Muzieknieuws juli 2017

STOCKVERKOOP

De gehele maand juli gaan in Oxfam wereldwinkel Brugge meer dan 400 cd’s voor de bijl à 5€ per stuk (boxen à 10€). Nee, geen werk van Janneke en Mieke, maar wel van o.m. Amadou & Mariam, Angélique Ionatos, Asian Dub Foundation, Balkan Beat Box, Bob Marley, Boubacar Traoré, Djivan Gasparyan, Étoile de Dakar, Goran Bregovic, Habib Koité, Kayhan Kalhor, Lee Perry, Lhasa, Mariza, Natascha Atlas, Orchestra Baobab, Orchestre International Du Vetex, Oumou Sangaré, Rachid Taha, Roberto Fonseca, Rodrigo y Gabriela, Rokia Traoré, Salif Keïta, Terakaft, Tony Allen, Toumani Diabaté, Titi Robin, Youssou N’Dour, Zap Mama en vooral die vele anderen.

LAMOMALI – Lamomali

LAMOMALI – Lamomali

De naam Lamomali is de samentrekking van ‘L’âme au Mali’ (ook de titel van een lied op dit album). De Franse zanger, muzikant en fenomeen met Libanese en Egyptische roots Matthieu Chedid, vooral in Frankrijk beter gekend onder zijn pseudoniem -M-, is al twintig jaar meer dan aangetrokken door Malinese muziek. En nu ziet hij het wel echt groots: voor zijn nieuwe creatie die hij omschrijft als “L’album Malien de -M-‘ ging hij scheep met niemand minder dan Toumani Diabaté, Sidiki Diabaté en op de helft van de nummers ook nog met Fatoumata Diawara. Ambitie genoeg in huis dus en alsof dit nog niet volstond zijn er nog gastvertolkingen van o.m. Youssou N’Dour, Amadou et Mariam, Mamani Keita, Ibrahim Maalouf, Seu Jorge, Santigold…. Hoeveel druk kan iemand zichzelf op de schouders leggen. Dit klinkt op papier natuurlijk enorm veelbelovend: werden de boerentorenhoge verwachtingen dan ook ingelost? Want als vader en zoon Diabaté ten tonele verschijnen zijn onze oren meer dan dubbel gespitst. -M- presenteert Lamomali als een eerbetoon aan Mali maar nooit tevoren hoorden wij zoveel Malinees toptalent -of muzikaal toptalent tout court- te grabbel gooien en verzuipen in muzaksferen, goedkoop sentiment en allerlei bliepjes en loze (disco)beats. Dé draak op dit album is ‘Solidarité’ met ware Band Aid en consorten allures en bijhorende sterrenbezetting. Afvoeren deze handel en wel liefst meteen. Onze favoriete koraspelers krijgen een ganse collectie mantels der liefde maar laat het dan wel de laatste keer zijn. Toch krijgt Lamomali nog een nominatie, met name die voor DRAAK van het JAAR. Wel geven we nog even mee dat -M- Couleur Café zal onveilig maken met dit project.
publieksprijs: 20,40

SONGHOY BLUES – Résistance

SONGHOY BLUES – Résistance

Ook uit Mali maar wel geheel andere koek is Songhoy Blues. Mali en blues, het lijkt wel een onuitputtelijk verhaal. Wie Maliblues zegt laat vaak ook de naam Touré vallen en ook hier is het niet anders: drie van de vier muzikanten heten Touré maar hebben geen familiale banden. Tot daar de anekdotiek en dan nu over naar het echte verhaal. Deze drie Touré’s zijn vanuit het noorden gevlucht naar Bamako: dit verhaal is dus onlosmakelijk van het terreurverhaal. Daar ontstaat Songhoy Blues (genoemd naar de etnische wortels van het ontheemde trio) en het trio krijgt er versterking van drummer Nathanaël Dembelé. Met hun muziek hebben ze een duidelijke visie, met name het aanbieden van een tegengif voor het virus dat onverdraagzaamheid en angst predikt. En wie liepen ze nog meer tegen het lijf in Bamako? Marc-Antoine Moreau die er op prospectie was voor Damon Albarn en zijn rondreizende workshop Africa Express; het was Albarn die hen Nick Zinner (Yeah Yeah Yeahs) aan de hand deed als producer en als vijfde muzikant voor hun debuut ‘Music In Exile’ dat twee jaar geleden verscheen. De gitaarriffs en -melodieën die de elf songs vooruitstuwden waren van uitzonderlijk hoog niveau en deden dit kwartet niet als debutanten maar als doorwinterde muzikanten klinken. ‘Music In Exile’ was een van de allerbeste debuten die we ooit gehoord hebben (lees meer in muzieknieuws april 2015).

