Muzieknieuws oktober 2017

MERIDIAN BROTHERS – Dónde Estás María?

MERIDIAN BROTHERS – Dónde Estás María?

Meridian Brothers kan het best omschreven worden als een alias voor Eblis Álvarez, een Colombiaanse componist, multi-instrumentalist en (atonale) zanger die we ook kennen van Ondatrópica en Frente Cumbiero. In Colombia wordt hij aanzien als een genie en is hij een van de sleutelfiguren in de experimentele muziekscene in Bogotá. Vijf jaar geleden konden we voor het eerst kennis maken met de bezieler van dit geweldige project bij de release van ‘Desesperanza’, het vierde album dat hij maakte onder die naam, het eerste dat ook buiten het thuisland verscheen. Een jaar nadien verscheen dan de compilatie ‘Devoción (Works 2005 – 2011)’, een bloemlezing uit de eerste drie albums die tot dusver enkel verschenen waren op het lokale label La Distritofónica. Álvarez creëert een geheel eigen universum en een surrealistisch landschap met behulp van traditionele instrumenten, elektronica en verwrongen vocalen. In zijn elektronische speeltuin exploreert deze muzikale non-conformist en dissident doorheen zijn psychedelische lens een zeer brede waaier aan stijlen. Wanneer deze man aan het muzikale front verschijnt is geen enkele stijl nog veilig: vintage tropicália, salsa, cumbia, currulao (een Afro-Colombiaanse stijl), highlife, ethiojazz, surf, champeta, mestizo en tutti quanti: alle moesten ze er in het verleden al aan geloven. Doorgaans is cumbia het bindmiddel en de ruggegraat van zijn experimentele lijstwerk. Daar waar op ‘Desesperanza’ vooral experimenten met salsa de hoofdtoon voerden was op het vorige album ‘Salvadora Robot’ iedere track gebaseerd op een andere latin stijl (merengue, cumbia, reggaeton, currulao, vallenato….). Ondertussen heeft de man wellicht het merendeel van de Latijns-Amerikaanse en Caraïbische stijlen en ritmes aangepakt: de receptuur bleef quasi onveranderd maar dat kon vooral de pret niet deren. Álvarez produceert uitermate speelse en weirde maar soms ook wel donkere klanken die wel steeds diep geworteld zijn in eeuwenoude tradities. Dat resulteerde naar goede gewoonte steeds in bijwijlen briljant maar vooral overstuurd, freaky, extravagant en zéér prettig gestoord werk dat bovenal van een unieke esthetiek getuigde: m.a.w. Colombia voor gevorderden. Van bescheidenheid en gebrek aan gevoel voor humor kan de man zeker niet beschuldigd worden: alle opnames gaan door in zijn eigen studio in Bogotá, genaamd Isaac Newton studios. Zo ook dit nieuwe album ‘Dónde Estás María?’ waarop hij, met de cello voor het eerst in een opmerkelijke en verrassende hoofdrol, Latijnse ritmes vermengt met tropicália en MPB en met weelderige strijkers- en koorarrangementen waarbij de toevoeging van strijkers een verrijking is. ‘Dónde Estás María’ is wellicht het meest toegankelijke album van Álvarez maar het blijft er wel voldoende avontuurlijk aan toegaan in zijn speeltuin en het palet aan invloeden en inspiratiebronnen is nog steeds zeer breed.
publieksprijs: 15,40

TOGO ALL STARS – Togo All Stars

TOGO ALL STARS – Togo All Stars

Togo All Stars brengen een opwindende, broeierige, rauwe en stuwende mix van funky voodoomuziek met highlife en afrobeat en strepen jazz, funk en soul en ook nog eens reminiscenties aan Fela Kuti en James Brown. Ze zijn voor het eerst buiten Afrika te horen: het was ook de bedoeling dat ze vorige maand ook te zien zouden zijn in België en Nederland maar mede door de politieke onrust in Togo kreeg de groep geen visum. Voodoo (of vodou) vond zijn oorsprong bij de Fon, Dahomey, Ewe en Yoruba volkeren in Benin en werd later mee met de slaven gedeporteerd naar het Amerikaanse continent waar het sporen naliet in diverse muziekstijlen. Voor een uitgebreide kennismaking met het begrip vodou verwijzen we jullie graag naar de bespreking van ‘The Rough Guide to Voodoo’ op www.oxfambrugge.be/site/cd-nieuws/cd-nieuws-2013/cd-nieuws-oktober-2013 . Dit collectief is een ontmoeting van twee generaties muzikanten uit de Togolese hoofdstad Lomé: twee zangers die nog actief de jaren 70 meemaakten en jonge kerk- en straatmuzikanten. De stuwende kracht achter dit gebeuren is dan weer de Franse producer Serge Amiano die we ook kennen van de Franse afrobeatgroep Fanga. Dit stomende debuut met uitmuntende blazers in een hoofd- en glansrol staat garant voor meer dan 78 minuten muzikaal genot.
publieksprijs: 18,70

