Muzieknieuws mei 2015

WERELDVROUWEN

ANGÉLIQUE KIDJO – SINGS with the Orchestre Philharmonique Du Luxembourg

ANGÉLIQUE KIDJO – SINGS with the Orchestre Philharmonique Du Luxembourg

Angélique Kidjo is een imponerende vrouw die haar status en haar roem dankt aan zowel haar politieke moed en campagnewerk (in de cd-boekjes roept ze op om o.m. Oxfam te steunen) als aan haar opzwepende live performances. Haar albums daarentegen waren vaak van minder allooi tot ze vorig jaar eindelijk de hoge verwachtingen ook op een album inloste met ‘Eve’, een gedurfd, visionair, vaak wervelend en vooral tintelend werkstuk dat meteen goed was voor het hoogtepunt uit haar oeuvre en haar een tweede Grammy opleverde.‘Eve’ was opgedragen aan de vrouwen van Afrika en aan hun veerkracht en schoonheid en was genoemd naar Kidjo’s moeder. 10 vrouwenkoren uit dorpen in Benin stonden centraal op dat album. Het originele concept voor dit album met een filharmonisch orkest nam concrete vormen aan toen Kidjo haar grote droom realiseerde: haar muziek live brengen met een groot orkest. Dirigent Gast Waltzing, die al lang fan was van Kidjo, contacteerde haar zelf omdat hij geloofde dat hij iets bijzonder kon doen met orkestrale arrangementen van haar muziek. Kidjo was dit aanbod bijzonder genegen en dit resulteerde in een opvoering met een achtkoppig koor, Orchestre Philharmonique Du Luxembourg (110 muzikanten) en een klein combo. Waltzing capteerde daarbij perfect de energie en de complexiteit van de Afrikaanse ritmes en creëerde een originele fusie tussen de Europese klassieke wereld en de warmte en de schoonheid van de Afrikaanse muziek. Het album dat nu voortvloeit uit deze samenwerking bevat naast 2 nieuwe songs en 2 covers (‘Petite Fleur’ van Sidney Bechet en ‘Samba Pa Ti’ van Carlos Santana) een gereïnterpreteerde bloemlezing uit het oeuvre van Kidjo. Aldus is dit niet enkel een cross-culturele ervaring maar ook een opfrissing van de grootsheid en de verscheidenheid van dat oeuvre. ‘Sings’ combineert de statige eigenschappen van klassieke muziek met de afstandelijkheid van jazz en de vurigheid van Afrikaanse en Braziliaanse ritmes, dit alles voorzien van weelderige arrangementen van de hand van Waltzing. Met haar lenige, imposante en soulvolle stem zorgt Kidjo voor hoogstaand vocaal vuurwerk en samen met het koor gaat ze een pittige strijd aan met het orkest. Het eindresultaat is een tintelend, prikkelend, gedurfd en visionair werkstuk waarop enkel in het kleffe ‘Samba Pa Ti’ een steek valt.
publieksprijs: 18,00

GISELA JOÃO – Gisela João

GISELA JOÃO – Gisela João

Gisela João is de zoveelste nieuwe rijzende ster aan het firmament van de “nieuwe oude” fado. In maart was ze in België voor maar liefst acht concerten. De voorbije jaren is fado aan een opgemerkte heropleving bezig: na Amália Rodrigues lag het genre lange tijd in het verdomhoekje en werd het vooral beschouwd als toeristenmuziek, in casu amusementsmuzak in de fadorestaurants. In zo’n restaurant zette João ook haar eerste muzikale stappen. Dit debuutalbum dateert reeds van twee jaar terug maar werd pas recent hier gereleased. In Portugal werd het met tal van muziekprijzen bekroond. Ze wordt nu al dé fadista van de 21ste eeuw genoemd: dit soort voorbarige uitspraken zijn toch wel gevaarlijk en tricky. Haar benadering van fado is vrij traditioneel met de eenvoudige, klassieke begeleiding van Portugese gitaar, ritmegitaar en basgitaar. Haar verschijning op het podium is dan weer eerder atypisch fado: bij haar geen statige, zwarte gewaden. Ze verschijnt in kleurige, korte rokjes en doet geen moeite om haar tatoeages te verbergen: kortom, ze zou zo the girl next door kunnen zijn. In tegenstelling tot veel van haar collega’s communiceert João live niet enkel met haar stem: haar concerten zijn een full-body experience. Waar veel van haar leeftijdgenoten fado aanlengen met andere stijlen houdt Gisela João het strikt traditioneel. Zelf zegt ze daarover: “Ik hou van traditionele fado, puur en rauw.”. Wij zouden daar graag nog het trefwoord onversneden aan toevoegen, want niets op dit album spreekt de stelling van João tegen. Met haar krachtige, diepe, grenzeloos intense en expressieve stem vertolkt ze als weinig anderen op zeer overtuigende wijze het leven in al haar facetten en stemmingen. In Mouraria, waar ze woont en waar de wieg van de fado stond, zijn de mensen fier op haar en op het succes dat haar te beurt valt. Onze argwaan bij en onze huiver voor de her en der rondgestrooide superlatieven hebben wij na beluistering onmiddellijk laten varen: dit doorwrochte werkstuk is wel degelijk adembenemend, uiterst verrassend, levenslustig, sensueel, vurig, overweldigend…. (iemand nog een superlatief?). Wie echter depressief wordt van fado -en geloof ons, zulke mensen bestaan heus- kan deze muziek beter mijden. Maar aan alle anderen zeggen wij uit volle borst en zo hard als we kunnen: Gisela João is nu al een grote dame en zorgt met haar zeer overtuigende debuut voor de vierde titel voor de ultieme playlist van 2015 en dus ook voor jullie verplichte leerstof.
publieksprijs: 19,20