De titel van hun tweede album spreekt voor zich. Zelf zeggen ze daarover: “Songhoy Blues has always been about resistance. We started the group during a civil war, in the face of a music ban, to create something positive out of adversity. As long as we have music left in us and something to say, we’ll keep fighting each day with music as our weapon, our songs as our resistance.” Voor ‘Résistance’ tapt Songhoy Blues nu uit vele muzikale vaatjes, desert blues en traditionele Songhai stijlen voorbij, en het mag duidelijk zijn dat ze voor de breedst mogelijke internationale markt gaan. Gitaren, bas en drums krijgen nu ook het gezelschap (niet alle tegelijk) van trompet, saxofoon, viool, percussie, ngoni, kora, keyboards tot zelfs een heus Frans kinderkoor en een gastvertolking van Iggy Pop en van MC Elf Kid: kortom kosten noch moeite werden gespaard om de torenhoge ambities mee te sturen. Strakke, gejaagde, fuzzy, rockende en funky gitaarriffs en de pompende bas vormen veelal de basis van een rijker geworden en gevarieerder klankenpalet. Met veel lef, durf en moed namen ze deels afstand van de succesformule van hun debuut die hen in Groot-Brittannië tot een vaste waarde in het concertcircuit maakte. Dit betekent niet dat desert blues en songhai niet meer aanwezig zijn maar ze domineren niet meer. Van hun vaardigheden hebben ze dan weer helemaal geen afstand genomen: vrij complexe en bezwerende ritmes die zeer vloeiend communiceren met de aanstekelijke zanglijnen en bovenal dat fenomenale gitaarwerk. De fundamenten van Songhoy Blues blijven gelukkig overeind midden de grote toevloed van extra instrumenten (die veelal een toegevoegde waarde hebben). Zo nu en dan wordt er ook gas teruggenomen en horen we ook de meer ingehouden kant van deze band. Ondanks het genrehoppen laat ‘Résistance’ een zeer coherente en consistente indruk na en blijft Songhoy Blues zeer herkenbaar, net omdat ze hun fundamenten wel degelijk behouden hebben. Hun muziek is ook nu weer een tegengif voor alle ellende die heerst in het thuisland: ook in hun verzet voeren optimisme, vreugde en positivisme de boventoon en dat werkt schandalig besmettelijk. Faut le faire. En toch en toch…. ondanks al onze lof voor ‘Résistance’ waren we duidelijk meer overrompeld door ‘Music In Exile’. Tot slot hebben we nog een tip voor vinylliefhebbers: van Songhoy Blues bestaat ook een 12” met drie interessante covers van ‘Should I Stay Or Should I Go’, ‘Soul Makossa’ en ‘Kashmir’.
publieksprijs: 19,70

AFRIKÄN PROTOKÖL – Beyond The Grid

AFRIKÄN PROTOKÖL – Beyond The Grid

Na zijn ontmoeting met de Burkinese drummer Moïse Ouattara ging de Belgische saxofonist Guillaume Van Parys aan de slag met het componeren van muziek die gebaseerd is op Burkinese en bij uitbreiding nog andere West-Afrikaanse ritmes. Het sextet Afrikän Protoköl bestaat half uit een Burkinese ritmesectie (percussie, drums, bas) en half uit een Belgische blazerssectie (alt-, bariton-, sopraan- en tenorsax). Alle zes nemen ze op een of andere wijze (lead, backing) ook de zang voor hun rekening. We horen invloeden van Fela Kuti, Steve Coleman, Manu Dibango, Aka Moon en Aksak Maboul maar vooral een sextet met een eigen identiteit en heel veel originaliteit en authenticiteit die jazzy riffs, grooves en improvisatie doen samensmelten in een warme en feestelijke transcontinentale fusie. ‘Beyond The Grid’ vormt een trilogie samen met de eerder verschenen live ep ‘Call For Transformation’ (2013) en het studioalbum ‘Freedom From The Known’ (2014). Afrikän Protoköl maakt niet zomaar muziek om de muziek maar doet dat vanuit een duidelijke visie en filosofie. Ze willen vanuit dynamische connecties een dam opwerpen tegen verwrongen “waarden” zoals patriarchie en kapitalisme die angst en verdeeldheid zaaien onder de mensheid en die begrenzen in hun handel en wandel, overtuigingen, acties en gedragingen en muren en grenzen bouwen. Voorbij dit negatieve gegeven zien ze het rijk van alle mogelijkheden en standaardvrije creativiteit die verbonden blijven met het leven. In dit rijk van vrijheid en met muziek als immateriële vorm zoeken ze het juiste antwoord op onderdrukkende structuren. Ze zoeken naar antwoorden op hun existentiële vragen en hun mogelijkheden om zichzelf beter te begrijpen. Op die zoektocht is hun muziek hun gids. Die muziek laat hen toe om obstakels te overwinnen in deze crisistijden. En wat leveren al deze mooie gedachten nu op? Een dot van een cd! Afrikän Protoköl is zonder meer een verrijking voor de muziekwereld.
publieksprijs: 16,20

‘ZAÏRE 74 The African Artists’ (compilatie)

‘ZAÏRE 74 The African Artists’ (compilatie)

Najaar 1974: Mohammed Ali en George Foreman zullen in Kinshasa uitvechten wie wereldkampioen boksen wordt bij de zwaargewichten in een wedstrijd die de geschiedenis zal ingaan als ‘Rumble In The Jungle’. Voorafgaand werd een driedaags muziekfestival georganiseerd, ZAÏRE 74, gecureerd door Hugh Masekela en Stewart Levine. Op het programma een uitgebreide schare Afrikaanse (vooral uit Congo) en Amerikaanse (o.m. James Brown, BB King, Bill Withers, Celia Cruz) topartiesten. Laat ons wel wezen: het hele gebeuren was in de eerste plaats promotie van en voor Mobutu en voor zijn “authenticité”-campagne. Zo horen we hier vier lofliederen voor Mobutu, waaronder zelfs een van Miriam Makeba, de enige niet-Congolese artiest op dit album. Het siert dan ook de samenstellers van dit album dat ze de context kritisch benaderen in het hoesboekje. In het verleden werden al twee uitstekende documentaires aan dit event gewijd, ‘When We Were Kings’ en ‘Soul Power’. Helaas was daarop, met uitzondering van een flard Miriam Makeba en een glimp Franco, geen spoor te bekennen van de Afrikaanse artiesten, zelfs niet met een vergrootglas. Dit dubbelalbum betekent dan ook een kleine wiedergutmachung. De lineup bestaat uit Tabu Ley Rochereau & Afrisa, Abumba Masikini, Abeti, Franco and T.P.O.K. Jazz (met het leeuwendeel van de opnames), Miriam Makeba, Orchestre Stukas, Pembe Dance Troupe. Ondanks de vaak superbe kwaliteit van de optredens en de pure vreugde die ze uitstralen benaderen wij deze uitgave graag met de nodige schroom: de mantel der liefde en het inroepen van de tijdsgeest zijn hier helemaal niet van toepassing. Als tijdsdocument en als historische opname heeft ‘ZAÏRE 74 The African Artists’ dan weer wel een grote waarde, ook al laat de opnamekwaliteit wat te wensen over maar zo ging dat nu eenmaal vaak destijds. En vooral voor de fans van Franco and T.P.O.K. Jazz is deze uitgave een godsgeschenk: ze spelen hier maar liefst elf nummers en ze waren in grootse doen.
publieksprijs: 20,55 (2 cd)

RADIO COLUMBUS

We blikken al even vooruit op de Radio Colombus-programmatie voor het komende seizoen met nieuw werk van een artiest die op 23 maart van volgend jaar zijn opwachting zal maken in Brugge.