MONOSWEZI – A Je

MONOSWEZI – A Je

Monoswezi was toe aan gezinsuitbreiding: het kwintet werd een septet. Wat voorafging: het bedenken van een groepsnaam is wellicht een discipline op zich. De vijf oorspronkelijke leden kwamen uit op Monoswezi want afkomstig uit respectievelijk MOzambique, NOorwegen, ZWEden en ZImbabwe. Op hun vorige twee albums, ‘The Village’ en ‘Monoswezi Yanga’, haalden ze Zimbabwaanse traditionals en oude liederen uit de Shonacultuur (en ook in die taal gezongen) samen met een infuus frisse Scandinavische jazz door de blender. Zangeres Hope Masike vertolkte met haar bijzondere stem de rol van verteller. Ze is opgeleid in traditionele muziek, jazz en dans en is ook een van de zeldzame vrouwen die mbira spelen, het centrale instrument bij Monoswezi. Aangezien deze muzikanten verspreid over de aardbol wonen zijn ontmoetingen schaarse en gekoesterde gelegenheden en is studiotijd een kostbaar goed: vaak worden tracks in 1 take opgenomen. De structuur van hun vloeiende, organische, veelgelaagde en vrije muziek is gebaseerd op cyclische loops en riffs en op solide maar zachte ritmepatronen. De invloed van minimalisten Philip Glass en Steve Reich was bijwijlen nadrukkelijk aanwezig in hun mondiale grooves. De klank liet zich opmerken door een grote wijdsheid en esthetiek. Zoals aangegeven waren ze aan een gezinsuitbreiding toe om nieuwe sonische werelden te exploreren en hun palet te verbreden. De twee nieuwe gezinsleden brachten ook nieuwe instrumenten mee: het Indiase harmonium, de Malinese ngoni en de Afrikaans-Amerikaanse banjo. Afrikaanse muziek blijft prominent centraal in de inspiratie van Monoswezi. Het Zimbabwaanse muzikale erfgoed van Hope Masike en het Mozambikaanse van Calu Tsemane vormen, naast de Scandinavische jazz, nog steeds het fundament van de compositorische benadering van bandleider Hallvard Godal. De ngoni en de banjo mogen dan wel twee zeer verschillende instrumenten zijn, toch hebben ze een historische link: de ngoni en andere West-Afrikaanse luiten werden destijds samen met de slaven gedeporteerd naar Amerika en de Caraïben en werden manifest aanwezig in de Creoolse cultuur; ze stonden ook aan de wieg van de moderne vijfsnarige banjo. Een andere nieuwigheid is de exploratie van de Pakistaanse qawwali traditie die zich hier manifesteert in het gebruik van het harmonium. De grote kracht van Monoswezi schuilt in hun schier eindeloze nieuwsgierigheid naar nieuwe klanken en hun weldoordachte omgang daarmee. Ze verweven zeer uiteenlopende tradities op bijzonder naadloze en organische wijze en met open vizier waarbij ze steeds krachtpatserij en navelstaren vermijden. ‘A Je’ is een fascinerende beauty en een verkwikkende luisterervaring, aangeboden door een groep met een groot toekomstpotentieel.
publieksprijs: 13,15