 Stillness

KIRAN AHLUWALIA – Sanata : Stillness

Zeven jaar geleden maakten we kennis met de zeer fijne cd ‘Wanderlust’ van de Indiaas-Canadese zangeres Kiran Ahluwalia, voorheen onbekend voor ons, hoewel dit reeds haar vierde cd was. Op dat album vertolkte zij Perzische en Punjabi ghazals. Drie jaar terug ging ze voor het album ‘Aam Zameen: Common Ground’ in zee met grote namen uit de Sahelblues: Terakaft, Tinariwen, Juldeh Camara en producer Justin Adams die samen met Ahluwalia’s echtgenoot/gitarist/co-arrangeur/producer Rez Abassi aan de knoppen zat. Het resultaat was een enthousiaste en warme cd die een ware lust voor het oor was en zowaar bij wijze van spreken een nieuw genre introduceerde: afro-indo. Naast een uitmuntende zangeres met een soepel, expressief, ongedwongen en karakteristiek stemgeluid is Kiran Ahluwalia ook een prijsbeest: zo won ze al o.m. de Songlines/WOMAD Best Newcomer of the Year Award 2009 en 2 JUNO’s (Canadese Grammy’s). Ahluwalia is een moderne exponent van de grote vocale tradities van India en Pakistan. Haar composities belichamen de essentie van Indiase muziek maar ze omarmt ook westerse (vooral jazz) en Afrikaanse (meer specifiek de Sahara) invloeden waarbij er verder geborduurd wordt op de patronen van het vorige album. Ook nu heeft harmoniumspeler Kiran Thakrar een zeer belangrijke inbreng in het geluid. De composities en arrangementen reflecteren de voortdurende zoektocht naar het creëren van tijdloze muziek in een moderne en globale context met een blik op de toekomst gericht waarbij tegelijkertijd een vitale lijn met het verleden in stand wordt gehouden. Haar teksten (in het Punjabi en in het infoboekje vertaald naar het Engels) behandelen het onbereikbare in de liefde en in het goddelijke, het realiseren van vrouwelijke begeerte door alle schaamte van zich af te gooien en de knopen waarin we vastzitten los te maken. Ahluwalia zingt met een groot vertrouwen en veel gevoel en wendbaarheid. Ondanks de overvloedig aanwezige kwaliteiten is dit album minder indringend dan zijn voorganger en klinkt het soms wat te geforceerd. En ook nu wordt er afgesloten met een compositie van Nusrat Fateh Ali Khan, met name ‘Lament’, die ook minder indruk maakt dan wat ze met ‘Mustt Mustt’ aanving, met name een onwaarschijnlijk eigenzinnige cover neerzetten.
publieksprijs: 16,10

IBEYI – Ibeyi

De 20-jarige tweelingzussen (ibeyi betekent tweeling in het Yoruba) Lisa-Kaindé en Naomi Diaz zijn dochters van de Cubaanse percussionist Miguel Anga Diaz die we kennen van zijn werk bij o.m. Buena Vista Social Club, Irakere, Afro-Cuban Allstars, Ibrahim Ferrer, Rubén González, Compay Segundo, Ry Cooder, Baba Sissoko…. Vader stierf toen de zussen elf waren en twee jaar geleden stierf ook nog eens hun oudere zus. Dit verklaart wellicht dat de grote thema’s op hun debuutalbum gemis en verdriet zijn, waarbij ze troost zoeken in de santería, een Cubaans traditioneel syncretisme dat stoelt op Afrikaanse volksreligies en het katholieke geloof, waarin diverse orishas (goden) worden vereerd. Het album is een eerbetoon aan hun vader (inclusief een sample van opnames van hem) en het lied ‘Yanira’ vereeuwigt hun oudere zus; bij aanvang van elk concert ontsteken ze twee kaarsen voor vader en zus. Naast vader en zuster waren ook nog vele andere geesten rond in de teksten. Hun moeder is de Frans-Venezolaanse zangeres Maya Dagnino, die ook fungeert als hun manager. Als kind leerden ze de cajón (het signatuurinstrument van vader) bespelen en bestudeerden ze de folksongs uit de Yorubacultuur, die nadrukkelijk aanwezig is op dit album. Ze zingen in het Engels, het Frans (geboren in Parijs) en in het Yoruba (deze Afrikaanse taal overleeft nog steeds in de gelijknamige religieuze gemeenschap in Cuba). Hun muziek is een eclectische hybride van Cubaanse folk, West-Afrikaanse tradities, hiphop, r&b, jazz, soul, triphop en nog een en ander. De klank stoelt op West-Afrikaanse ritmes en op spaarzame en licht bevreemdende elektronische beats en is behoorlijk minimalistisch en skeletaal (zang, keyboards, percussie). Met deze aanpak krijgt de Yorubatraditie een 21ste eeuws kleedje aangemeten. Ondanks de wat ijle klank klinkt deze muziek toch vol met veel emotie en intense spiritualiteit. Hun grootste troefkaart is hun zeer helder en bijna samensmeltend stemmenwerk dat zowel zingt als bidt en declameert: als referenties vermelden we o.m. Nina Simone, Björk, Kate Bush, Laïs maar bovenal klinken ze volstrekt uniek als Ibeyi. De stemming is vooral evocatief en in vele opzichten is dit album een uitgebreid ritueel, een consecratie van het leven en de liefde, zowel in het verleden als in het heden. ‘Ibeyi’ is een bijzonder overtuigende zelfverklaring en nu al één van de ontdekkingen van het jaar.
publieksprijs: 17,10