RICARDO RIBEIRO – Hoje é assim, amanhã não sei.

RICARDO RIBEIRO – Hoje é assim, amanhã não sei.

Ricardo Ribeiro kwam in 2008 aan de oppervlakte met de cd ‘Em Portugues’, een samenwerking met de Libanees Rabih Abou-Khalil die van Ribeiro een soort van Portugese Nusrat Fateh Ali Khan probeerde te maken. Maar drie jaar later tapte hij op ‘Porta do Coração’ geheel uit het fadovaatje en dat doet hij nu opnieuw op ‘Hoje é assim, amanhã não sei.’ (‘Zo is het vandaag en morgen, wie weet.’), waarop het lot, de essentie van fado, uitvoerig bezongen wordt. In tegenstelling tot vele nieuwe fado-artiesten die als paddestoelen uit de grond schieten weert hij de popinvloeden en houdt hij zich ook ver weg van de exotische benadering: Ribeiro brengt traditionele fado pur sang. Iedere noot, iedere lettergreep ademt Lissabon en ruikt er ook naar: je waant je in de steegjes van Alfama en Mouraria met een bord sardienen en een fles goedkope wijn. Ribeiro klinkt zo ‘straat’ als goede fado maar kan zijn en treedt hierbij in de voetsporen van Fernando Maurício en Alfredo Marceneiro. Niet voor niets won deze jonge zanger tot tweemaal toe de prestigieuze prijs van de Amália Rodrigues Stichting. Zijn uitzonderlijke stem klinkt diep, stuwend, krachtig en droevig, heeft een grote draagwijdte en een sterk karakter en is doordrongen van liefde, gemis, verlangen, eenzaamheid en verdriet en met zijn zeer karakteristieke timbre weet hij als weinig andere stemmen saudade te belichamen en vooral te zijn. Met ‘Hoje….’ consolideert Ribeiro zijn positie als de n°1 onder de mannelijke hedendaagse fadovertolkers.
publieksprijs: 21,05

Andere namen op de programmatie zijn: Omar Rajeh / Maqamat & Le Trio Joubran, Le Mystère Des Voix Bulgares, Les Amazones d’Afrique, Rianto & Nani Topeng Losari Cirebon, Karim Baggili, Osman Martins, Lara Leliane, Mehmet Polat Trio, Ialma, Bob de Moor / Myrddin / Bart Maris, I Muvrini, Compañía Antonio Molina ‘El Choro’, Rodrigo Leão & Scott Matthew.
Meer info over deze voorstellingen vind je in volgende nieuwsbrieven.

75 DOLLAR BILL – Wood / Metal / Plastic / Pattern / Rhythm / Rock

75 DOLLAR BILL – Wood / Metal / Plastic / Pattern / Rhythm / Rock

75 Dollar Bill is een New Yorks duo dat bestaat uit Rick Brown (maracas, shakers, bells, a drum, multiplex krat) en Che Chen (twaalf- en zessnarige elektrische gitaren, bas, shakers) dat verder nog begeleid wordt op floor tom, trompet, saxofoons, contrabas en viola. Zelf omschrijven ze hun muziek als hypnotisch en pulserend, die een lijn weeft van rauwe elektrische blues en Arabische toonaarden naar bekoorlijk folkminimalisme. Hun missie is luid en duidelijk interculturele uitwisseling. Less is more is helemaal niet hun devies: de vier composities worden uitgesmeerd over 40 minuten. Van bij de aanvang is het duidelijk dat desert blues (in een sterk verstedelijkte toonaard), experiment, improvisatie en trance helemaal hun ding zijn: de klank is woest en hypnotiserend en de gitaren zitten vol zandkorrels. Che Chen studeerde een tijd bij de Mauretanische gitarist Jeiche Ould Chigaly (wederhelft van Noura Mint Seymali) en dat laat zich duidelijk horen. Ali Farka Touré wordt gekoppeld aan vioolmuziek uit de Appalachen en kolkende Arabische toonschalen. Ook John Lee Hooker, Tinariwen, Tamikrest, Ornette Coleman en Bo Diddley laten hier welig hun geesten rondwaren. De extra lange, hyperintense en hypnotische afsluiter ‘I’m Not Trying To Wake Up’ is op alle vlakken de pièce de résistance van dit uiterst fascinerende en verbazingwekkende album. Deze compositie waarvan de minimalistische groove verrijkt wordt door de trompet en de sax begint waar ‘Kashmir’ van Led Zeppelin eindigde en is een aaneenschakeling van aanzwellende crescendo’s. 75 Dollar Bill balanceert op de grenzen tussen desert blues, Arabische toonaarden, experiment, avant garde en rauwe, psychedelische rock: tegelijk verpulvert dit duo ook die grenzen. ‘Wood / Metal / Plastic / Pattern / Rhythm / Rock’ is de negende titel voor onze ultieme playlist van 2017 en dus ook voor jullie verplichte leerstof.
publieksprijs: 18,75