MSAFIRI ZAWOSE – Uhamiaji

MSAFIRI ZAWOSE – Uhamiaji

De naam van deze Tanzaniaanse zanger en mult-instrumentalist zegt u hoogstwaarschijnlijk weinig of misschien zelfs niets. Die van Hukwe Zawose (vader van Msafiri en verder ook gekend van zijn samenwerkingen met Peter Gabriel en Michael Brook) en The Zawose Family (groep waarvan Msafiri deel uitmaakt) wellicht des te meer. Diverse leden van The Zawose Family zijn ook te horen op dit album. Samen met de Britse producer en toetsenist Sam Jones wil Msafiri op ‘Uhamiaji’ een nieuwe definitie brengen van gogo, de muziek van de Wagogo, een traditionele nomadische stam uit Centraal-Tanzania bij dewelke muziek een zeer belangrijke rol speelt. Gewild of ongewild breit Msafiri met ‘Uhamiaji’ een soort vervolg aan het baanbrekende album ‘Assembly’ dat zijn vader maakte met Michael Brook in 2002. Op ‘Uhamiaji’ voeren de ilimba, een xl duimpiano, en elektronica (dub, ambient, balearic beat) de hoofdtoon in een hypnotische en vaak dromerige zoektocht naar nieuwe vormen voor traditionele muziek. Helaas zit er te weinig dimensie, richting, kleur, pluriformiteit en peper en zout in die zoektocht en was de opzet veel avontuurlijker en meer visionair dan het eindresultaat. Spel en zang zijn wel van constant hoge kwaliteit maar het vehikel deugt niet. Of misschien deugen wij niet.
publieksprijs: 15,40

RAMON GOOSE – Long Road To Tiznit

RAMON GOOSE – Long Road To Tiznit

De lange weg van Marrakesh naar Tiznit (in het zuidwesten van Marokko) vormde een inspiratiebron voor de desertblues van de Engelse zanger, gitarist en ngonispeler Ramon Goose die op dit album een mix van oldskool blues (in de traditie van o.a. Robert Johnson, Blind Boy Fuller, Skip James en John Lee Hooker) en hypnotische Saharaanse grooves en melodieën neerzet in songs die handelen over vluchtelingen, (mensen)smokkelaars, gevaar en vrijheid. Ramon werkte voorheen met o.a. Eric Bibb, Justin Adams en Pee Wee Ellis maar is de voorbije jaren vooral bezig geweest met het ontdekken van Afrikaanse muziek. ‘Long Road To Tiznit’ vormt dan ook de apotheose van die ontdekkingstocht. Ramon Goose was voor het eerst in Afrika toen hij met de alomtegenwoordige Justin Adams (lees ook: muzieknieuws augustus), ook te horen op dit album, en Julian Joseph naar Dakar trok voor een muzikaal project. Wat hij daar hoorde werd een openbaring voor hem. Hij werkte er ook met de legendarische Senegalese griot Diabel Cissokho die hem heel wat bijbracht over het muzikale erfgoed. In 2010 maakten ze samen het album ‘Mansana Blues’. Goose schreef de songs voor zijn nieuwe album op reis in Marokko en nam het op in Londen (met zijn eigen groep) en in Marrakesh met een legertje gastmuzikanten, waaronder Justin Adams, Najma Akhtar en lokale Berbermuzikanten. Het eindresultaat is een heerlijke kruisbestuiving van gedachten, culturen, stijlen, mondiale klanklandschappen, rijke melodieën, hypnotische percussie en virtuoos gitaarspel. Het enige minpunt is het matige zangtalent van Ramon Goose.
publieksprijs: 13,15

 Why Did We Stop Growing Tall?’ (compilatie)

‘ABATWA (The Pygmy): Why Did We Stop Growing Tall?’ (compilatie)

