20,40



AMARISZI – Nine Balkan Nights

AMARISZI – Nine Balkan Nights

Amariszi is een Nederlands 12-koppig ensemble wiens muziek grotendeels geïnspireerd is door klanken uit de Balkan maar we horen ook flarden swingjazz, reggae, rock and roll en musette. In 2012 debuteerde de band met ‘Balkan Chaotika’ en ‘Nine Balkan Nights’ is de opvolger. Er wordt gezongen in Nederlands, Frans en Engels alsook in nog wat Slavische talen. In de zomer van 2013 reisde de groep door Bulgarije, Macedonië en Hongarije. Ze speelden o.m. op het wereldvermaarde Sziget festival en alle optredens tijdens hun reis werden opgenomen door een mobiele studio. Ze ontmoetten er ook lokale muzikanten en daarvan zijn er enkelen op deze cd te horen: naast ons nobele onbekenden zijn dat Galina Durmushliyska (ex-Le Mystère Des Voix Bulgares) en enkele leden van de Bulgaarse band Oratnitza. Voor de financiering van dit album sprak Amariszi hun fans aan om via crowdfunding de realisatie mogelijk te maken. Amariszi brengt vooral eigen werk maar we horen ook enkele Balkantraditionals en een cover van MahalaRaiBanda’s klassieker ‘Mahalageasca’. Dertien nummers lang horen we vrolijke, dansbare Balkanmuziek die echter helemaal niets toevoegt aan het genre. Voor verrassing of vernieuwing moet je hier niet aankloppen maar dat deerde de locals blijkbaar niet want de reacties ter plaatse waren zo te horen vrij enthousiast. Voor wie écht verfrissende en vernieuwende Balkanmuziek uit de Lage Landen op het bord wil kan terecht op dit ene adres: “onze” Orchestre International Du Vetex, die in de Balkan op handen gedragen wordt.
publieksprijs: 16,95



REBEL TUMBAO – Rebel Tumbao

REBEL TUMBAO – Rebel Tumbao

Dat goede muziek naast de adem benemen en de gevoelige snaar raken ook het bewustzijn kan binnendringen is al langer dan vandaag geweten. Sinds mensenheugenis hebben poëten en troubadours de fratsen van de politieke elite aan de kaak gesteld en de kansarmen op deze aardkloot een hart onder de riem gestoken. Rebel Tumbao zet die traditie voort op dit album dat ook een eerbetoon is aan Bob Marley (de helft van de songs op ‘Rebel Tumbao’ zijn van de hand van Marley), John Coltrane en andere geëngageerde artiesten alsook aan activisten zoals die van Occupy Wall Street. Het album is ook een reflectie over de offers die het zuidelijke deel van de wereldbevolking dagelijks brengt op het altaar van het gefortuneerde en geprivilegieerde deel. Ook dit album kwam deels tot stand via crowdfunding. De core van het 12-koppige Rebel Tumbao wordt gevormd door percussionist José Claussell (die we nog kennen van het orkest van Eddie Palmieri) en keyboardsspeler Matt Jenson, die keyboards en Bob Marley doceert aan Berklee College of Music. José’s broer, DJ Joaquin Claussell, stond in voor de productie. Zoals reeds aangehaald zijn zowat de helft van de songs van de hand van Bob Marley maar dat betekent geenszins dat dit een coveralbum geworden is. Zo wordt bv. ‘Them Belly Full’ gekoppeld aan 2 eigen composities van Matt Jenson en ‘Exodus’ aan ‘A Love Supreme’ van John Coltrane. Naast de eigen composities worden de Marleysongs volledig naar eigen hand gezet in een op rootsreggae, latin jazz en Afro-Cubaanse, Afro-Amerikaanse en Afro-Caraïbische muziek geïnspireerd brouwsel van hupse ritmes en melodieën met vurige percussie en pittige blazers op de voorgrond. De muziek is zeer gevoelvol en leunt qua sfeer nauw aan bij de jazzfunk uit de jaren 70. Naar onze zeer onbescheiden mening heeft Rebel Tumbao een indrukwekkend debuut afgeleverd.
publieksprijs: 17,10