IFFRIQIYYA ÉLECTRIQUE – rûwâhîne

IFFRIQIYYA ÉLECTRIQUE – rûwâhîne

We blijven nog even in heel aparte sferen vertoeven. Iffriqiyya Électrique gaat over trancemuzikanten en -rituelen die in conversatie gaan met postindustriële noise. U leest het goed. Ifriqiya was gedurende de middeleeuwen de naam van het kustgebied van Libië, Tunesië en het oosten van Algerije. De motor achter dit project is de Franse gitarist en zanger François R. Cambuzat die naast zijn noisy bestaan ook de wereld afreist om opnames te maken. Samen met bassiste en zangeres Gianna Greco ging hij op deze veldopames, met behulp van digitale apparatuur, aan de slag met drie zangers / percussionisten uit de Tunesische Bangagemeenschap. Deze gemeenschap stamt af van de vroegere Hausaslaven in Tunesië en staat bekend voor het jaarlijkse ritueel van Sidi Marzûq. De rûwâhîne zijn de geesten die tijdens het ritueel bezit nemen van de deelnemers. Maar dan nu over naar de muziek. Die is een onwaarschijnlijke, ongehoorde, meeslepende, opwindende, hyperintense, hypnotische en extatische mix van traditie, technologie, improvisatie, desert rock, sufi trance, dreunende veelsoortige percussie, polyritmiek, rauwe en knoestige gitaren, zeer bijzondere gezangen, hip-hop en industrial noise die veeleer klinkt als een etnomusicologische en elektronische soundtrack uit de hel of het spookkasteel. Deze elektrificerende, minimalistiche, duistere en desoriënterende postindustriële representatie van het Sidi Marzûq ritueel is niet bestemd voor gevoelige oortjes en is ook niet bedoeld om te behagen. Ondanks het vele muzikale kabaal is deze onderneming een zeer geslaagde poging om muzikaal erfgoed te behouden. Wij gaan deze uitgave niet meteen essentieel noemen maar wel essentieel is dat jullie met zijn allen de moeite doen om deze overweldigende ervaring te ondergaan. Naar verluidt zou dat binnenkort mogelijk zijn op Europese podia maar in afwachting is er dit album. Van dit project is er ook een film, die geprojecteerd wordt tijdens hun concerten.
publieksprijs: 18,75

ADDICTIVE TV – Orchestra Of Samples

ADDICTIVE TV – Orchestra Of Samples

We blijven nog even muzikaal vreemdgaan. Addictive TV is een Brits audiovisueel elektronisch duo en nee, deze beide heren staan hier niet fout geparkeerd. Veelzijdigheid is een van hun grote troeven: zo begeleidden ze o.m. Youssou N’Dour op Sfinks 2010. Dat bracht hen later dat jaar ook naar Senegal waar ze filmden en opnames maakten met muzikanten uit de entourage van N’Dour en Baaba Maal, o.m. de zeer getalenteerde tama drummer Samba Diop die ook op dit album te horen is. ‘Orchestra Of Samples’ gaat dan ook over samples: de voorbije vijf jaar maakten Graham Daniels en Mark Vidler wereldwijd geïmproviseerde visuele en auditieve veldopnames van meer dan 200 muzikanten uit zowat 25 landen en uit de meest uiteenlopende stijlen. De samples die dit album haalden zijn afkomstig van muzikanten uit Frankrijk, Groot-Brittannië, Bhutan, Senegal, Israël, Tunesië, Reunion, Spanje, Brazilië, Roemenië, Egypte, Marokko, Turkije, Senegal en Kazakstan. Met de duizenden samples die ze opnamen gingen ze aan het werk om nieuwe muziek te creëren waarbij ze een context simuleerden waarin deze muzikanten en hun instrumenten samenspelen, vaak in ongebruikelijke maar wel zeer interessante combinaties, ook al hebben ze elkaar nooit ontmoet of gehoord. De muziek was niet vooraf geschreven of gedefinieerd maar liet zich dicteren door de samples en door improvisatie en aldus ontstonden elf nieuwe, zij het digitale groepen. De opzet was het verbinden en samenbrengen van mensen over alle culturele achtergronden heen. Voor beide heren was het ook een ontdekkingstocht waarop ze in contact kwamen met zeer getalenteerde muzikanten en “ongewone” lokale instrumenten en die hen buiten hun comfortzone en muzikale standaardconventies zette. Dit materiaal gebruiken ze nu ook op hun concerten wereldwijd. ‘Orchestra Of Samples’ wordt aldus de viering van culturele gemeenschappelijkheid in al zijn polysonische rijkdom: ver van elkaar verwijderde bronnen maken interactie, krijgen een nieuwe interpretatie en complementeren elkaar op boeiende en onverwachte wijze en aldus worden grenzen tenietgedaan. Deze muzikale collage klinkt als een proces van eerst fijnhakken en uitsplitsen gevolgd door de creatie van een klankenwandtapijt waarbij ook randgeluiden werden gebruikt zoals golven op het strand en het verkeer in Istanbul. Een grote verdienste van dit duo is dat ze in de hemelsbrede slagorde een samenhang wisten te brengen, ook al klinkt niet alles even boeiend als de hele opzet: soms heeft het meer weg van voortkabbelen dan van constructie. We weten niet of de heren nog verdere plannen hebben op deze ingeslagen weg, maar ze zouden zo wel eens de John Lomax van de 21ste eeuw kunnen worden.
publieksprijs: 17,05