BUENA VISTA SOCIAL CLUB – Lost and Found

BUENA VISTA SOCIAL CLUB – Lost and Found

In 1997 verscheen het gelijknamige album van BVSC en het groeide uit tot het grootste commerciële succesverhaal ooit uit de wereldmuziek, Grammy Award incluis. Ten huize me, myself and i kan die plaat ons nog steeds niet beroeren, maar die meer dan negen miljoen kopers blijkbaar wel, en dan kunnen wij maar beter een toontje lager zingen en alle pretentie laten varen. In 2008 verscheen dan de dubbele live-cd ‘At Carnegie Hall’ en die uitgave zal voor de fans wellicht een welgekomen en te verantwoorden en te billijken gebeuren geweest zijn. En dan is er nu ‘Lost and Found’: het soort titel dat onze alertheidsantenne activeert. Naast livetracks bevat dit nieuwe album vooral kelderrestjes van de originele opnamesessies en niet eerder uitgebrachte opnames uit de nadagen van die originele sessies. Ondanks onze reserves hebben wij ook hier gedaan wat we bij elke nieuwe release doen: onze oren en vooral onze geest wijd open zetten. Helaas was dat geen pretje: hier wordt uiteraard uitstekend gemusiceerd maar onze voornaamste conclusies zijn dat barbecues en dinner party’s een soundtrack rijker zijn en dat de kassa weer zal rinkelen (zij het wellicht iets bescheidener). Ons rest nog één vraag: als die kelderrestjes echt zó goed zijn, waarom werden die destijds niet op het originele album geplaatst en worden die pas na 18 jaar vrijgegeven? Dit “nieuwe” album begeleidt de ‘Adios Tour’ (oef!) die BVSC (met nog 2 originele leden: Eliades Ochoa en Omara Portuondo) ook naar Brussel brengt, op 21 juni in de AB.
publieksprijs: 18,15

HAYTHAM SAFIA QU4RTET – Fresh Moods

HAYTHAM SAFIA QU4RTET – Fresh Moods

De nieuwe Nederlander Haytham Safia is een exponent van de bloeiende Palestijnse ud-scene, denk hierbij ook aan fijne lieden als Le Trio Joubran, Adel Salameh, Ahmad Al Khatib. We kennen Safia o.m. van bij de Nederlandse fusiegroep NO Blues en van zijn verbluffende cd ‘U’duet’. Zijn kwartet is samengesteld uit klassiek geschoolde muzikanten afkomstig uit diverse windstreken (Palestina, Soedan, Nederland). Ze zijn geboren in atheïstische, katholieke, joodse en islamitische families, in dorpen en steden in drie continenten, spreken verschillende talen en zijn opgegroeid met Arabische, Afrikaanse en Europese muziek. Maar bovenal zijn ze vier gepassioneerde muzikanten (ud, hobo, cello, percussie). Om hun tweede album te kunnen realiseren hadden ze nog een aanvullend budget nodig. Daarvoor deden ze via de stichting Voordekunst (www.voordekunst.nl) beroep op crowdfunding. Met een bijdrage van 20€ was iedere donateur verzekerd van een exemplaar nog voordat de cd in de winkel lag. Voor een groter bedrag was er nog meer mogelijk, zoals een privéles of een concert aan huis of in de buurt. Safia bracht tot op vandaag 10 albums uit, waarvan 2 met dit kwartet. Ook nu zijn, op 1 traditional na, alle composities van zijn hand. Het kwartet produceert sublieme world fusion met Arabische lyrische melodieën en Afrikaanse meesterlijke percussie in westerse (klassieke) arrangementen. Het spel en de klank zijn indrukwekkend; dit is rustgevende, lyrische, vaak melancholische, soms ingetogen en verstillende muziek pur sang maar tegelijkertijd is ze ook dynamisch, geestdriftig en gepassioneerd. Het spel van Safia doet denken aan 2 andere grootmeesters op de ud: de Libanees Marcel Khalife en de Irakees Munir Bashir. Ook de andere muzikanten -Hanneke Ramselaar op cello en verantwoordelijk voor de briljante arrangementen, Eva van de Poll op cello en Osama Mileegi op percussie- leveren een glansprestatie af. Dit is geen album van een solist die begeleid wordt: de muziek is wel degelijk uitmuntend groepswerk van een zeer goed geolied kwartet. Deze uiterst subtiele muziek zuigt moeiteloos de luisteraar aan en laat die bij momenten werkelijk verbluft en bijna ademloos achter.
publieksprijs: 18,70