MANIKA KAUR – I Bow To You Waheguru

MANIKA KAUR – I Bow To You Waheguru

Van kindsbeen verdiepte Manika Kaur zich in de complexe tradities van kirtan, lofmuziek van de Sikhs, en zong ze ook de muziek, ook al genoot ze geen formele opleiding en koesterde ze aanvankelijk geen professionele ambities. Maar hoe langer hoe meer kreeg ze tijdens het bidden ongenood melodieën en muzikale ideeën in haar hoofd. En zie, het kan verkeren, plots kwam de drang om te gaan opnemen. ‘I Bow To You Waheguru’ is haar tweede album met gastbijdragen van o.m. Talvin Singh, Rakesh Chaurasia, Bernhard Schimpelsberger en Jyotsna Srikanth (die we nog kennen van haar fascinerende en wervelende album ‘Call of Bangalore’). Kaur’s muzikale output is onafscheidelijk van haar spirituele erfgoed. Al haar liederen vloeien voort uit haar Sikhgeloof, uit de liederen en de sacrale verhalen die ze deelde met haar familie toen ze opgroeide in Australië. De zachte, fluwelen, rijke en weelderige stem van Kaur drijft doorheen dromerige lagen die gelegd worden door de diverse instrumenten en drones, die de traditionele gebeden en verhalen een ingetogen, emotionele en contemplatieve kracht en een meditatieve vastberadenheid bezorgen. Manika Kaur blijft zich de ganse cd door onverstoord laven aan haar spirituele bron, ook als de tabla en de percussie komen binnengerold. ‘I Bow to You Waheguru’ is aldus een evocatieve meditatie over Sikhspiritualiteit maar ook een sonische exploratie van hedendaagse Aziatische muziek. Voor wie zich kan inleven in de soms wel zeer zweverige klanken die hier neergezet worden zal dit album een ware ontdekking zijn. Voor alle anderen (waaronder ook wij een beetje): doe een kleine moeite of ga naar de volgende.
publieksprijs: 17,10



DENGUE FEVER – The Deepest Lake

DENGUE FEVER – The Deepest Lake

Vorig jaar maakten wij kennis met Dengue Fever op ‘The Rough Guide to Psychedelic Cambodia’. Dengue Fever is een Amerikaanse revivalband en hun recept bestaat uit psychedelische Khmer-pop, rock en sixties-surfrock, voornamelijk gezongen in Khmer door de uitstekende Cambodjaanse zangeres Chhom Nimol. Net als een groot deel van de bevolking werd die psychedelische muziek uitgeroeid in de tijd van de Rode Khmer maar ze leeft nog verder in het geheugen van de overlevenden als verbannen gekoesterde schatten van een verloren verleden. Hun muziek is een eerbetoon aan de muzikanten uit de muzikale ‘golden age’ van Cambodja en is dan ook overduidelijk gebaseerd op het werk van “de grote 3” uit die tijd, met name Sinn Sisamouth, Pan Ron en Ros Seresyothea. Dit gezelschap koos voor een wel vrij bizarre groepsnaam: dengue fever staat voor knokkelkoorts, een besmettelijke tropische ziekte die wordt veroorzaakt door het denguevirus. Verdere medische details zullen we u besparen. Dengue Fever werd aanvankelijk bekeken als een eigenzinnige maar vooral tijdelijke nieuwigheid uit Los Angeles maar mede door hun zeer stevige live-reputatie staat de groep er nog steeds. ‘The Deepest Lake’ is ondertussen reeds hun zevende album en naast de vertrouwde wegen slaan ze er nu ook enkele nieuwe in, zoals latin beats en Afrikaanse percussie. Wie over het hoge gimmickgehalte heen kan kijken zal een groep met een substantieel uitgebalanceerde klank en een eigen smoel kunnen ontdekken. In die zin was het misschien wat oneerbiedig om Dengue Fever in de aanvang van deze recensie te bestempelen als een revivalband, hoewel ze dat in essentie zijn, maar ze voegen best wel een extra dimensie toe. ‘The Deepest Lake’ is een aangename luisterervaring maar zal zeker niets aan het muzikale landschap wijzigen.
publieksprijs: 17,10



