Muzieknieuws februari 2018

THE BULGARIAN VOICES ANGELITE – Passion . Mysticism & Delight

THE BULGARIAN VOICES ANGELITE – Passion . Mysticism & Delight

Deze dames behoren tot de absolute top in de polyfone Bulgaarse samenzang en bij uitbreiding eigenlijk ook ver daarbuiten. We kennen dit koor, dat in afgeleide vorm zijn oorsprong kent in 1952 in de gedaante van Bulgarian State Television Female Vocal Choir, het best gekend als de vertolksters van de twee baanbrekende cd’s onder de naam ‘Le Mystère Des Voix Bulgares’ (helaas en schandelijk niet meer verkrijgbaar tenzij via het net). Het spreekt vanzelf dat de huidige samenstelling van het koor niets meer van doen heeft met de originele bezetting. Maar het opzet en de aanpak zijn nog steeds dezelfde. Er wordt overal te lande geprospecteerd naar bijzondere stemmen en die krijgen dan een extensieve training in de unieke en eeuwenoude Bulgaarse zangstijlen. De Bulgaarse muziek is historisch ook beïnvloed door Thracische, Ottomaanse en Byzantijnse elementen. Bijzonder kenmerkend aan deze muziek zijn de diafonische zang, het timbre, de modale toonschaal, de asymmetrische maten en de dissonante harmonieën. Het koor werd dus wereldbekend in 1986 met de release van ‘Le Mystère Des Voix Bulgares’ maar nam al op sinds 1957. De negentien zangeressen trekken alle registers open en scheren daarbij zeer hoge toppen. Solozang wordt afgewisseld met koorzang en nu en dan is er ook spaarzame instrumentale begeleiding, vooral op kaval (een herdersfluit). Traditionele liederen worden afgewisseld met werk van hedendaagse Bulgaarse componisten. The Bulgarian Voices Angelite brengen vocale muziek van het allerhoogste wereldniveau: betoverend, indrukwekkend, rillingen veroorzakend, naar de keel grijpend met een haast onwezenlijke en onwaarschijnlijke schoonheid. Deze muziek etaleert de kracht van de Bulgaarse volkskunst en de band tussen generaties en de eeuwenoude Bulgaarse muziekgeschiedenis.
‘Passion . Mysticism & Delight’ is een compilatie die een geweldige opstap voor de geïnteresseerde leek betekent. Voor de liefhebbers met lange(re) dienststaat biedt cd 2 dan weer een grote meerwaarde. Die staat volgestouwd met een overzicht van de vele samenwerkingen die dit koor aanging waarbij de meest in het oog (en oren) springende namen Bobby Mc Ferrin, Enrique Morente (met een overdosis rillingen verwekkende versie van ‘Kyrie Eleson’), Moscow Art Trio & Huun-Huur-Tu, Eddie Jobson, Dona Rosa, Fanfare Ciocarlia, Sarband en Sezen Aksu zijn. En passant raden wij uit het recentere werk van het koor graag nog de cd’s ‘Angelina’ en het experimentele ‘Legend’ (met Huun-Huur-Tu en Moscow Art Trio) aan. ‘’Passion . Mysticism & Delight’ is een hebbeding van gigantisch veel karaat waaraan u nog zeer veel plezier en luistervreugde zal beleven. Deze fabeltastische kleinood is gepresenteerd in een stijlvolle longbox en voorzien van een goed gedocumenteerd infoboekje (52 pp.).
publieksprijs: 34,10 (2 cd)

3MA (Ballaké Sissoko, Driss El Maloumi, Rajery) – Anarouz

3MA (Ballaké Sissoko, Driss El Maloumi, Rajery) – Anarouz

Reeds meer dan negen jaar koesteren we ten volle de cd ‘3MA’. 3MA (woordspeling met de Franse uitspraak van trauma) staat voor MAdagascar, MAli en MArokko (MAar ook voor MAsters). Dat MAgistrale en sublieme album is een unieke samenwerking tussen drie grootmeesters op Afrikaanse snaarinstrumenten: Rajery op valiha (cilindrische bamboeciter), Ballaké Sissoko -een van onze huisfavorieten- op kora en Driss El MAloumi op ud, drie symbolische instrumenten voor de respectieve landen. Wij waren dus zeer benieuwd of het lange wachten zou beloond worden met een nieuw meesterwerkje. Bij dit trio gaat het wel degelijk om strings attached: 20 van de valiha, 21 van de kora en 11 van de ud. Maar nooit lopen ze elkaar in de weg, wel integendeel: ze zorgen voor een karakteristieke, magische, verweven hypnotische en coherente groepsklank waarbij de tradities naadloos samenkomen en waarin het heerlijk verdwalen is. ‘Anarouz’ (Tamazight voor ‘hoop’) heeft alles weg van een superieure jamsessie van drie veelzijdige snaarvirtuozen op drie even veelzijdige snaarinstrumenten waar het spelplezier zo adembenemend van afspat en dit zowel in het (vaak improvisatorische) samenspel als in de solo’s. Deze muziek straalt immense rust en schoonheid uit en ademt ingetogen, klassieke, pastorale en haast sacrale sferen. Het geheel is hier veel meer dan de optelsom der delen. Deze drie heren zijn de best denkbare ambassadeurs voor hun respectieve instrumenten. Op drie nummers wordt er ook (wat overbodig want afleidend) gezongen en op nog twee krijgen ze assistentie op tabla van de Pakistaanse percussionist Khalid Kouhen. 3MA staat voor instrumentaal pan-Afrika op zijn allerbest. Jawel, dit trio heeft opnieuw een meesterwerkje afgeleverd en ‘Anarouz’ is dan ook de eerste titel voor onze ultieme playlist van 2018 en dus ook voor jullie verplichte leerstof. FIJNBESNAARD
publieksprijs: 18,75