DONA ONETE – Banzeiro

DONA ONETE – Banzeiro

73 was ze toen ze in 2013 haar debuut opnam. Voor deze Braziliaanse professor in de geschiedenis, vakbondsactiviste en nog een en ander was zingen steeds een hobby geweest. Maar tien jaar geleden hoorden leden van Colectivo Radio Cipó haar zingen en een jaar later was Onete te horen op hun cd ‘Formigando Na Calçada Do Brasil’: zo snel kan het dus keren. Haar muziek reflecteert haar jeugdige geest, haar wortels uit de Amazonetraditie en haar grote liefde voor de candombléreligie (verwant met voodoo) en barst van de energie; de klank is diep geworteld in de traditie maar tegelijkertijd uitermate fris. Ook op ‘Banzeiro’ brengt Onete met haar krachtige, machtige, ontroerende en emotionele stemgeluid Amazoneverhalen -maar ook persoonlijke en vaak gewaagde ontboezemingen en overpeinzingen- en traditionele, aanstekelijke ritmes die hun oorsprong vinden bij inheemse Braziliaanse Indianen en Afrikaanse slaven, zoals carimbós, bangués en boleros; hier en daar horen we ook flarden cumbia en ska. Die ritmes klinken hier staccato en worden aangevuurd door pittige en hitsige saxen, jengelende gitaren en snelle, gedreven, lenige en behendige drums en percussie. Andere instrumenten zijn banjo’s, bas, fluit, piano en keyboards. In enkele liedjes gebruikt ze de carimbó chamegado, de tragere versie van de carimbó die volgens Onete ook sexier is. ‘Banzeiro’ ademt scherp en overtuigend intensiteit, energie, optimisme, hoop en vooruitstrevende standpunten. Het slotnummer, een cover van ‘Teenage Dreams’ van Elvis Presley, bevat tonnen kitsch en schmaltz maar dat is dan ook de enige smet op ‘Banzeiro’. Lange tijd ervoeren we het gros van de Braziliaanse muziek als een anachronistisch en belegen gegeven maar dankzij het titanenwerk dat het label Mais Um Discos de voorbije jaren verricht weten we ondertussen wel beter: met de regelmaat van een Zwitserse klok wordt fris-van-de-lever-muziek met een vaak zeer vernieuwend gehalte op de mensheid losgelaten; we denken hierbij in de eerste plaats aan de recente meesterwerkjes van Bixiga 70 en Metá Metá maar aan werk van o.m. Elza Soares, Rodrigo Amarante, Lucas Santtana, Siba en dus ook deze Dona Onete, waarvoor onze oprechte dank.
publiekprijs: 18,75

OMAR SOULEYMAN – To Syria, with Love

OMAR SOULEYMAN – To Syria, with Love

De Syrische zanger Omar Souleyman is een bijzonder en -tot twaalf jaar geleden hoofdzakelijk in Syrië- zeer populair fenomeen. Hij startte zijn muzikale loopbaan in 1994 en nu, 23 jaar later, zijn er bij benadering meer dan 500 cassettes (en ook enkele cd’s en lp’s) van hem in omloop (80% daarvan zijn opnames die hij maakte op bruiloften als geschenk voor het gehuwde koppel en die dan later gekopieerd werden en verkocht in lokale kiosken). Zijn grote doorbraak kwam er in 2005 met ‘Khataba’. Dankzij het Amerikaanse muzieklabel Sublime Frequencies kon hij intensief toeren doorheen Amerika en Europa en ook drie cd’s opnemen die een internationale release kregen. In 2011 stond hij op de affiche van Glastonbury Festival en twee jaar later op het Nobel Peace Prize-concert. Nog in 2011 maakte hij drie remixes voor de remix-lp van Björk, die net als Damon Albarn een grote bewonderaar is van Souleyman. Sinds de oorlog uitgebroken is in zijn vaderland kan Souleyman er niet meer optreden en is hij naar Turkije gevlucht. Zijn repertoire bestaat grotendeels uit dabke-liederen, een traditionele en populaire stijl in het Midden-Oosten en de bruiloftdans bij uitstek aldaar, gezongen in het Koerdisch en Arabisch. Dabke is bijzonder aanstekelijke, felle, hypnotische, pompende en opzwepende feestmuziek die op zijn twee vorige albums een ravekleedje aangetrokken werd. Ondanks dat ravekleedje werd er niet geraakt aan de kern van zijn composities en muziek en bleef dit in wezen traditionele muziek die door producers Four Tet, Gilles Peteron en Modeselektor met zeer veel respect behandeld werd: de mayonaise pakte. Plots was Omar Souleyman een internationale hype en stond Jan en alleman in het muziekwereldje aan zijn mouwen te trekken.
Voor het eerst verbreekt Souleyman de stilte en gaan twee teksten verder dan de wondere wereld der romantische aangelegenheden en zoals de albumtitel suggereert gaat het ook over de huidige toestand in zijn vaderland en het daaraan verbonden verdriet, hartzeer en heimwee. Het reikt verder dan droevige liederen over het gemis van thuis: deze teksten beschrijven het verwoestende en angstwekkende collectieve trauma van massaballingschap, -ontheemding en -diaspora. Muzikaal brengt ‘To Syria, with Love’ vooral meer van hetzelfde maar dat meer van hetzelfde is bovenal onweerstaanbaar. Wel zijn de onverbiddelijke old school beats harder en pompender geworden en de klank gecomprimeerder. Stil zitten is absoluut geen optie. Het tempo is razendsnel en explosief en doet vaak hyperkinetisch aan: als luisteraar word je bijwijlen murw geslagen in deze uitputtingsslag. De melodieën zijn doordringend, verleidelijk, onweerstaanbaar, extatisch en turbulent en worden bij voorkeur gerateld op schorre maar vooral op passionele wijze. De liederen zijn voorzien van weelderige en verfijnde arrangementen die baden in vele klankkleuren. Er zit echter wel een achillespees aan het werk van Omar Souleyman en dat is het gebrek aan dimensie. Op ‘Mawal’, een van de twee liederen die het Syrische trauma bezingen gaat het tempo meer dan drastisch omlaag waardoor tekst en muziek een naar de keel grijpende eenheid vormen. Dat andere lied, ‘Chobi’, is meer uptempo maar ook veel langzamer dan de rest van dit album. Men kan wellicht enkel pro of contra Omar Souleyman zijn: wij zijn alvast pro.
publieksprijs: 16,20

KONDI BAND – Salone

KONDI BAND – Salone

Sorie Kondi is een blinde straatmuzikant (duimpiano, one man band) uit Freetown, Sierra Leone, wiens activa bestaan uit enkele cassette-uitgaves en een website. Daar was het dat de Noord-Amerikaanse DJ Chief Boima (met Sierra Leonese roots) hem aantrof. Wat volgde was een remix van Kondi’s ‘Without Money, No Family’ (ook te horen op dit album) en een kleine tour in de VS (via crowdfunding) die op hun beurt leidden tot deze transatlantische dialoog en samenwerking waarop Boima stuwende maar wel discrete beats toevoegt aan Kondi’s rijke stem en prachtige, vrolijke en aanstekelijke melodieën. Zijn teksten zijn vaak persoonlijk en sociaal geëngageerd, nu eens direct dan weer metaforisch maar steeds compromisloos. Deze combinatie van Afrikaanse rootsmuziek en Noord-Amerikaanse techno mondt uit in een zeer aardige connectie. Boima omschrijft deze connectie als ‘thumb and bass’. Nu eens zorgt deze aanpak voor rustgevende, hypnotische sferen, dan weer voor uitbundige dansbeats. Maar de formule lijkt uiteindelijk ook een beperking te zijn: de muziek is te eenvormig en biedt te weinig dimensie om een uur lang vol te blijven boeien. Dit duo als onderdeel van een grotere bezetting (we denken hierbij aan Kasai Allstars en Konono N°1) kan wellicht wel gensters slaan. Toch eindigen we met een zeer positieve noot: we maakten kennis met een virtuoze duimpianist.
publieksprijs: 17,05