BALKAN CLARINET SUMMIT – Many Languages - One Soul

BALKAN CLARINET SUMMIT – Many Languages - One Soul

Eerlijk toegegeven, het was met een dosis gezonde scepsis dat we dit nieuwe collectief benaderden. Dit is in de eerste plaats een initiatief van (het weliswaar gedegen) muzieklabel Piranha Musik en lijkt nogal op het idee van de vermaledijde ‘supergroep’. Het oorspronkelijke idee voor dit project is afkomstig van Wolfgang Pöhlmann, directeur van het Goethe Institut in Athene. Hun album ‘Many Languages - One Soul’ is een ambitieus project: het pretendeert de meest virtuoze klarinetspelers uit de talrijke muzikale Balkantradities bijeen te brengen om hen samen te laten improviseren en componeren en daarbij ook de diverse folktradities te verrijken met jazz en hedendaagse klassieke muziek. We willen nu al vooruitlopen op de eindbalans en aangeven dat onze scepsis heel snel was gaan lopen. Hoewel dit album live werd opgenomen in 9 steden in de Balkan en omstreken heeft het de helderheid van een studioalbum. De grootste troef van ‘Many Languages - One Soul’ is net dat wat die titel impliceert: de opmerkelijke diversiteit wordt samengehouden door thematische en stilistische fundamenten. Ondanks de aanwezigheid van verscheidene experimentele fragmenten is dit album in zekere zin toch een zeer traditionele collectie. Een andere grote troef van dit gezelschap is hun onwaarschijnlijke virtuositeit maar vooral dat die virtuositeit nooit de emotie, de diepgang en het karakter van de composities overschaduwen. De diverse stemmingen, texturen, kleuren en ritmes uit de muzikale Balkantradities komen evenwichtig aan bod. Het eindresultaat is een opmerkelijk gesofisticeerd, diep emotioneel, ontroerend, opwindend en compleet werk met een verbluffende complexiteit in de arrangementen. Dit werkstuk is een virtuoos, risicovol en zeer intens eerbetoon aan de folktraditie. Een samenvatting in drie woorden: ten zeerste aanbevolen.
publieksprijs: 17,05



THE VERY BEST – Makes A King   “mumachokela mafumu”

THE VERY BEST – Makes A King “mumachokela mafumu”

Zes jaar geleden was de debuut-cd ‘Warm Heart Of Africa’ van The Very Best veruit de ontdekking van dat jaar. Het was een grensoverschrijdende en -verleggende mix van westerse studiosnufjes en traditionele Afrikaanse zang en vibes die bij momenten als een ware culture clash klonk. In tegenstelling tot veel andere crossover klonk dit als een echte symbiose van 2 werelden, zoiets als the best of both worlds. Hun groepsnaam was dus helemaal niet onbescheiden want die cd was inderdaad very very good. The Very Best is een bijzondere samenwerking tussen de Malawische zanger Esau Mwamwaya , in het bezit van een bijzonder en emotief stemgeluid, en het Frans-Zweedse electro-productieteam Radioclit (allen opererend vanuit Londen). ‘Warm Heart Of Africa’ straalde magie, warmte en generositeit uit en was één van de meest vernieuwende en baanbrekende wereldmuziekalbums uit het voorbije decennium en een must in de collectie van elke muziekliefhebber. Drie jaar later ondergroeven de heren hun zorgvuldig opgebouwde reputatie, meer nog, ze speelden die reputatie genadeloos naar de vaantjes met de opvolger ‘MTMTMK’, een slap afkooksel van hun wonderdebuut. We schreven toen dat we die miskleun zedig met de mantel der liefde bedekten en dat ze van ons een joker kregen voor hun volgende plaat. En dan kan nu die joker worden ingezet want hier is dat derde album. Onze verwachting was niet een verrassingseffect: we hoopten vooral op een geslaagde herkansing en op een bevestiging van het immense talent. Het album werd opgenomen in Malawi met assistentie van enkele gasten zoals Baaba Maal, Jerere, Seye en Jutty Taylor. Mwamwaya zingt de meeste teksten in het Chichewa, in het tekstboekje vertaald naar het Engels. Die teksten behandelen recente problemen in Malawi zoals endemische armoede en politieke corruptie. Ondertussen is The Very Best herleid tot het duo Esau Mwamwaya en Johan Hugo; die laatste zegt het volgende over de sound van het nieuwe album: “This time we really wanted to make a record that could be played by a band; something really organic, so there’s not as many electronic instruments.”. Concreet betekent dit dat de klemtoon overhelt naar Afrika. De catchy zang van Mwamwaya doet de songs als hymnes klinken maar we missen vooral een diversiteit in tempo en dimensie en de zin voor avontuur: de nadruk ligt ons te veel op reflectie en contemplatie en de totaalklank schuurt soms vervaarlijk dicht tegen new age aan. Wat niet wegneemt dat we in de beste momenten een geïnspireerde combinatie van wereldwijd gescheiden muzikale invloeden horen. In de slechtste momenten horen we dan ook een stinker als ‘Mariana’. TVB is mainstream, té toegankelijk en té radiovriendelijk geworden. Graag sluiten we af met een flauw mopje: The Very Best zijn The Rather Good geworden.
publieksprijs: 19,70