EFRÉN LÓPEZ / STELIOS PETRAKIS / BIJAN CHEMIRANI – Taós

EFRÉN LÓPEZ / STELIOS PETRAKIS / BIJAN CHEMIRANI – Taós

Ook deze is fijnbesnaard zij het voorzien van het nodige tromgeroffel en we gaan ook nog even verder in triovorm. Een derde Spaans, een derde Grieks en een derde Iraans: ziehier drie klassemuzikanten uit drie totaal verschillende culturen. Efrén López bespeelt een onwaarschijnlijk groot arsenaal hoofdzakelijk mediterrane snaarinstrumenten, Stelios Petrakis is een Kretenzische laouto- en lyraspeler en Bijan, de jongste telg uit het befaamde muzikale geslacht Chemirani (Chemirani Trio behoort tot de onbetwiste top in de Perzische klassieke muziek), bespeelt allerlei slagwerk. Zes jaar geleden leverden ze al in triovorm ‘Mavra Froudia’ af, een eigenzinnig, avontuurlijk, zeer overtuigend en bij momenten overrompelend werkstuk met groot respect voor hun tradities maar met eigentijdse compositie, klank en karakter. Op ‘Taos’ brengen deze drie heren een superbe, bekoorlijke, betoverende, in schoonheid badende en bedwelmend virtuoze mix van Griekse, middeleeuws-Europese en Midden-Oosterse invloeden. Weerom geldt de hogere beschrijving voor ‘Mavra Froudia’ ook voor ‘Taos’, de zoveelste goudmijn en mijlpaal in het indrukwekkende oeuvre van deze drie virtuozen. Wat is kunst? Dit is kunst. Een plaats in onze ultieme playlist van 2018 en dus ook bij jullie verplichte leerstof is dan ook hun voor de hand liggende en verdiende deel.
publieksprijs: 18,95

DIJF SANDERS – Java

DIJF SANDERS – Java

Dijf Sanders? Vraagt u zich misschien af. Wat doet die hier? Welnu, die staat hier met recht en reden. Het gastland van de kunstbiënnale EUROPALIA ARTS FESTIVAL is bij deze editie Indonesië. In opdracht van EUROPALIA en KAAP (www.kaap.be) trok de Gentse multi-instrumentalist en buitenbeentje Dijf Sanders vorig jaar, gewapend met een batterij aan field recorders, naar het Indonesische eiland ‘Java’. Dit album is een psychedelische en hedendaagse zoektocht naar het diverse geluid van dat eiland geworden. Als een moderne incarnatie van etnomusicoloog Alan Lomax trok hij langsheen zowel stedelijke als rurale uithoeken van het eiland en verzamelde daarbij een indrukwekkend arsenaal aan opnames. Tijdens zijn avontuurlijke muzikale ontdekkingsreis registreerde hij een al even groot arsenaal aan inheemse volksinstrumenten: zither, percussie, gamelan, celempung, calung, kunclungan, tarawangsa, jentreng, kacapi, angklung, kendang…. Andere actoren zijn regen, waterpercussie, nachtgeluiden in de jungle, traditionele gezangen, kikkers en krekels. Onder de deskundige begeleiding van de Amerikaanse etnograaf Palmer Keen werd Dijf twee weken lang ondergedompeld in de kleurrijke cultuur van het eiland en haar rijke ceremoniële tradities. Eenmaal terug in België trok hij met het verzamelde materiaal de studio in en nodigde enkele bevriende muzikanten uit om samen uit de vele uren veldopnames negen nummers te distilleren die teren op psychedelica, extase en trance en beogen met de nodige collage, beats en samples een brug te slaan tussen twee zeer uiteenlopende werelden. Die drie gastmuzikanten -Natan Daems, Filip Vandebril, Simon Segers- zijn leden van Black Flower (muzieknieuws december 2016), hier ten huize een grote favoriet. Dijf Sanders hield naar verluidt vooral een gevoel van nederigheid over aan zijn Javaanse onderneming.
‘Java’ klinkt tegelijkertijd eclectisch, hybride, experimenteel, prettig geschift, bezwerend, (on)werelds en traditioneel. Hier wordt ingenieus, uitzinnig, fascinerend en verbazingwekkend creatief met klanken getoverd dat het een lieve lust is: Indonesische geluiden en elektronica en ook jazz blijken wonderwel te matchen in een muzikale kruisbestuiving van uitzonderlijk hoog en eerlijk niveau. Radiovriendelijk is deze muziek wellicht niet maar dat neemt niet weg dat Dijf een euh… dijk van een plaat gemaakt heeft. Mission en experiment accomplished. Meteen kent u ook de derde titel voor onze ultieme playlist van 2018 en dus ook voor jullie verplichte leerstof.
publieksprijs: 18,85