ROUGH GUIDES-ACTIE

Bij aankoop van 1 Rough Guide cd ontvang je gratis de Riverboat-compilatie ‘Music From The Source’ (CD-nieuws april 2014) en dit uiteraard zolang de voorraad strekt. Deze dubbel-cd verscheen als succulente verjaardagstaart voor het 25-jarig bestaan van Riverboat, het oudste label in de schoot van World Music Network. Een greep uit de artiestenwaslijst: Kristi Stassinopoulou & Stathis Kalyviotis, Monoswezi, Debashish Bhattacharya, Jaipur Kawa Brass Band, Ramzi Aburedwan, Sotho Sounds, She’Koyokh, Krar Collective, Jyotsna Srikanth, Wayo.

REGGAE

KEITH & TEX – Same Old Story

KEITH & TEX – Same Old Story

Oudgedienden uit de rocksteady die hun gouden tijdperk willen doen herleven alsook de vintage klank recreëren hebben daartoe in grote lijnen twee opties. Ze zoeken producer Brian Dixon (ex-The Aggrolites) op of ze trekken naar Roberto Sanchez in Spanje of all reggaeplaces. Keith Rowe en Phillip Texas Dixon, alias Keith & Tex, kozen voor die laatste oplossing. Precies een halve eeuw geleden zong dit duo zich de onsterfelijkheid in met ‘Stop That Train’ en dat deden ze twee jaar later nog eens over met ‘Don’t Look Back’. Zowat een decennium later zwermden de heren uit naar de VS en Canada en verdwenen ze zowat uit de muziekwereld om pas in 2013 terug op te duiken op de podia. Hun handelsmerk, loepzuivere, strakke en krachtige vocale harmonieën, is onaangetast gebleven. Hierbij worden ze vlekkeloos en strak en hecht begeleid door Lone Ark Riddim Force. ‘Same Old Story’ (what’s in a name) staat vol en bol van heerlijk schaamte- en pretentieloos voer voor nostalgici. Missie volbracht dus: dit album voert de luisteraar terug naar de gloriedagen van de rocksteady. En ook de prijs is heerlijk ouderwets en voor 1,40€ extra heb je er nog eens de lp bij.
publieksprijs: 12,85

SKATALITES – Independence Ska And The Far East Sound

SKATALITES – Independence Ska And The Far East Sound

Dan komt hier de volgende lading Jamaicaanse oudstrijders. We kunnen zo zoetjesaan de straat plaveien en de muren behangen met compilaties van de overigens geweldige Skatalites, deze kan er dus ook nog bij. De opnames dateren uit de periode 1963-65, toch wel de gloriejaren van de band, en in tegenstelling tot vele andere compilaties horen we hier de originele bezetting die ook wel de beste was, met grote kanonnen als Don Drummond, Roland Alphonso, Tommy McCook en Jackie Mittoo. Fans (van het eerste uur) zullen wellicht geen boodschap hebben aan deze uitgave maar voor alle andere muziekliefhebbers is deze compilatie een ware aanrader: althans een luisterend oor is een minimum. Wat er ook van zij: ondanks de overkill aan Skatalites-compilaties staat ‘Independence Ska And The Far East Sound’ garant voor 1 uur exquis en uiterst swingend oorplezier.
publieksprijs: 19,05

VINYLRELEASES

- SONGHOY BLUES – Résistance
publieksprijs: 26,25 (2 lp)
- IFFRIQIYYA ELECTRIQUE – rûwâhîne
publieksprijs: 21,35
- SKATALITES – Independence Ska And The Far East Sound
publieksprijs: 24,50 (2 lp)
- OMAR SOULEYMAN – To Syria with Love
publieksprijs: 31,90
- DONA ONETE – Banzeiro
publieksprijs: 21,35v - MITU – Cosmus
publieksprijs: 23,95 (2 lp)
- KONDI BAND – Salone
publieksprijs: 21,80
- ADDICTIVE TV – Orchestra Of Samples
publieksprijs: 26,55 (2 lp)v - ARIWO – Ariwo
publieksprijs: 26,55 (2 lp)
- ‘OTÉ MALOYA’ (compilatie)
publieksprijs: 27,20 (2 lp)
- ‘JOHN ARMSTRONG presents AFROBEAT BRASIL’ (compilatie)
publieksprijs: 24,45 (2 lp)
- ‘WELCOME TO ZAMROCK! Vol. 2’ (compilatie)
publieksprijs: 29,90 (2 lp + download card)