LOS CALLEJEROS – Ukamao!

LOS CALLEJEROS – Ukamao!

Dit internationaal samengesteld Belgische gezelschap startte ooit als een samenwerkingsproject van 26 muzikanten, waarvan het grootste deel ondertussen hun eigen weg ging. Hun muziek kan nog het best omschreven worden als een bonte, enthousiaste, pretentieloze, vaak hilarische en prettig gestoorde mix van reggae, cumbia, soka, salsa, gypsy, ska, rumba, merengue, flamenco en nog een en ander waarbij ze een enorm en wereldwijd arsenaal aan instrumenten gebruiken. Hun fusie krijgt wel eens de naam mestizo mee waarbij we dan weer denken aan Manu Chao, Sergent Garcia, Amparanoia, La Troba Kung-Fú…. En net zoals deze artiesten verpakken Los Callejeros maatschappelijke thema’s in feestelijke en dansbare muziek. ‘Ukamao!’ betekent, vertaald uit het Aymara, ‘Zo is het!’ en is een uitdrukking die in Bolivië en Peru wordt gebruikt om aan te geven dat bepaalde dingen nu eenmaal zijn wat ze zijn. Helaas hebben we dit type smeltkroes de voorbije jaren al te vaak gehoord. Verrassing en vernieuwing valt hier niet te rapen en we vrezen dat dit in dit “genre” ook niet meer haalbaar is: de mestizokoe lijkt stilaan uitgemolken. Maar van horen zeggen zijn ze live zeer genietbaar en als festivalopener lijken ze ons zeer geschikte kandidaten.
publieksprijs: 18,00



“HANOI MASTERS   WAR IS A WOUND, PEACE IS A SCAR” 
(compilatie)

“HANOI MASTERS WAR IS A WOUND, PEACE IS A SCAR” (compilatie)

30 april was het 40 jaar geleden dat er een einde kwam aan de oorlog in Vietnam. Om dit te herdenken komt het kwaliteitslabel Glitterbeat Records met een compilatie op de proppen waarop we Vietnamese muziekveteranen (bijna allen zijn ook oorlogsveteranen) aan het werk horen zoals ze nu klinken. Notoir rockproducer Ian Brennan, die we ook kennen van zijn werk met Tinariwen en Malawi Mouse Boys, superviseerde het project ter plaatse. ‘Hanoi Masters’ is de eerste release in een nieuwe reeks, Hidden Musics, waarmee Glitterbeat minder bekende muziektradities wil belichten. Traditionele liederen krijgen hier het gezelschap van deuntjes die werden gezongen voor de Vietnamtroepen om het moreel aan te wakkeren. Je kan deze opnames onderbrengen in de categorie veldopnames: ze werden alle live en zonder omwegen opgenomen waarbij de muzikanten zich ook nog van halfvergeten instrumenten bedienden. Dit album vertelt een verhaal van rauwheid, schoonheid, verdriet, spijt, diepe wonden en littekens, behoedzaam herstel, een nooit te vergeten meditatie over conflict, verzet en collectief geheugen alsook van de hunkering naar wat verloren is gegaan. Het mag dus geen verwondering wekken dat hier met veel emotie en passie gezongen wordt en eigenlijk is het wel erg jammer dat we geen inzicht meekrijgen in de gezongen teksten. De muziek is zeer traditioneel en deze stijlen hebben ondertussen moeten wijken voor westerse rock, Koreaanse pop en Japanse karaoke. De liederen die we hier ten gehore krijgen leunen nauw aan bij de Chinese en Mongoolse muziektradities en klinken dus niet bepaald gemakkelijk in westerse oortjes; het is ook niet echt onze cup of tea en dat zal in de eerste plaats wel aan ons liggen, maar toch raden we iedereen aan hier eens wat tijd en moeite voor te nemen, dat hebben wij tenslotte ook gedaan: het doet heus geen pijn aan de oren en je wordt er zeker geen slechter mens van.
publieksprijs: 18,75

PUTUMAYO KIDS

‘ASIAN PLAYGROUND’ (compilatie)

‘ASIAN PLAYGROUND’ (compilatie)

Op ‘Asian Playground’ horen we een zeer divers palet aan traditionele en moderne kinderliedjes uit China, de Filippijnen, Indonesië, Korea, Japan, Maleisië, Thailand, Sri Lanka en India. Deze collectie laat haar licht schijnen over de internationale trend tot fusie tussen verschillende internationale muzikale stijlen en biedt ook educatieve informatie aan over deze rijke culturen.
publieksprijs: 13,75