ANOUAR BRAHEM – Blue Maqams

ANOUAR BRAHEM – Blue Maqams

Udspeler Anouar Brahem, wellicht de bekendste muzikant uit Tunesië, is de man die een revolutie pleegde door de ud, die voorheen enkel als begeleidingsinstrument voor zangers werd gebruikt, te gaan aanwenden als een fantasierijk en prikkelend solo-instrument. Dat resulteerde doorheen de jaren in enkele betoverende briljanten waarvan wij jullie met aandrang ‘The Astounding Eyes Of Rita’ adviseren. Het muzikale universum van Brahem put uit jazz en Europese klassieke muziek maar evenzeer uit oriëntaalse en mediterrane tradities. Het is geworteld in voorouderlijke en hedendaagse culturen en de krachtige, impressionistische melodieën en subtiele improvisaties ontplooien zich in contemplatie en intense concentratie. Andere fundamentele kenmerken in zijn tijdloze en geraffineerde werk zijn de boeiende, attractieve en innemende kracht, de meeslepende, onaardse en gracieuze elegantie, de adembenemende improvisatie en de strakke dramatiek.
Voor zijn nieuwe werkstuk ‘Blue Maqams’ (waarbij maqam staat voor de Arabische modale structuur in de compositie) deed hij beroep op twee giganten uit de jazzwereld, met name contrabassist Dave Holland en drummer Jack DeJohnette en op de minder bekende maar al even geniale pianist Django Bates die getipt werd door producer Manfred Eicher en nadrukkelijk maar toch delicaat de kleur bepaalt in het samenspel. De veelal ingetogen en intieme masterclass ‘Blue Maqams’ balanceert op betoverende, ongerepte, weelderige en naadloos versmeltende wijze tussen zachte, melodische mediterrane liedvormen en de directe ritmische elasticiteit, de expressieve vrijheid en de melodische vindingrijkheid van de beste jazz, m.a.w. the best of both worlds.
publieksprijs: 21,05

MAYA YOUSSEF – Syrian Dreams

MAYA YOUSSEF – Syrian Dreams

Een citaat: “The war started in my homeland in 2011. From that point on making music was no longer a choice, it was a crucial means to express and come to terms with intense feelings of loss and sadness from seeing my people suffer and my land destroyed. On a hot summer’s afternoon in London in 2012 I was watching the news. At the time I felt overwhelmed, as if I was going to explode, so I held my qanun and ‘Syrian Dreams’ came out of me. That was the very first piece of music I wrote.” Aan het woord is de virtuoze Syrische qanunspeelster Maya Youssef, geboren in een progressieve familie van schrijvers en artiesten. Een qanun is een traditionele plankciter uit het Midden-Oosten, met 78 snaren. Ze verhuisde naar Londen in het kader van het “uitzonderlijk talent” visastelsel van de Britse Arts Council. Op ‘Syrian Dreams’ laat ze zich inventief, indringend en bedachtzaam begeleiden door Barney Morse-Brown op cello, Sebastian Flaig op diverse percussie en Attab Haddad op ud. Zelf omschrijft ze haar debuut als een persoonlijke tocht doorheen zes oorlogs- en terreurjaren in Syrië en een gebed voor vrede, gebracht in acht zelfgepende composities en een Syrische traditional. Dit uitgelezen geheel klinkt vaak emotioneel en verandert constant van stemming, gaande van smart tot hoop met nog wat tussenschakeringen en is vooral een krachtig eerbetoon aan haar gehavende en verscheurde thuisland, een weergave van de herinneringen aan dat thuisland en haar muzikale antwoord op het bloedbad. Deze muziek mag dan al instrumentaal zijn, ook zonder woorden zijn de smart, de kwetsuren, de angst en de beklemming zeer tastbaar op dit werkstuk. Hoewel haar muziek gebaseerd is op de schalen en de toonaarden van de traditionele Arabische maqam (zie verder bij de besprekingen van Seyir Trio en van Soolmaan Quartet) horen we diverse invloeden van jazz tot flamenco. Vrijgevig als we deze maand zijn kronen we de parel genaamd ‘Syrian Dreams’ tot vierde titel voor onze ultieme playlist van 2018 en dus ook voor jullie verplichte leerstof.
publieksprijs: 16,45