Notoir rockproducer (en nog zoveel meer) Ian Brennan, die we ook en vooral kennen van zijn werk met Tinariwen, startte twee jaar geleden op Glitterbeat Records de boeiende reeks Hidden Musics die minder bekende maar ook vergeten muziektradities wil belichten. Het betreft veldopnames uit getraumatiseerde gebieden die hij ter plaatse superviseert. Zo werkte hij met muziek- en oorlogsveteranen uit Vietnam, traditionele dorpsmuzikanten uit Mali en Cambodjaanse traditionele muzikanten die de genocide van de Rode Khmer hebben overleefd. Voor deel 4 trok hij naar de bedreigde Abatwa in Rwanda. Deze pygmeeën uit het grensgebied tussen Rwanda en Burundi zijn een van de meest gemarginaliseerde en bedreigde populaties in Afrika: hun situatie is vergelijkbaar met die in de Indianenreservaten. Ondanks alle onheil dat hun leven determineert houden ze een zeer vitale muziektraditie staande. Naast hun eigen universum komen ook wereldwijde thema’s als aids, oorlog en het milieu aan bod. De muziek is basisch en organisch en wordt vooral met handgemaakte (snaar)instrumenten vertolkt. Wat we hier horen is DIY in de meest uitgepuurde vorm. Niet dat deze muziek de meest lieve lust voor de oren is, maar het is wel zeer belangrijk dat dit vergeten hoofdstuk in de wereldmuziek (en ook in het collectieve geheugen en bewustzijn) terug onder de aandacht wordt gebracht zodat deze bijna verdwijnende (muziek)cultuur niet in de collectieve vergeetput verzeild raakt. Waarvoor dank aan Glitterbeat Records en Ian Brennan die zijn veldwerk steeds met het grootste respect aan de dag legt. Dat deze muziek niet zo goed in westerse oortjes ligt heeft evenzeer met die oortjes als met de muziek te maken. Toch raden we iedereen aan hier eens wat tijd (amper 34’38”) en moeite voor te nemen, dat hebben wij tenslotte ook gedaan: het doet heus geen pijn aan de oren en je wordt er zeker geen slechter mens van.
publieksprijs: 18,75

VINYLRELEASES

- MERIDIAN BROTHERS – Dónde Estás María?
publieksprijs: 18,00
- TOGO ALL STARS – Togo All Stars
publieksprijs: 23,15 (2 lp)
- ‘ABATWA (THE PYGMY): Why Did We Stop Growing Tall?’ (compilatie)
publieksprijs: 21,35
- MSAFIRI ZAWOSE – Uhamiaji
publieksprijs: 22,45 (2 lp)
- MARIZA – Best of
publieksprijs: 26,25 (2 lp)
- MARIZA – Fado em mim
publieksprijs: 22,50
- MARIZA – Mundo
publieksprijs: 22,50
- XOA – Diaspora EP (12 inch)
publieksprijs: 13,50
- ALI FARKA TOURÉ – The Source (re-release)
publieksprijs: 25,20 (2 lp)
- HUUN HUUR TU -60 Horses In My Herd (re-release)
publieksprijs: 22,80
- THE MAYTALS – From The Roots (re-release)
publieksprijs: 21,75
- U-ROY – Version Galore (re-release)
publieksprijs: 21,75
- DUB SYNDICATE – Displaced Masters
publieksprijs: 17,05
- DUB SYNDICATE feat. JAH WOBBLE – Tunes From The Missing Channel (re-release)
publieksprijs: 17,05
- DUB SYNDICATE – One Way System (re-release)
publieksprijs: 21,10 (2 lp)
- DOCTOR PABLO & DUB SYNDICATE – North Of The River Thames (re-release)
publieksprijs: 17,05
- DUB SUNDICATE – The Pounding System (re-release)
publieksprijs: 17,05
- JESSE ROYAL – Lily Of Da Valley
publieksprijs: 21,60
- THE SELECTER – Daylight
publieksprijs: 24,35
- THE EXPANDERS – Old Time Something Come Back Again Vol. 2
publieksprijs: 21,60