REGGAE

ZION TRAIN – Land Of The Blind

ZION TRAIN – Land Of The Blind

Meer dan 3 jaar na hun juweeltje ‘State of Mind’ komt Zion Train er nog eens met een nieuw album. Zion Train begon eind jaren 80 als een sound system en evolueerde later naar een fusie tussen dub en minimal-techno met global-invloeden. Aldus redefinieerden ze dub in de jaren 90. Zo werden ze ook de onbetwiste en toonaangevende nummer één van de wereldleiders van het genre. Live zijn ze een dynamische sensatie met on stage dub mix waarbij ze bijgestaan worden door de beste vocalisten uit de dubscene. Kenmerkend voor de sound van Zion Train is de combinatie van techno met royale blazerspartijen die ingebed is in solide en sensuele reggaeritmes. Een ander bijzonder kenmerk is het gebruik van een fluit. Ook nu weer weet dit instrumentale gezelschap uitstekende gastvocalisten aan te trekken die een forse meerwaarde betekenen voor het groepsgeluid. Ook de productie van componist-producer Neil Perch is weer helemaal af en stuwt de muziek nog hogerop. ‘Land Of The Blind’ (refereert naar het spreekwoord “in het land der blinden is éénoog koning”) is de zoveelste voltreffer in het werk van Zion Train: sterke composities, prima stuwende blazers, diepe bassen, dubwise ritmes, sterke en heerlijke vocalen en (harde) elektronische beats maken van dit album een juweeltje. Met ‘Land Of The Blind’ consolideren deze multidimensionale artiesten moeiteloos en con brio hun status. Welk album is de vijfde titel voor de ultieme playlist van 2015 en dus ook voor jullie verplichte leerstof? Juist: ‘Land Of The Blind’ van Zion Train.
publieksprijs: 17,10

ERNEST RANGLIN & AVILA – Bless Up

ERNEST RANGLIN & AVILA – Bless Up

82 is hij ondertussen, gitarist en reggae- en skalegende Ernest Ranglin. Zijn signatuurklank vormde de ruggegraat van vele hits van Bob Marley, Jimmy Cliff, Toots and The Maytals, The Skatalites en nog ander mooi volk en hij was ook te horen op de eerste internationale skahit, ‘My Boy Lollipop’ van Millie Small. Studio One was zowat zijn tweede woonst maar vooral zijn grootste bron van inkomsten. We laten even bassist Yossi Fine van de begeleidende band Avila aan het woord: “Dit album neemt de luisteraar mee naar ieder tijdperk van Ernests muziek; hij voegde constant nieuwe smaken toe terwijl hij geworteld bleef in iedere afzonderlijke stijl, zij het reggae, jazz of latin grooves.”. Ranglin ontmoette Avila in 2011 op een festival in Californië: Avila was toen een door de organisatie samengestelde internationale gelegenheidsband om Ranglin te begeleiden en het klikte zo goed dat ze besloten om toen samen het album ‘Avila’ op te nemen. Op deze tweede samenwerking voegt Ranglin op vindingrijke wijze jazz-, rock- en wereldmuziekelementen toe aan zijn gepatenteerde Jamaicasound waarbij hij constant muzikale grenzen aftast en verlegt en zijn muzikanten aanzet en uitdaagt om hetzelfde te doen. De meeste composities starten als losse improvisaties met veel vraag-en-antwoord om gaandeweg een structuur aan te nemen. Sfeer en klank zijn zeer relaxt met toch voldoende oog voor gracieuze swing en ritme. Het ganse album door demonstreert Ranglin dat zijn hybride speelstijl nog niets aan vibratie en finesse ingeboet heeft en vooral dat hijzelf na meer dan 60 jaar nog steeds een master musician is. ‘Bless Up’ is een briljant staaltje waardig ouder worden.
publieksprijs: 15,35

JIMMY RILEY – Live It To Know It

JIMMY RILEY – Live It To Know It

Deze compatriot van Ernest Ranglin startte zijn muzikale loopbaan als tiener in de jaren 60 als lid van de rocksteady vocal harmonygroep The Sensations, waar ook de sublieme falsetto Cornell Campbell deel van uitmaakte. Na een passage bij The Uniques ging hij solo en maakte hij opnames met zeer schoon volk als Lee Perry, Bunny Lee en Sly & Robbie. Deze 87ste release van het Britse reissue-label Pressure Sounds focust op het minder bekende werk van Jimmy Riley uit de periode 1975-1985 in een productie van de man zelf. De begeleidende muzikanten behoren tot de fine fleur en ook tot de crème de la crème uit de hoogdagen van de roots reggae. Riley brengt muziek met een boodschap: hij zingt over immigratie, armoede, strijd, gelijkheid, gerechtigheid. Riley is een uiterst getalenteerde zanger, songschrijver en producer die maar al te vaak over het hoofd is gezien en deze release komt dan ook geen moment te vroeg om de man eindelijk nog eens in de etalage te plaatsen. Riley is zondermeer een van de allerbeste zangers uit de reggae: hij heeft een uniek en gevoelvol stemgeluid dat de wanhoop van Ray Charles’, de woede van Richie Havens’ en de ernst van Al Greens zang combineert. Bijna elke track wordt gevolgd door een dubversie of een extended mix die ook in een dub eindigt: alleen al deze extra’s wettigen de aanschaf van dit kleinood dat Jimmy Riley eindelijk de erkenning schenkt die hem toekomt.
publieksprijs: 20,15