TANIA SALEH – Intersection

TANIA SALEH – Intersection

Tania Saleh is een Libanese singer-songwriter en visueel artieste. Ze is een van de zeldzame vrouwelijke singer-songwriters in de Arabische wereld maar ze is wel zeer gerespecteerd in de regio. Haar teksten weerspiegelen vaak de dagelijkse werkelijkheid van de Libanese en Arabische sociale en politieke beroering. Sinds haar artistiek debuut in 1990 experimenteerde ze met verschillende muzikale genres wat resulteerde in een mix van Libanese tarab, mawwal en dabke met folk, alternatieve rock, bossa nova, klassiek en jazz, want muzikaal gelooft ze in een planeet zonder grenzen. Haar visuele stijl, die zich onderscheidt van de mainstream Arabische stijl, hielp mee haar artistieke imago creëren. Naast haar eigen liederen schreef ze ook muziek voor films, video’s, radio en tv. Ze werkte samen met muzikanten van zeer uiteenlopend allooi: de bekendste namen zijn o.m. Ibrahim Maalouf, Nile Rodgers, Natacha Atlas, Terry Evans. ‘Intersection’ is haar vijfde cd en de tweede die de weg vindt buiten de Arabische wereld. ‘Intersection’ onderscheidt zich sterk van haar vroegere werk en is meer dan een cd: we hebben hier te maken met een audiovisueel experiment dat een mix brengt van Arabische poëzie, klassieke Arabische melodieën, straatkunst, Arabische kalligrafie en hedendaagse elektronische klanken. Saleh beschrijft de staat van de Arabische wereld in stilstand, op een kruispunt (intersection) tussen Oost en West, en gaat ook over religies, extremisme en gematigdheid, goed en kwaad, oorlog en vrede…. Het oogmerk van dit multidisciplinair project is om aan de wereld een voorstelling te maken van het kunstenaarstalent dat onder het ‘puin’ aanwezig is en aan de volgende Arabische generaties de idee van een mogelijke gemeenschappelijke culturele grond over te brengen. Dialecten mogen dan wel verschillen maar per slot spreken alle Arabieren dezelfde taal. Te midden alle calamiteiten leven er ook positieve inspiratiebronnen die aangeboden worden door dichters, filosofen, denkers, wetenschappers en de vele helden uit het alledaagse leven.
Tania Saleh koos ervoor om grote inspirerende gedichten (in het zeer fraai ontworpen tekstboekje vertaald naar het Engels) van verschillende dichters uit de Arabische wereld te herbekijken en die te transformeren in hedendaagse liederen. Als visueel artieste en grote fan van straatkunst maakte ze ook enkele muurschilderingen in Arabische landen en ook in Oslo, een van de grootsteden waarheen Arabieren het onheil bij hen thuis ontvluchten. Die muurschilderingen zijn een poging om de essentie van de tijdloze poëzie waarvoor ze koos voor ‘Intersection’ uit te drukken en een spiegel te zijn voor de toestand vandaag in de Arabische straten. Voorwaar een ambitieus en hoopvol project waarmee ze naar eigen zeggen de luisteraar en de kijker verbijsterd en verward wil achterlaten. ‘Intersection’ wordt ook nog begeleid van een videofilm. Muzikaal wordt Saleh begeleid op klarinet, duduk, sopraansax, viool, contrabas, percussie en ud. De prominent aanwezige elektronische programmering en het klankontwerp werden verzorgd door Khalil Judran die ook twee composities schreef: alle andere composities zijn werk van Tania Saleh zelf. ‘Intersection’ is een briljante evenwichtsoefening tussen klassieke Arabische melodie en hedendaagse elektronica waarin het al even briljante stemgeluid van Saleh schittert in dictie en frasering en de uitmuntende muzikanten mee zorgen voor indrukwekkende mozaïeke klanktapijten. De samenwerking met Khalil Judran gebeurde bijna totaal online. Met ‘Intersection’ heeft Tania Saleh op indringende wijze nieuwe horizonten en perspectieven verkend. Zoals elke uitgave van het baanbrekende KKV label kwam ook ‘Intersection’ mee tot stand met steun van het Noorse Ministerie van Buitenlandse Zaken. Didier Reynders, waar wacht je nog op?
publieksprijs: 18,75

ComboNations – Dunya

ComboNations – Dunya

What’s in a name: de Iraanse santurspeler Javid Afsari ging in 2002 in Oslo op zoek naar het kruim van de aldaar residerende internationale muzikanten en bracht die samen in ComboNations. Tekenden present: Solo Cissokho (kora) -neef van Seckou Keita-, Harpreet Bansal (viool), Aissa Tobi (rabab, sintir), Adrian Fiskum Myhr (contrabas), Jai Shankar (tablas), Diom de Kossa (percussie) en natuurlijk Afsari zelf (santur). Deze muzikanten zijn afkomstig uit India, Ivoorkust, Senegal, Iran, Marokko en Noorwegen. ComboNations is bedoeld als de manifestatie van de rijkdom van de multiculturele muziekscene in Oslo en wil de verschillende culturen en muziektradities samensmelten tot een nieuwe muzikale expressie en doet dat met een toepasselijke titel (dunya = deze wereld). Bij deze dient gezegd dat ze geslaagd zijn in die missie. Speelsheid en de wil om grenzen te doorbreken zijn de drijvende krachten achter de groep. ‘Dunya’ staat vol bekoorlijke muziek waarbij continenten en naties vervagen en muziek centraal staat als universele taal in deze aantrekkelijke en geslaagde kruisbestuiving. Het spel is nooit minder dan virtuoos: deze zes heren en een dame zijn na al die jaren volledig op elkaar ingespeeld. Qua aanpak, spel en concept doet dit septet ons wat denken aan het in Nederland gestationeerde multiculturele gezelschap NO blues (muzieknieuws december 2015) dat zijn muziek omschrijft als Arabicana. Van de zes lange composities zijn er vier eigen werk en twee traditionals. Elke compositie wordt telkens door één artiest gedragen. Zonder het wereldmuzieklandschap te hertekenen betekent ‘Dunya’ van ComboNations er wel een verrijking voor. Vooral jammer dat deze combonatie zestien jaar verborgen bleef.
publieksprijs: 18,00