ONOM AGEMO and the DISCO JUMPERS – Cranes And Carpets

ONOM AGEMO and the DISCO JUMPERS – Cranes And Carpets

‘Cranes And Carpets’ is het debuut van dit integraal instrumentale kwintet uit Berlijn, met als spilfiguur multi-instrumentalist Johannes Schleiermacher (blazers, percussie, synths), dat een geheel eigen interpretatie brengt van afrofunk, afrobeat, ethiojazz en gnawa. De klas met jonge Europese groepen die zich hiermee onledig houden wordt met de dag groter en het klaslokaal is stilaan aan uitbreiding toe. Deze heren voegen nog een eigen dimensie toe, met name improvisatie, rauwe funk en veel electrogrooves die het geheel een wat psychedelische klankkleur meegeven. Alle composities zijn van de hand van globetrotter Schleiermacher en zijn geïnspireerd door zijn reiservaringen. Voor 1 track reisde de band naar Marokko om die op te nemen met Ismael Orchestra of Meknes, een Sufi Trance Brotherhood in de Issawatraditie. The Disco Jumpers spelen de pannen van het dak, zijn keien in improvisatie en gecontroleerde chaos en beheersen ten volle de Afrikaanse polyritmiek. Wat ze doen is eerst deconstrueren alvorens te reconstrueren. Je zou hun muziek ook kunnen labelen met de hippe term rare groove. ‘Cranes And Carpets’ is een bijzonder frisse ademstoot met een originele en unieke aanpak: maar toch schatten wij in de bleekschetenafro bandjes als Jungle By Night en Black Flower nog net ietsje hoger in.
publieksprijs: 19,10



PUTUMAYO

‘CELTIC CAFÉ’ (compilatie)

‘CELTIC CAFÉ’ (compilatie)

De archetypische locatie voor Keltische muziek is wis en zeker de pub, dé plaats voor het samenzijn en om een pint (of twee) te pakken, onder livebegeleiding van violen, doedelzakken en andere traditionele instrumenten. Naast de pub is er ook nog het café dat zich meer leent voor relaxt vertier en dito muziek. Mede door de groeiende koffiecultuur en singer-songwriterbeweging zijn cafés in Dublin, Edinburgh en vele andere plaatsen in de Keltische wereld alternatieve voorposten geworden voor de pubs. Deze compilatie wil zich profileren als een inspirerende soundtrack voor deze bloeiende scene. De Ierse zanger/fluitist Michael McGoldrick opent zeer overtuigend. Daarna is het de beurt aan een van de meest geliefde Schotse singer-songwriters, Dougie McLean, van wie Putumayo in 1995 een full album uitbracht. Ooit was hij lid van The Tannahill Weavers en hij is nog steeds verantwoordelijk voor de iconische song ‘Caledonia’, door velen beschouwd als Schotlands onofficiële nationale volkslied. Capercaillie is een van de populairste en invloedrijke bands in Schotland en is zowat een huisfavoriet bij Putumayo. De topnaam op deze compilatie is ongetwijfeld de met prijzen overladen Cara Dillon die al 5 zeer gewaardeerde albums op de wereld losliet en aldus naam en faam vergaarde. Verder werden wij nog bekoord door afsluiter Battlefield Band, een instituut in Schotland. Deze band zag het levenslicht in 1969 (ook al speelt geen enkel origineel lid nog mee): de gemeenschappelijke schakel over alle lineups heen is steeds de liefde voor de doedelzak als kerninstrument geweest. De groep bracht meer dan 30 albums uit en trad zowat overal ter wereld op. ‘Celtic Café’ brengt een goed uitgebalanceerd overzicht dat vele facetten van de Keltische muziek belicht. Voor de zoetgebekte koffie- en whisky-adepten onder jullie levert het infoboekje ook een recept voor Irish coffee mee. Voor de koffie en de suiker zit je alvast goed bij je plaatselijke Oxfamboer.
publieksprijs: 13,75