ROCKY DAWUNI – Branches Of The Same Tree

ROCKY DAWUNI – Branches Of The Same Tree

‘Branches Of The Same Tree’ is al het zesde album van de Ghanese zanger en songschrijver Rocky Dawuni die tot vandaag voor ons een nobele onbekende was, maar naar verluidt in Afrika de status van superster heeft. Naast zijn muzikale activiteiten is Dawuni ook nog mensenrechtenactivist. Zijn muziek, die geïnspireerd is door o.m. Fela Kuti, Bob Marley (op dit album staan covers van ‘Butterfly’ en ‘Get Up, Stand Up’), Michael Franti en Matisyahu, vermengt elementen uit reggae, afrobeat en global pop en hier en daar zijn ook vleugjes funk en samba te horen. Ook te horen zijn tal van gastmuzikanten die hun strepen verdienden bij o.m. Michael Franti, Steel Pulse, Ben Harper, Ziggy Marley…. Zijn songs en melodieën zijn geïnspireerd door zijn (muzikale) ervaringen op zijn vele reizen. De titel van dit album reflecteert Rocky’s overtuiging dat de erkenning van onze gedeelde mensheid de sleutel is tot vreedzaam samenleven onder alle volkeren. Zelf zegt hij daarover: “Wanneer we erkennen dat we allen takken van dezelfde boom zijn beginnen we onze gemeenschappelijke wortels te zien: dit is de hoeksteen van ware Eenheid.”. Deze filosofie weerspiegelt zich dan ook nadrukkelijk in de teksten. Tot daar de moraal en dan nu over naar de muziek. Strikt genomen is dit geen reggaealbum maar zijn reggaewortels zijn toch nog prominent aanwezig: hij vermengt ze met de vele invloeden die hij jarenlang geabsorbeerd heeft. Jullie weten onderhand met zijn allen dat wij fusie van stijlen bijzonder genegen zijn maar op dit album gaat onze voorkeur toch uit naar de uitgesproken reggaesongs en dit omdat wij die als de meest coherente ervaren. Op die songs is ook goed te horen hoe groot de invloed van Bob Marley op Rocky Dawuni is, wat nog niet betekent dat Dawuni het grote voorbeeld gaat imiteren. In de beste fragmenten horen we heerlijke muziek om bij weg te wiegen maar dit album bevat helaas ook enkele fletse melodieën en hangt ook te weinig samen om over de ganse lijn te kunnen overtuigen, ook al heeft de man met zijn stem een geweldige troef in huis. En die zoutloze cover van ‘Get Up, Stand Up’ was ook nergens voor nodig.
publieksprijs: 18,55

THE SKINTS – FM

THE SKINTS – FM

The Skints uit Londen grossieren zowat tien jaar in roots reggae, dub, dancehall, ska en rocksteady en verder ook nog een beetje wat ze oppikken waar ze ook gaan. In die periode hebben ze ook een formidabele live-reputatie opgebouwd. ‘FM’ is hun derde album en werd alweer geproducet door de legendarische Prince Fatty. Ook legendarisch en gast op 2 songs is veteraan en toaster Tippa Irie. De albumtitel verwijst naar een imaginair radiostation (inclusief enkele imaginaire radiofiguren die hun opwachting maken op het album) en de songs zijn een eerbetoon aan de muziek waarmee ze opgroeiden. The Skints verpakken hun compromisloze teksten over leven in de UK in zonnige feelgood grooves die zo uit Jamaica kunnen komen. Zo slagen ze er ook in om het furieuze ‘My War’ van de Amerikaanse hardcorepunkband Black Flag om te bouwen tot een bekoorlijke lover’s rock: faut le faire. De excellente songs en dito muzikale afwerking in combinatie met de verbluffende mixing zijn verantwoordelijk voor een uiterst aangename luisterervaring en een muzikale joyride waarbij plezier, dartelheid, losbandigheid en inventiviteit centraal staan in de skanking- en DJ-pastiches en waarbij wij helemaal weg zijn van de stem en de zangstijl van Marcia Richards. Met ‘FM’ bevestigen The Skints op uitstekende wijze hun reputatie en hijsen ze zich in de hoogste regionen van de hedendaagse reggaescene. ‘FM’ van The Skints is een haast perfecte soundtrack voor de zomer: festivalorganisatoren, waar wachten jullie nog op?
publieksprijs: 16,95