IBEYI – Ash

IBEYI – Ash

Even recapituleren: de tweelingzussen (ibeyi betekent tweeling in het Yoruba) Lisa-Kaindé en Naomi Diaz zijn dochters van de Cubaanse percussionist Miguel Anga Diaz die we kennen van zijn werk bij o.a. Buena Vista Social club, Irakere, Afro-Cuban Allstars, Ibrahim Ferrer, Rubén González, Compay Segundo, Ry Cooder, Baba Sissoko…. Vader stierf twaalf jaar geleden toen de zussen elf waren en vijf jaar geleden stierf ook nog eens hun oudere zus. Dit verklaarde wellicht dat drie jaar geleden de grote thema’s op hun debuutalbum gemis en verdriet waren, waarbij ze troost zochten in de santería, een Cubaans traditioneel syncretisme dat stoelt op Afrikaanse volkreligies en het katholieke geloof, waarin diverse orishas (goden) worden vereerd. Hun moeder is de Frans-Venezolaanse zangeres Maya Dagnino, die ook fungeert als hun manager. Als kind leerden ze de cajón (het signatuurinstrument van vader) bespelen en bestudeerden ze de folksongs uit de Yorubacultuur, die nadrukkelijk aanwezig was op hun debuut. De Yorubataal overleeft trouwens nog steeds in de gelijknamige religieuze gemeenschap op Cuba.
Maar Lisa-Kaindé en Naomi zijn bovenal een ijzersterk muzikaal duo dat op zichzelf staat. Hun grootste troefkaart is hun zeer helder en samensmeltend stemmenwerk dat zowel zingt als bidt en declameert: als referenties vermelden we o.m. Nina Simone, Björk, Kate Bush, Laïs maar vooral klinken ze volstrekt uniek als Ibeyi. Hun debuut ging voornamelijk over hun verleden en de verwerking ervan, op ‘Ash’ zingen ze over wat er nu aan het gebeuren is en brengen ze hun visie op de wereld van vandaag. Ze bezingen thema’s als vrouwelijke kracht en gelijkheid, raciale ongelijkheid, angst en bezorgdheid om hoe de dingen er aan toe gaan waarbij toch steeds de positieve noot en ingesteldheid het halen. Hun muziek is een gelaagde en hybride mix van Cubaanse folk, voorouderlijke Yoruba- en andere West-Afrikaanse ritmes, gezangen en tradities, Cubaanse batápercussie, hiphop, r&b, electrosoul, jazz, triphop en nog een en ander. De complexe klank stoelt op West-Afrikaanse ritmes en op licht bevreemdende elektronische beats. Hun debuut was nog behoorlijk minimalistich en skeletaal (zang, keyboards, percussie): nu werd de klank en vooral het instrumentarium uitgebreid. Daarbij zijn gastrollen weggelegd voor o.m. Meshell Ndegeocello en Kamasi Washington. Met hun aanpak krijgt de Yorubatraditie een 21ste -eeuws kleed aangemeten. Ondanks de wat ijle klank klinkt deze muziek toch vol en weelderig met veel emotie, evocatie en intense spiritualiteit en als een consecratie van het leven. Maar vooral is ‘Ash’ een bijzonder overtuigende zelfverklaring en de grote bevestiging van hun uitzonderlijke talenten.
publieksprijs: 17,10

PHOTIS IONATOS – Elegio

PHOTIS IONATOS – Elegio

Jawel, zanger / gitarist Photis is broer van Angélique. In de jaren 70 traden ze samen op totdat Angélique naar Parijs verhuisde van waaruit ze een grote loopbaan opbouwde. Photis bleef in België, meer bepaald in Luik, en al die tijd maakte hij platen en trad hij op, zij het in de schaduw van little sister. De voorbije jaren legde hij zich vooral toe op het spelen van rebètikoliederen. Op ‘Elegio’ laat hij zich begeleiden door een keur aan klassemuzikanten: Jean-François Hustin (dwarsfluit), de alomtegenwoordige Wouter Vandenabeele (viool), Philippe Guidat (klassieke gitaar, twaalfsnarige gitaar) en Julien Deborman (diatonische accordeon). De instrumentatie die zij hier brengen is uitzonderlijk rijk. Op zijn twaalfde album ‘Elegio’ komen de essentie van Griekse tradities, geschiedenis en poëzie samen met heel veel aandacht voor melodie, subtiliteit en gevoeligheid. Ionatos gebruikt een merkwaardige tweedeling tussen Frans parlando en Griekse zang. De poëzie leende hij van Sotiris Tsambiras, Aki Roukas, Odysseas Elytis, Constantin Kavafis en Yannis Ritsos: met zijn warme, mature, wat mysterieuze en verleidelijke stem doet hij deze poëzie alle eer aan. Hoop, de pijn van zijn vaderland, de wil tot existentiële weerstand en een oproep tot waardigheid weerklinken in de keuze van de gedichten. ‘Elegio’ staat voor Grieks chanson van hoog niveau gebracht door een geëngageerde, oprechte en waarachtige artiest die best eens een stuk van zijn bescheidenheid mag afgooien. De laatste pluim die nog in onze schuif lag gaat naar het hoesontwerp van Marie Mertens dat een fotografisch meesterwerkje is.
publieksprijs: 19,55

TRANSGLOBAL UNDERGROUND feat. NATACHA
ATLAS – Destination Overground

TRANSGLOBAL UNDERGROUND feat. NATACHA ATLAS – Destination Overground

Dit Londense multicultureel collectief is samen met o.m. Asian Dub Foundation een van de buitenbeentjes en ‘lelijke eendjes’ in de wereldmuziek. TGU staat een kwarteeuw voor een eclectische fusie van westerse, oriëntaalse, Afrikaanse en Aziatische muziek met bijzondere aandacht voor dub, reggae, house, techno en bhangra. Ze zijn verantwoordelijk voor minstens twee sublieme parels, met name ‘Dreams of 100 Nations’ (hun debuut) en ‘Psychic Karaoke’, hun artistiek hoogtepunt. Beide parels zijn helaas niet meer verkrijgbaar. Bekende ex-leden van dit steeds wisselende collectief rond spilfiguren Tim Whelan, Tuup, Sheema Mukherjee en Hamid ManTu zijn o.a. Natacha Atlas (vooral zij en ze bleef ook regelmatig samenwerken), Nick Page (zie ook Syriana, Dub Colossus), Doreen Thobekile, Johnny Kalsi. Vijf jaar geleden lieten ze voor het laatst van zich horen met de cd Kabatronics, een samenwerking met het Albanese Fanfara Tirana die garant stond voor een dynamische, energieke, grens- en cultuuroverschrijdende onderneming waarbij ideeën, melodieën en teksten werden uitgewisseld in een heerlijke symbiose van Albanese brassmeesters en de eclectische sound van Transglobal Underground.
‘Destination Overground’ is een verzameling met opnames die vooral dateren uit de periode 1993-1998 en vaak enkel op single of nog nooit eerder verschenen zijn, aangevuld met remixes en een vorig jaar nieuw opgenomen versie van ‘Dancehall Operator’. In die periode was Natacha Atlas nadrukkelijk aanwezig in de lineup en ze is dat dus ook op deze compilatie wat een weldaad voor ons humeur is. Ze zingt op 11 van de 12 tracks en van 10 is ze ook co-auteur. Deze uitgave is een buitenkansje want van het werk van Transglobal Underground is nog zeer weinig in omloop.
publieksprijs: 18,75