GOUD VAN OUD

THE CONGOS – Heart Of The Congos

THE CONGOS – Heart Of The Congos

Bouwjaar: 1977
‘Heart Of The Congos’ is een van de grote meesterwerken en mijlpalen uit het gouden tijdperk van de roots reggae en tegelijk ook een van de hoogtepunten uit het productiewerk van Lee “Scratch” Perry. The Congos is een duo dat toen bestond uit falsetto Cedric Myton en tenor Roy Johnson. Perry onderstutte hun harmonieën met de toevoeging van bariton Watty Burnett die ook een volwaardige Congo zou worden. De begeleidende cast leest als de shortlist voor de Booker Prize: zo horen we o.a. Ernest Ranglin, Mikey Chung, Sly Dunbar, The Meditations en Gregory Isaacs. De zet van Perry om een bariton toe te voegen bracht meer diepte en deed de muziek ook aansluiten bij de Jamaicaanse traditie van vocale harmonietrio’s wat dan weer een rocksteadyaccent geeft. Een andere missie die Perry had met zijn toen nog zeer primitief uitgeruste Black Ark Studios was om reggae landelijker te doen klinken, weg van de gebruikelijke stedelijke scherpte van Kingston, en met deze twee diep spirituele Rastafarizangers had hij de ideale focus voor wat hij voor ogen had. De begeleiding staat volledig in functie van de klagerige en epische zangtoon en de haast onaardse harmonieën die hier uitstekend gedijen in een draaikolk van echo, dub en reverb en voortgestuwd worden door een krachtige ritmesectie.
Tot slot attenderen we nog even op een Belgisch randje aan het verhaal van The Congos: in 2011 nam de Belgische reggaehoop Pura Vida een lp op met hen en nog eens een jaar later een met Roy Johnson. Pura Vida heeft ook een actieve samenwerking met Lee “Scratch” Perry.
publieksprijs: 15,10
Meer van deze artiesten:
Congo Ashanti (bouwjaar: 1979; 20,45€)
Dub Feast (2012; 16,60)
Feast (2006; 16,60)
Fisherman Style (2006; 24,05 - cd + dvd).

GOUD VAN HELEMAAL NIET OUD

Elke maand zetten we nog eens een klassieker van het voorbije jaar in de etalage.

ORKESTA MENDOZA - !Vamos A Guarachar!

ORKESTA MENDOZA - !Vamos A Guarachar!

Even een bezige bij voorstellen: Sergio Mendoza. Deze Amerikaanse medemens, zanger, pianist en gitarist musiceert bij Calexico (Joey Burns en John Convertino zijn hier trouwens op een lied te horen), Mexrissey en DeVotchKa en runt sinds 2009 ook nog zijn eigen orkest, Orkesta Mendoza, voorheen Sergio Mendoza Y La Orkesta, ontstaan uit een eenmalig tributeproject voor de Cubaanse mambokoning Pérez Prado. Hun muziek is een overpruttelende, uitzinnige en broeierige stoofpot met vele ingrediënten: mambo, cumbia, ranchera, merengue, ska, mariachi, rumba, jazz, rock, americana, elektronica, psychedelica en nog een en ander. Veel van die stijlen werden Mendoza als jongeling met de paplepel ingegoten. Vele jaren liet Mendoza echter de Latijnse stijlen voor wat ze waren en stortte hij zich geheel op de rock and roll maar aan het einde van het verhaal kroop het bloed waar het niet gaan kon. In 2012 “debuteerde” hij met ‘Mambo Mexicano’ (opgedragen aan Pérez Prado) en dan was vorig jaar opvolger ‘!Vamos A Guarachar!’ aan de beurt, een dampend, explosief, manisch, verkwikkend, exuberant, brutaal en broeierig werkstuk vol grens- en diasporamuziek waar het plezier (met ook wat ruimte voor bittere melancholie) van afdruipt: eat your heart out, Donald Trump, en stop die lugubere muur in je obscene reet. Dit album is bij uitstek een waarachtig en ultiem pleidooi voor culturele uitwisseling. Mendoza koos voor een kamerbrede productie, soms Phil Spector achterna, en dat ligt deze muziek wel: het draagt bij tot een heerlijk kitschgehalte. Van deze overheerlijke muziek wordt een mens (nee, niet jij, Donald) helemaal vrolijk. Op zaterdag 5 augustus speelt Orkesta Mendoza ten dans op Festival Dranouter alwaar je ook de dorst kan lessen aan de Oxfambars.
publieksprijs: 18,75

GET UP, STAND UP! MUZIEK, VERZET EN REVOLUTIE

FEMI KUTI – No Place For My Dream

FEMI KUTI – No Place For My Dream

Bouwjaar: 2013 Daar zijn de onvermijdelijke Kuti’s weer: deze keer niet vader Fela of de jongste muzikale zoon Seun, maar wel zijn broer Femi, met zijn negende album. In de allerbeste Kutitraditie blijft Femi ontzettend boos over wat er misloopt in zijn thuisland Nigeria: de teksten en de hoes spreken boekdelen. Zijn boosheid blijft niet beperkt tot Nigeria: ook wantoestanden op andere plaatsen (t/m de Europese crisis) gaan hier voor de hakbijl, waarbij hij vooral fulmineert tegen het meedogenloze kapitalisme (cfr. de veelzeggende titel). Ook muzikaal haalt Femi hier de allerbeste Kutitraditie te voorschijn: wat we te horen krijgen is messcherpe afrobeat van het allerhoogste niveau. Vader Fela zou zeer fier geweest zijn en kan in zijn graf op beide oren slapen, zijn erfenis is zowel bij Femi als bij Seun in uitstekende handen. Femi’s opwindende orgel-, sax- en trompetspel en zang worden in dit huzarenstuk voortreffelijk ondersteund door zijn overweldigende en verjongde begeleidingsgroep Positive Force, een verzameling klassemuzikanten. Afrobeat staat -terecht- terug helemaal boven op de kaart. ‘No Place For My Dream’ is een muzikale orkaan: deze muziek raast door je hoofd en bijt er zich vervolgens in vast.
publieksprijs: 18,50

ULTIMA 2016 MUZIEK is voor MUZIEKPUBLIQUE

MUZIEKPUBLIQUE

De Vlaamse Cultuurprijzen werden herdoopt tot de Ultimas. Die voor muziek gaat dit jaar naar vzw Muziekpublique en dat verheugt ons bijzonder. Deze Brusselse organisatie stelt zich tot doel promotie te voeren voor traditionele muziek en dans in de breedst mogelijke betekenis. Ze doet dit met een programmatie van concerten, muzikale creatie, cursussen, workshops, begeleiding van artiesten en een eigen muzieklabel. Deze programmatie maakt de vzw tot een van de belangrijkste actoren binnen de folk en de wereldmuziek in België. De basisfilosofie van Muziekpublique luidt dat alle culturen waardevol zijn en hun eigen boeiende traditie qua muziek en dans hebben. Muzikanten moeten de kans krijgen vanuit die traditie verder te werken en de verschillende gemeenschappen in Brussel moeten de mogelijkheid krijgen met elkaars cultuuruitingen in contact te komen en andere stijlen te leren kennen. Het leren kennen van andere culturen en het respect voor elkaars traditie vormen volgens Muziekpublique de basis voor vernieuwing en verrijking van de eigen (muzikale) cultuur. Dit gegeven loopt als een rode draad doorheen de gehele artistieke en organisatorische werking. Om dat te bereiken leverde de artistieke ploeg de voorbije jaren zeer veel inspanningen.