VINYLRELEASES

- MONOSWEZI – The Village
Dit juweeltje verscheen reeds 2 jaar geleden, toen enkel op cd. De groepsleden van Monoswezi komen uit Mozambique, Zimbabwe, Noorwegen en Zweden. Op ‘The Village’ horen we een verzameling Zimbabwaanse traditionals die samen met een infuus frisse Nordische jazz in de blender gegaan zijn. Voor meer info verwijzen we jullie graag naar het cd-nieuws februari 2013.
publieksprijs: 13,15 (limited edition + download card)
- BUENA VISTA SOCIAL CLUB – Lost and Found
publieksprijs: 18,05
- JIMMY RILEY –Live It To Know It
publieksprijs: 25,85 (2 lp)
- THE SKINTS – FM
publieksprijs: 21,60
- IBEYI – Ibeyi
publieksprijs: 19,75
- “HANOI MASTERS WAR IS A WOUND, PEACE IS A SCAR” (compilatie)
publieksprijs: 21,35
- THE VERY BEST – Makes A King
publieksprijs: 22,05
- SKIP & DIE – Cosmic Serpents
publieksprijs: 36,10 (2 lp + download)

GOUD VAN OUD

RODRIGO Y GABRIELA – Rodrigo Y Gabriela

RODRIGO Y GABRIELA – Rodrigo Y Gabriela

Bouwjaar: 2006
Vorige maand dook de oudste titel (56 jaar) in dit archief op, nu is het de beurt aan de jongste titel met 9 lentes. Wat voorafging: het klassieke verhaaltje van boy meets girl, boy (Rodrigo Sanchez) en girl (Gabriela Quintero) richten een metalband (Tierra Acida) op in Mexico, raken er gefrustreerd omwille van het beperkte bereik van de lokale muzikale scene en bollen het af naar Europa waar ze aan de kost komen als straatmuzikanten. Na vele omzwervingen vestigen zij zich in Dublin waar ze bevriend raken met Damien Rice die hen vraagt om zijn show te openen en die hen even later ook introduceert bij hun toekomstige manager. De rest is geschiedenis: hun derde, titelloze album komt op 1 in de Irish Albums Chart alsook in onze allerbovenste schuif en forceert de grote doorbraak en Rodrigo y Gabriela worden internationale gitaarsterren. Hun muziek is sterk door flamenco beïnvloed waarbij alle tierlantijntjes overboord worden gekieperd. RyG spelen ritmische en insistent percussieve akoestische gitaarmuziek (waarbij de gitaar ook letterlijk als percussie-instrument gebruikt wordt) op de snijlijnen van wereldmuziek allerlei en flamenco in het bijzonder en rock. Hun spel kenmerkt zich door de compromisloze gitaargevechten die ze leveren: hun melodieuze en ritmische muziek straalt warme, spontaneïteit, passie, verlangen, schoonheid, traditie, goesting en elegantie uit maar snijdt ook als een stiletto. RyG tokkelen en slaan er lustig op los al laten ze ook ruimte voor rustpunten waarin we nog meer inspiratie horen dan op de zeer ritmische composities. Het album dat we hier in de etalage zetten opent met wat ondertussen een klassieker is geworden, het extatische ‘Tamacun’; ‘Diablo Rojo’ gaat op hetzelfde elan door. Nu en dan wordt er ook een weinig gas teruggenomen maar de interessantste brokken zijn die waar gas open en gas dicht in elkaar overvloeien. Deze muziek is 100% compromisloos en doodeerlijk en weert elke gimmick: wat je hoort is wat je krijgt. De gigantische move die Rodrigo Sanchez en Gabriela Quintero maakten betekent nog niet dat ze hun verleden vergeten zijn of verraden hebben: ze coveren hier ook een nummer van Metallica en van Led Zeppelin en geven aan beide een totaal (ver)nieuwe(nde) interpretatie. Met dit album herschreven Rodrigo y Gabriela het canon voor de akoestische, klassieke gitaar met heel veel passie in een nieuwe rock and roll-taal.
publieksprijs: 10,70
Meer van deze artiesten:
11:11 (bouwjaar: 2009; 10,70€)
9 Dead Alive (cd + dvd) (2014; 19,90)
Area 52 (2 cd) (2012; 12,70)
Live In France (2012; 10,70)
Live In Japan (2008; 11,65)
Live Manchester And Dublin (2004; 11,65)
Re-Foc (2003; 11,65).

IN MEMORIAM JUAN CARLOS CACERES

Vorige maand is de Argentijnse zanger, pianist, trombonist en componist Juan Carlos Cáceres overleden, hij werd 78. In de wereld van de tango stond hij bekend als één van de groten. Van opleiding was Cáceres schilder maar eind jaren 60 zette hij zijn eerste stappen in de muziekwereld als pianist en trombonist. Hij verhuisde naar Parijs en groeide daar uit tot één van de meest toonaangevende figuren in de wereld van de tango. Zijn muziek is ook beïnvloed door jazz, murga, candombe en diverse Afrikaanse stijlen. Zijn karakteristieke stemgeluid was nauw verwant met dat van Paolo Conte. De voorbije jaren was hij vooral actief als lid van Tango Negro Trio. In 2011 verscheen zijn laatste album, ‘Noche De Carnaval’.