REGGAE

BACKBEAT SOUNDSYSTEM – Together Not Apart

BACKBEAT SOUNDSYSTEM – Together Not Apart

Reggaeband Backbeat Soundsystem is een Brits bleekschetenensemble en ‘Together Not Apart’ is het debuut van deze 8 heren. Ze spelen geen rootsreggae in de enge zin van het woord want doorspekt van allerlei invloeden zoals roots, ska, dance, funk, dub, dancehall en pop. Ze zijn zowat te situeren tussen de hedendaagse Amerikaanse bands SOJA en Rebelution. Toch zijn ze vooral in de leer gegaan bij de oude Britse reggaegarde: we horen hier meer dan vleugjes Steel Pulse, Maxi Priest, UB40, The Specials, The Beat en David Rodigan. BBSS produceert een energieke, vitale klank met vocale multi-tracks, sterke harmoniezang, weelderige blazers, stuwend retro-orgel, dubeffecten , dancehalltempo, catchy hooks, dominante bas en robuuste grooves van een hechte ritmesectie. Achter de albumtitel gaat ook nog een boodschap schuil: terwijl er vandaag in de wereld zoveel gebeurt dat mensen uit elkaar trekt en tegen elkaar opzet wil BBSS een gevoel van gemeenschap en samenhorigheid promoten. Deze boodschap werd alvast materieel geconcretiseerd bij de totstandkoming van dit album: die werd mogelijk gemaakt d.m.v. fundraising bij gelijkgestemden en genereuze fans (er werd 3 keer zoveel opgehaald als vooropgesteld). ‘Together Not Apart’ van Backbeat Soundsystem is een brok zeer levenslustige reggae met een groot hart. Het is een tijd geleden dat er nog zo’n sterk reggaedebuut kwam binnengewaaid en dat stemt ons vreugdevol. Reggae rules!
publieksprijs: 16,95


TRINITY – Eye To Eye

TRINITY – Eye To Eye

Trinity (echte naam: Wade Everald Brammer) wordt beschouwd als een van de beste Jamaicaanse DJ’s en is samen met o.m. U Roy, Dillinger en Big Youth ook een van de pioniers. Hij betrad podia in Europa, de VS en Japan. Hij werkte samen met o.a. Joe Gibbs en Vivian Jackson (Yabby You), wat als referentie kan tellen. Onder de namen Trinity en Junior Brammer bracht hij ook veel werk uit voor het legendarische label Channel 1. Hij nam zijn eerste single op in 1976 en een jaar later brak hij door met de hitsingle ‘Three Piece Suit’ die hij opnam voor Joe Gibbs. Op dit nieuwe album herwerkt Trinity originele opnames van o.m. Barrington Levy, Cornell Campbell, Gregory Isaacs, Dennis Brown, John Holt, Leroy Sibbles, Mighty Diamonds, Max Romeo…. Op dit oudstrijdersbal krioelt het dus van zeer gerespecteerde veteranen die mee garant staan voor een uitstekende playlist. De bewerkingen van deze klassieke riddims zijn onberispelijk en voegen een nieuwe dimensie toe aan de originelen; de vocalen zijn een streling voor de trommelvliezen en vooral bij de extended dj versions die het album sieren is het smullen geblazen. Dit sterke album is een aanrader voor al wie de hoogdagen van reggae in het hart draagt.
publieksprijs: 16,95


GOUD VAN OUD

SOUAD MASSI – Deb (heart broken) (cd/dvd)

SOUAD MASSI – Deb (heart broken) (cd/dvd)