Met hun jaarlijkse Hide & Seek Festival in augustus openen ze de deuren van verrassende plekken in Brussel voor akoestische concerten van traditionele wereldmuziek. Jaarlijks werkt de organisatie ook mee aan de live-uitzendingen van het populaire multiculturele RTBF-programma ‘Le Monde est un village’. Verder is er nog het jaarlijkse Living Room Music, een akoestisch muziekfestival in Brusselse woonkamers. Andere voltreffers in het verleden waren de programmatie van het Irisfeest (Brussels Hoofdstedelijk Gewest) in samenwerking met Rosas, een groot bal populaire in het Noordstation tijdens de eerste Nuit Blanche en een twintigtal concerten in de Brusselse metro tijdens de eerste editie van Brxlbravo, het Brusselse Kunstenweekend. Daarnaast zijn ze ook nog partner van het Festival d’Art de Huy, geven ze kansen aan onbekende folk- en wereldmuziekgroepen en organiseren ze folkbals in het volkshuis van Sint-Gillis.

Sinds 2006 is Muziekpublique beheerder van Theater Molière, dankzij de gemeente Elsene. Deze zaal in de Naamsepoortgalerij met zijn uitstekende akoestiek ligt midden in Matonge, de Afrikaanse wijk van Brussel en vormt dan ook de ideale locatie om een wereldculturencentrum uit te bouwen. In Molière wordt er dagelijks gerepeteerd door groepen in residentie, gaan een groot deel van de cursussen door en is er plaats voor projecten met buurtbewoners en verenigingen en andere artistieke evenementen (theater, film, expo).

Muziekpublique kiest ervoor het talent van lokale muzikanten in de kijker te zetten. Dat doen ze door de artistieke en logistieke begeleiding van Brusselse groepen die bij Muziekpublique in residentie zijn en waarmee in sommige gevallen een cd wordt opgenomen en het management van wordt gedaan. Het is de bedoeling om deze artiesten zoveel mogelijk bij te staan en hun carrière in binnen- en buitenland te ontwikkelen. Recente producties waren ‘The Encounter Of Vocal Heritage’, een ontmoeting tussen zangtradities uit vijf landen door het vocale ensemble Voxtra (muzieknieuws januari 2017), ‘Amerli’ van Refugees For Refugees (muzieknieuws juli 2016) en ‘Adana’ van Vardan Hovanissian & Emre Gültekin (muzieknieuws maart 2017). Voor oktober is er een cd voorzien van Tamala, een nieuw trio met naast twee Senegalezen ook Wouter Vandenabeele in de rangen. Andere cd’s op dit label kwamen van Malick Pathé Sow, Shahkilid, Blindnote, Zongora. Drie van de Muziekpubliquereleases werden opgenomen in de jaarlijsten van Songlines, fRoots en Transglobal World Music Chart. Vanuit de muziek- en danscursussen ontstonden en ontstaan verscheidene groepen zoals A Contrabanda, Nieuwe Harmonie d’accordéon Bruxelloise en Brussels Balkan Ensemble.
Jongens en meisjes van Muziekpublique: PROFICIAT, een kus van de juffrouw of van de meester en een bank vooruit.

STAND AS ONE: COLDPLAY & OXFAM samen voor migranten

Moeten vluchten van je huis, dat is de harde realiteit voor 65 miljoen mensen vandaag. Daarom vragen Oxfam en Coldplay om mensen op de vlucht te tonen dat we hen steunen. Want samen staan we sterk. Coldplay was vorige maand in België voor hun wereldtournee “A Head Full of Dreams”. Coldplay wil tijdens hun tournee iets méér doen dan alleen muziek maken, en steunt daarom de Oxfam-campagne Stand As One ( www.oxfamontour.org/en/ ). Met Stand As One tonen we dat de meer dan 65 miljoen migranten vandaag er niet alleen voor staan. Op de Coldplay-concerten in België ging een fijne bende Oxfam-vrijwilligers bezoekers aanspreken over migratie. De vrijwilligers vroegen de Coldplay-fans om hun steun te tonen voor de rechten van mensen op de vlucht, en symbolisch de internationale Oxfam-petitie ( www.oxfamontour.org/en/ ) voor de rechten van migranten te tekenen. Dat willen we nu ook aan jullie vragen.

STUDIO-GLOBE

STUDIO-GLOBE

Zeer aanbevelenswaardig op mixcloud is Studio-Globe waar Afrikaanse muziek van gisteren, vandaag en morgen 100% centraal staat. Dit project is het vrijwilligerswerk van 1 persoon, Ruud Siebons, die 17 jaar geleden begon met het programma ‘Globe’ bij een stadsradio in Nederland en dat nu nog steeds doet -ook als vrijwilliger- voor twee regionale omroepen in Nederland. Het zijn die programma’s die je ook op mixcloud kan beluisteren. Naast de muziek belicht Ruud ook de achtergronden ervan.
Te beluisteren op https://www.mixcloud.com/studioglobe of www.Studio-Globe.com.

SONG VAN DE MAAND

75 DOLLAR BILL – I’m Not Trying To Wake Up

COVER VAN DE MAAND

ORCHESTRE SYMPHONIQUE KIMBANGUISTE – Fratres (Arvo Pärt)