AMPARANOIA – El Coro de Mi Gente

AMPARANOIA – El Coro de Mi Gente

We trekken naar Catalunya en nee, we gaan het niet over Carles Puigdemont hebben. Tien jaar na het uiteenvallen van Amparanoia is deze cultgroep rond de geweldige zangeres Amparo Sánchez terug met een herinterpretatie van hun twintig jaar geleden verschenen debuutalbum ‘El Poder de Machín’. Als extra pigment werd voor elke song een al dan niet bevriende collega uit het vak aangetrokken waarbij de meest in het oog en vooral in de oren springende namen Manu Chao, Marinah, La Pegatina, Calexico, Gaby Moreno en Sargento Garcia zijn. Na tien jaar eigenzinnig solowerk keert pionier Sánchez dus terug naar de mestizowieg. Over zin en onzin en eventuele meerwaarde van herinterpretatie gaan we het hier niet hebben, dat is namelijk een eindeloze discussie net zoals die over de verfilming van een boek. Om die reden hebben we bewust niet het origineel opnieuw uit de kast gehaald om zodoende ‘El Coro de Mi Gente’ op de eigen merites te kunnen beoordelen. Om te beginnen zijn we nog steeds ten zeerste gecharmeerd door het hartverwarmende, diepe,rauwe, krachtige, genereuze, wellustige, uitnodigende en wat gruizige stemgeluid van la Sánchez (haar grote inspiratiebronnen zijn Billie Holiday, Chavela Vargas, Nina Simone) en al evenzeer door haar engagement voor een betere wereld. Maar het geeft vooral een overheerlijk gevoel om deze exuberante bende terug te horen ook al lijkt het wel dat die nooit weggeweest is. Mestizo blijft een warm bad, zeker in koude en natte winterdagen en heel zeker met een stem als die van Sánchez. Voor wie zich bij de term mestizo niets kan voorstellen: beeld je een stamppot in met ontiegelijk veel ingrediënten gaande van flamenco, salsa, son, bolero, ranchero, tropicália, samba, cumbia, rumba en ska tot meer urbane elementen als dub, sampling en rap. Welcome back Amparanoia, of is het maar voor eventjes misschien?
publieksprijs: 18,75

GET UP, STAND UP! MUZIEK, VERZET EN REVOLUTIE

DANIEL KAHN & THE PAINTED BIRD – The Butcher’s Share

DANIEL KAHN & THE PAINTED BIRD – The Butcher’s Share

De Amerikaanse acteur, toneelauteur, dichter en ook zanger, muzikant en componist Daniel Kahn verhuisde in 2005 naar Berlijn waar hij werd opgenomen in de klezmerscene. Hij stichtte er ook zijn band, The Painted Bird. ‘The Butcher’s Share’ is hun vijfde worp. De voorbije jaren verblijdden ze ons met enkele kanjers waarbij ‘Lost Causes’ (uit 2011) de kroon spande. Kahn en zijn band hebben in korte tijd een geheel eigen sound opgebouwd, een eigenzinnige mix van hedendaagse klezmer, traditionele Jiddische liederen, cabaret en geëngageerde teksten -gekoppeld aan het grote songschrijverstalent van Kahn-, met als gevolg een uitstekende reputatie. Een constante in het werk van Kahn is het aftasten van allerlei grenzen. Hun nieuwe album ‘The Butcher’s Share’ kondigen ze aan als een “verzameling punk-klezmer hymnen voor de revolutie of de apocalyps met liederen die geadresseerd zijn aan het politieke nu-moment alsook aan de eeuwigdurende klassen- en bevrijdingsstrijd”. Veel duidelijker kan een statement niet zijn. Toch betekent dit niet dat hier enkel militante (strijd)liederen en actuele en bijtende sociale commentaren in relevante, provocatieve en intelligente bewoordingen te horen vallen: Kahn is nog nooit begrensd geweest door een enkelvoudige visie in zijn kunst en zijn boodschap en zo horen we o.m. ook twee liederen die het Abraham-thema aansnijden. Na een korte intro gaat het album onstuimig van start met de vooral verbaal ziedende en snauwende titelsong waarmee in grote lijnen de toon is gezet. Muzikaal horen we de brede waaier aan stijlen, tempo’s, sferen en stemmingen die hedendaagse klezmer te bieden heeft: nu eens is de klank ziedend, messcherp en miltant, dan weer melancholisch, verdrietig, doldwaas humoristisch of als een ladderzat zeemansorkest met blaasinstrumenten die flink uit de bocht gaan. De band wordt ook nog bijgestaan door een fijne keur aan gastmuzikanten uit o.m. The Klezmatics, Brave Old World en The Brothers Nazaroff die het groepsgeluid nog verrijken en opentrekken. ‘The Butcher’s Share’ is een kanjer die net niet het torenhoge niveau van ‘Lost Causes’ haalt, Kahn’s voorlopige meesterwerk. Als afsluiter geven we nog een kort tekstfragment mee uit ‘99% - Nayn-Un-Nayntsik’ (over de 99% en de 1%) mee: “Ninety-Nine is a community, one percent is a fuck-you-nity”. Als tweede afsluiter bevelen we de video van ‘Freedom Is A Verb’ (op YouTube) aan: agitklezmer van de bovenste plank.
publieksprijs: 19,55