GOUD VAN OUD

BOB MARLEY & THE WAILERS - Exodus

BOB MARLEY & THE WAILERS - Exodus

Bouwjaar: 1977
Topwijn en ook topmuziek behoeven geen krans maar toch zetten wij graag nog eens onze favoriete BOB en onze all time favourite tout court in de bloemetjes. Reden daartoe is de 40ste verjaardag van ‘Exodus’, zijn best verkochte studioalbum. Dit iconische sleutelalbum uit de reggae maar ook uit de 20ste eeuw is een van de talloze monumenten die Bob Marley bij leven en welzijn neerzette. Wie de ziel van reggae wil begrijpen kan eigenlijk maar bij deze ene man terecht. Indien wij het voor het zeggen hadden bij UNESCO dan waren Bob Marley en zijn indrukwekkende oeuvre al lang cultureel werelderfgoed geweest. In een periode van nauwelijks 18 jaar was Bob Marley overproductief met als kwalitatieve piekperiode 1975 - 1980. ‘Exodus’ werd opgenomen tussen twee sleutelgebeurtenissen uit Marley’s leven: de mislukte moordpoging op hem en zijn vrouw en One Love Peace Concert, toen hij in de ogen van de wereld van cultheld, rebel en vrijheidsstrijder transformeerde tot mondiale superster en halfgod. ‘Exodus’ is compositorisch wellicht niet zijn beste album (al was het volgens Time Magazine ‘Best Album of the 20th Century’) maar het is wel het werkstuk waarin alle facetten van zijn muzikale, religieuze en politieke persoonlijkheid perfect in balans kwamen te liggen en dat een artiest op het hoogtepunt van zijn kunnen liet zien en bijgevolg algemeen als het opus magnum van een van de grootste en meest relevante artiesten ooit wordt beschouwd. Op ‘Exodus’ oversteeg Bob Marley reggae met muziek die ook geworteld is in blues en soul die voor peper en zout zorgden. Het zette Marley definitief op de wereldkaart. Als toetje op deze cd-uitgave krijgen we nog de geweldige maxisingle ‘Punky Reggae Party’ geserveerd, voorheen niet verkrijgbaar op lp of cd.
publieksprijs: 9,20

GOUD VAN HELEMAAL NIET OUD

Elke maand zetten we nog eens een klassieker van het voorbije jaar in de etalage.

SÖNDÖRGÖ – Live Wires

SÖNDÖRGÖ – Live Wires

22 jaar geleden ontmoetten de drie muzikale broers Eredics en nog een neef van hen Attila Buzás in Szentendre, Hongarije. Alle vijf hebben ze gemeen dat ze tambura spelen. Nog steeds trakteren ze de wereld gul op hun niet te stoppen tamburitza. Hoe ze dat doen valt te horen op dit livealbum, opgenomen tussen 2010 en 2015 in Boedapest, Roskilde, Sziget, Huy, Rudolfstadt, Parijs en Napels; we horen ook diverse gastvertolkingen, o.m. van Ferus Mustafov. Wij leerden dit vijftal de voorbije jaren kennen van hun verbluffende albums ‘Tamburising’ en ‘Tamburocket’. De tambura is een gevestigd en populair snaarinstrument (lijkt een beetje op de mandoline en de bouzouki) bij de Servische en Kroatische gemeenschappen in Hongarije. Het instrument is waarschijnlijk van Turkse origine en kan bespeeld worden als solo-instrument, maar meestal wordt het gebruikt in kleine orkesten, zoals bij Söndörgö, een multi-etnisch familieorkest (met een vreemde eend in de bijt). De vijf muzikanten bespelen, naast nog andere instrumenten, verschillende types tamburas. Söndörgö doet meer dan het terug opleven van deze traditionele Servische en Kroatische muziek, het orkest exploreert en herwerkt ook muziek van dieper in de Balkan met Macedonische, Bulgaarse, Turkse, joodse en zigeunerinvloeden en voegt ook nieuwe lagen toe aan die tradities. Ook al gaat het om muziek die door de traditie is geïnspireerd, dan toch heeft het spel niets weg van wat wij kennen als traditionele Hongaarse en andere Oost-Europese muziek: Söndörgö klinkt lichtvoetig, dartel, energiek, aanstekelijk, veerkrachtig en uiterst delicaat. De groep combineert op meesterlijke wijze respect voor de tradities met de drang tot vernieuwing en doet dit met een bruisende virtuositeit. Iemand een etiket van doen? Dan opteren we voor Hongaarse Nu-folk. Wat bij deze live-opnames meteen opvalt is de grote behendigheid en perfecte instrumentenbeheersing van deze muzikanten. Het merendeel der muziekjes wordt aan een razende rotvaart uitgevoerd (met soms nog acceleratie binnen de acceleratie) en dus zijn de rustpunten her en der dan ook zeer welkom. Een schitterend voorbeeld van zo’n rustpunt is het trage en uiterst sensuele ‘Farandole’. ‘Live Wires’ brengt het portret van een werkelijk onweerstaanbare groep en dat in elke noot, in elke vezel, in elke wending. Er wordt gespeeld met authentieke passie en het geëtaleerde vakmanschap is vlekkeloos. Deze band klinkt door het zoveel jaren samenspelen en toeren zo onwaarschijnlijk hecht. Ook de klankkwaliteit is onberispelijk wat niet steeds evident is bij live-albums. Wanneer je het album in een ruk beluistert dan krijg je nooit het gevoel dat dit over vijf jaar en op zeven locaties is opgenomen en ook dat rekenen wij tot een grote verdienste. Luistertip: de volumeknop helemaal naar links draaien.
publieksprijs: 13,15