Bouwjaar: 2003
Souad Massi is een Algerijnse (uit de Kabyleminderheid) zangeres, liedjesschrijfster en gitariste die sinds 1999 in Parijs woont en werkt. Ze debuteerde begin jaren 90 bij de Algerijnse politrockband Atakor, die muzikaal beïnvloed was door o.m. Led Zeppelin en U2. Ze was 7 jaar actief bij deze band die met haar politieke teksten en een groeiende populariteit een doelwit werd in Algerije. Massi vermomde zich door haar haar kort te knippen en mannenkleren te dragen maar dat kon niet beletten dat ze doodsbedreigingen ontving: in 1999 verliet ze de band en vluchtte ze naar Parijs. Nog datzelfde jaar werd ze uitgenodigd om op te treden op het Femmes d’Algérie festival in Parijs wat haar een platencontract opleverde. In 2001 debuteerde ze met het album ‘Raoui’ (storyteller), hoofdzakelijk gezongen in het Frans en het Arabisch. Het album werd meteen een succes, zowel wat de kritiek als de verkoop betreft. Twee jaar later verscheen ‘Deb’ (heart broken): wereldwijd werd dit één van de meest succesvolle Arabische muziekalbums. Wellicht is niets zo moeilijk voor een artiest als een opvolger maken voor een baanbrekend, nederig en aangrijpend mooi,artistiek rijp en stilistisch vernieuwend debuut waarmee Souad Massi menige harten en zielen had geroerd en aangegrepen. In de essentie verschilt ‘Deb’ niet zo heel veel van zijn voorganger: met haar breekbaar en evocatief stemgeluid vertolkt ze persoonlijke gedichten over onbeantwoorde liefde, eenzaamheid, angst, kommer en onrechtvaardigheid. Het verschil met’Raoui’ zit in de begeleiding: de emotionele vocalen worden nu niet ondersteund door een klein ensemble maar door een ambitieuze orkestrale productie. Flamencogitaren, darbuka, Braziliaanse percussie, ud, oosterse en westerse violen, tabla, bendir, Afrikaanse fluit en nog een en ander passeren alle de revue en vervangen de intimiteit van ‘Raoui’ door Parijse wereldsheid, al blijft er plaats voor intieme momenten. Deze gedurfde combinaties en het rijke muzikale klanktapijt leiden vaak tot gedurfde effecten en ondanks de grote variëteit aan stijlen (chanson, tango, wals, flamenco, rumba, soukous….), stemmingen, structuren, arrangementen en invloeden (Arabisch, Europees, Indiaas, Afrikaans….) is ‘Deb’ een uiterst consistent album. Voeg daarbij de gegevens dat Souad Massi een heel grote zangeres, gitariste en liedjesschrijfster is, dan kan je er donder op zeggen dat ‘Deb’ een heuse klassieker is van een grote dame. Het is hier genieten van a tot z maar onze kippevelmomenten reserveren we voor ‘Ech Edani’, ‘Le Bien Et Le Mal’ en ‘Moudja’. Massi zingt in het Arabisch, het Kabyle, het Frans en zo nu en dan in het Engels maar in het tekstboekje zijn alle teksten in het Engels afgedrukt. Ten tijde van ‘Raoui’ en ‘Deb’ werd ze vaak vergeleken met Tracey Chapman, o.i. onterecht. Op de bonus-dvd ‘Algeria in a Smile’ (52’) wordt ze gevraagd naar het waarom van die vergelijking, waarop ze droogjes en gevat antwoordt: “ik ben een vrouw en ik speel gitaar”.
publieksprijs: 16,45 (cd + dvd)
Meer van deze artieste:
Acoustic The Best Of Souad Massi (dvd) (bouwjaar: 2007; 19,90€)
Mesk Elil (honeysuckle) (2005; 16,45)
Ô Houria (liberty) (2010; 20,00)
The Definitive Collection (compilatie)(2013; 16,10).



CONCERTTIP

VICENTE AMIGO

Vicente Amigo









Geïnspireerd door de muziek van Paco de Lucía leerde Vicente gitaar bij Juan Muñoz (El Tomate, vader van Tomatito) en Manolo Sanlucar. Daarna werkte hij samen met o.m. El Camarón de la Isla. Nog later startte hij een solocarrière en deelde hij ook vaak podia met o.a. Sting, Khaled, John McLaughlin…. Overal ter wereld worden zijn concerten bejubeld door publiek en pers. Hij concerteert op 20 maart in de Stadsschouwburg van Brugge en zal dat in de puurste vorm doen: de snarenvirtuoos omringd door cajùon, zang en gitaren. Volgens de organisatoren zal het publiek de duende aan den lijve kunnen ervaren in een rode pluche bonbonnière als summum van intimiteit. Zeg dat zij het gezegd hebben.
Bron: www.ccbrugge.be/evenement.

VERWACHT

BUENA VISTA SOCIAL CLUB – Lost and Found

publieksprijs: 18,15