O LA LA LA C'EST BELGIFIQUE

KARIM BAGGILI – Apollo You Sixteen Part 2

KARIM BAGGILI – Apollo You Sixteen Part 2

Karim Bagilli werd hier de voorbije jaren een vertrouwd geluid. Hij is een Belgische componist, selfmade gitarist / udspeler en ook zanger van Jordaans-Joegoslavische afkomst. Zijn handelsmerk is uiterst verzorgde, intimistische, soms weemoedige en lyrische muziek die baadt in flamenco, klassiek, Zuid-Amerikaanse ritmes en Arabische sonoriteit met heerlijke melodieën die balanceren op de grens tussen Andalusische en Arabische muziek. Baggili wordt verder begeleid op drums, percussie, bas, Arabische viool, piano, keyboard en elektronica. Zelf neemt hij gitaren, oud, zang en bas voor zijn rekening en last but not least verschijnt de klassieke zangeres Karoline de la Serna die ook al schitterde op Baggili’s drie vorige cd’s. Vorig jaar veroverde Baggili helemaal onze harten met ‘Apollo You Sixteen’ en daaraan breit hij nu een vervolg ook al staat de cd op zich en krijgen we niet te maken met de klassieke sequelvorm. De nadruk ligt op de gitaren en de oud met veel aandacht voor technische complexiteit maar vooral met diepe en intense melodieën als leidraad in een modern, avontuurlijk en vaak hoekig klinkende mix van grooves, electro, klassiek, flamenco en Arabische sonoriteit en verder ook ruimte voor een filmische inslag, intimistische fragmenten en meditatieve sensitiviteit. ‘Apollo You Sixteen Part 2’ is een uitstekend werkstuk maar mist wel de totaalcoherentie van zijn voorganger om even briljant te zijn mede ook door enkele melige momenten. Wel blijkt duidelijk wat we eigenlijk al wisten: Karim Baggili is een blijver. Wat wij bij die voorganger al wilden weten maar niet durfden vragen geldt nog steeds: schuilt er iets achter die merkwaardige en wat absurdistan klinkende albumtitel? Het net maakte ons alvast niets wijzer (ja, de Apollo 16 kennen wij ook wel….). Wie helpt ons? Gele briefkaart naar het vertrouwde adres.
publieksprijs: 19,55

(Lâmekân Ensemble presents) SEYIR TRIO

(Lâmekân Ensemble presents) SEYIR TRIO

Lâmekân Ensemble, in 2011 door Tristan Driessens opgericht, dompelt de luisteraar onder in de klassieke muziek van het Ottomaanse Istanbul. Deze musici uit Turkije en West-Europa nemen je op sleeptouw, op zoek naar paleizen, openbare plaatsen en sufikloosters waar de grote traditie van de Ottomaanse maqam op het einde van de 18de en in de 19de eeuw floreerde. Lâmekân Ensemble staat borg voor een authentieke, evenwichtige klank en onthult de vele gezichten van een rijke stedelijke cultuur.
Tristan Driessens (ud, luit), Ruben Tenenbaum (viool) en Simon Leleux (doholla drum ofte bas darbuka) zijn drie leden van dat ensemble. Gedreven als ze zijn door een gemeenschappelijke passie voor Turkse Ottomaanse muziek volgden ze een doorgedreven en jarenlange muzikale opleiding in Istanbul die hen bij zielsverwante muzikanten in de Levant bracht. Twee jaar geleden vormden zij Seyir Trio dat in oorsprong bedacht was als een reductie van Lâmekân Ensemble maar al snel een sterke eigen identiteit aannam. Gedrieën vonden ze hun weg doorheen de labyrinten van een uitheems en moeilijk doordringbaar muzikaal idioom. Het Arabische woord ‘seyir’ betekent ‘route’, ‘pad’, ‘reis’. In oosterse muzikale tradities heeft het ook betrekking op het specifieke pad van elke klassieke melodie die geworteld is in een modale structuur of maqam. Deze cd is samengesteld uit vier lange suites en op de tweede daarvan is de virtuoze violist en contrabassist Tcha Limberger te gast. Het album is live opgenomen in een kerk in Franc-Waret (provincie Namen). Naast hoofdzakelijk oude Ottomaanse composities wordt er ook eigen werk vertolkt dat net zo traditioneel klinkt. De muziek is meestal ingetogen en vraagt toch wel grote aandacht van de luisteraar om afdoende gesavoureerd te worden maar bovenal verdient deze virtuoos gebrachte muziek van drie klasbakken dat.
publieksprijs: 16,20