GET UP, STAND UP! MUZIEK, VERZET en REVOLUTIE

‘SOUL OF A NATION (Afro-Centric Visions In The Age Of Black Power)’ (compilatie)

‘SOUL OF A NATION (Afro-Centric Visions In The Age Of Black Power)’ (compilatie)

Deze compilatie vergezelt de gelijknamige expo die nog tot 22 oktober loopt in Tate Modern in London. Deze expo vertelt het verhaal van de burgerrechtenbeweging en van het opduiken van de meer militante oproepen voor Black Power en een schreeuw om Afro-Amerikaanse trots, autonomie en solidariteit geïnspireerd op de destijds nieuwe onafhankelijke Afrikaanse naties. Artiesten profileerden zich met provocerend, confronterend en verwarrend werk. Veel meer dan de beeldende en visuele kunst werd de muziek een onbetwistbare culturele kracht. Deze compilatie opent met de iconische en mythische song ‘The Revolution Will Not Be Televised’ van Gil Scott-Heron. Dit moge dan ook niet gebeurd zijn, de revolutie verspreidde zich toch als een vuur in jazz, soul, spoken word, gospel, funk en pop. Bij hedendaagse artiesten als Beyoncé, Kendrick Lamar en The Roots zie je een directe afstamming van de kunst en de muziek uit dat tijdsgewricht. De invloed van lieden als John Coltrane, James Brown en Aretha Franklin alsook van de zwarte kerk valt niet te onderschatten.
Deze compilatie focust op de intense periode tussen 1968 en 1975 toen jazzmuzikanten nieuwe muziek creëerden die muziek met politiek verbond. Het betrof noties van zelfbeschikking, zwarte businessmodellen en de revolutionaire doelstellingen van Black Power. Muzikaal streefden ze naar een combinatie van het muzikale radicalisme en spiritualisme van John Coltrane en avant-garde jazz en van de intense funk en soul van James Brown en Aretha Franklin en stadspoëzie en proto-rap van de straat. Hiermee verbonden was er ook een diepe exploratie van afrocentriciteit, zowel in muzikale termen van klank en ritmes als in filosofische van Afrikaanse concepten van collectiviteit en gemeenschap. In de meer uitgebreide periode van de burgerrechtenbeweging herdefinieerden Afro-Amerikaanse muzikanten zowel zichzelf als hun muziek en dit zowel politiek, cultureel, economisch en sociaal. Deze zelfreflectie beperkte zich niet tot muzikanten maar was deel van een politiseringsproces dat zich ook voordeed bij visuele artiesten, dansers en dichters. Dit proces werd belichaamd in de Black Arts Movement die deel uitmaakte van een ruimer proces van politieke agitatie en sociaal protest terwijl de burgerrechtenbeweging streefde naar gelijkheid en vrijheid voor alle Afro-Amerikanen.
Bij beluistering van deze geweldige verzameling waren wij redelijk ondersteboven van de bijdragen van Gil Scott-Heron, Mandingo Griot Society with Don Cherry, Roy Ayers Ubiquity en van Oneness Of Juju. Wie ten laatste 22 oktober nog in London raakt weet wat er te doen staat.
publieksprijs: 20,65

In memoriam EARL ‘WIRE’ LINDO

Op 4 september overleed Earl Wilberforce Lindo, bijgenaamd Wya. Hij was in de eerste plaats bekend als keyboardsspeler bij Bob Marley and The Wailers. Zijn actieradius reikte echter veel verder: hij werkte ook voor o.a. Tommy McCook, The Supersonics, Dennis Brown, Burning Spear, Taj Mahal, Peter Tosh, Now Generation, The Meters, The Wailers Band, Bob Andy en als studiomuzikant in Studio One op quasi ontelbare platen.

VERWACHT

GORAN BREGOVIC – Three Letters From Sarajevo

EN VERDER NOG

- HUGH MUNDELL – Africa Must Be Free By 1983 (re-release)
Feestelijke en rijkelijke heruitgave van een meesterwerkje.
publieksprijs: 19,35