SOOLMAAN QUARTET – Letters To Handenberg

SOOLMAAN QUARTET – Letters To Handenberg

Daar is Tristan Driessens alweer alsook de immer bezige bij Nathan Daems door wiens toetreden we nu kunnen gewag maken van Soolmaan Quintet. Hun cd is opgedeeld in twee grote episodes, ‘Letters To Handenberg’ en ‘Istanbul Sketches’ waarin Istanbul ook terdege weerklinkt. Dit quar/quintet brengt veelzijdige en geïnspireerde fusie van Turkse maqam, klassiek en modale jazz waarbij improvisatie fungeert als verbindende factor. Het instrumentarium bestaat uit ud, cello, percussie, frame drums, tombak (Perzisch percussie-instrument), klarinet, basklarinet, sopraan- en tenorsax. Als kind van een reizende muzikale familie verbleef Tristan Driessens geruime tijd in Zuid-Europa waar hij de oriëntaalse ud leerde bespelen. Hij voltooide zijn opleiding in Istanbul en stichtte in 2011Lâmekân Ensemble. Daarnaast exploreerde hij uiteenlopende horizonten binnen een brede waaier aan samenwerkingen: van Europese folk (Amorroma), Balkan- en Griekse muziek (Tcha Limberger) tot oosterse muziek (Kudsi Erguner, Refugees for Refugees) en modale jazz. Soolmaan Quintet ontstond uit Driessens’ drang om zijn eclectische muzikale referenties te verenigen in iets waar veel tijd en vrijheid in weerklinkt. En voor ons weerklinkt daarin vooral ook veel passie, schoonheid, elegantie, gracieusheid, melancholie, vakmanschap, verbeelding, diversiteit en avontuur. ‘Letters To Handenberg’ is een tijdloos jeu sans frontières gespeeld door vijf klasbakken.
publieksprijs: 19,55

LA CHIVA GANTIVA –Despegue

LA CHIVA GANTIVA –Despegue

Zeven jaar geleden ontmoetten drie Colombiaanse percussionisten elkaar in Brussel en zetten het op een spelen. Daar begint het verhaal van La Chiva Gantiva. In hun muziek gebruiken ze vooral Colombiaanse ritmes en instrumenten in een samengaan van allerlei invloeden: naast die Colombiaanse muziek en moddervette cumbia zijn dat latin, afrobeat, rock, funk, rap, hiphop, soul, punk en nog een en ander: zelf geven ze het de naam punkclore mee. Al snel werd dit trio vervoegd door Belgische, Franse en Vietnamese muzikanten: de huidige bezetting is een samenstelling van lieden van Colombiaanse, Vietnamese, Belgische en Chileense afkomst. Eind 2011 debuteerden ze met ‘Pelao’, een heerlijke, warme en swingende plaat. Drie jaar later tapte de opvolger ‘Vivo’ grotendeels uit hetzelfde vaatje zij het dat de explosieve en hectische molotovcocktail nog wat meer ingrediënten bevatte. Fundamenteel zijn de traditionele percussiepatronen die de andere instrumenten (en dat zijn er niet weinig) ondersteunen en voortstuwen. Een ander kenmerkend onderdeel van hun groepsklank zijn de exuberante blazersriffs die duchtig hun best doen om het explosieve karakter van de muziek nog wat de hoogte in te jagen met als resultaat een ideale carnavalssoundtrack. Het woord ‘rustpunt’ ontbreekt in het woordenboek van deze vijf heren en een dame. Ondertussen is de groep België al een hele tijd ontgroeid en zijn ze graag geziene en gehoorde gasten geworden in vele buitenlanden: een groot deel van Europa, UK, USA, Australië, Nieuw-Zeeland, Colombia, Mexico, Canada, Benin, Zuid-Korea en Turkije om maar deze op te noemen. En bovenal: in Colombia zijn ze ondertussen een van de populairste nieuwe acts geworden. Hun visie en missie bestaan uit multiculturele en dynamische kracht die een bezielde en vurige uitdaging wil zijn voor een wereld die gedomineerd wordt door verdeeldheid, onzekerheid en isolationisme. Op hun derde worp ‘Despegue’ brengen ze meer van het uitstekende zelfde met als toetjes opgemerkte gastrolletjes voor Speech (Arrested Development) en Martin Perna (Antibalas) én nu wel enkele rustpunten in de gedaante van een heerlijk lome ballad (‘Me lo llevo’) en nog twee laidback deuntjes. Toch denken we dat er in de toekomst wat verandering van spijs zal nodig zijn om ons blijvend te doen eten. Maar vooral: ga dat live zien.
publieksprijs: 20,55

RADIO COLUMBUS

LES BOUKAKES

LES BOUKAKES

donderdag 8 februari 20 u – Biekorf Theaterzaal Brugge
inkom: 15 euro

De naam Les Boukakes is een samentrekking van de twee meest vaak gebruikte racistische scheldwoorden. Deze vijf heren spelen recht voor de raapse raïrock. De band vertegenwoordigt de ideale mix tussen oosterse en westerse invloeden en staat garant voor een mediterraans feest om ‘U’ tegen te zeggen. De band, opgericht in de buitenwijken van enkele Zuid-Franse steden, maakt furore sinds 1998. Aanvankelijk speelden ze bars en straatpleinen plat, tot de band enkele prestigieuze wedstrijden won. Ze deelden al podia met o.m. Tinariwen, Manu Dibango, Taraf de Haïdoukhs…. Ze waren ook al te zien en te horen op o.a. Sziget, Mano Mundo, Couleur Café, Rueda De Casino, Printemps de Bourges…. Hun recentste album Punky Halal dateert al van 2012 en werd bejubeld door de vakpers.

REGGAE

KEN BOOTHE – Inna de Yard

KEN BOOTHE – Inna de Yard

Wie 1974 nog meegemaakt heeft en destijds al eens naar de radio luisterde herinnert zich misschien nog de bescheiden reggaehit ‘Everything I Own’. Ken Boothe zong dat en de man met een van de merkwaardigste stemmen (klinkt zowaar als het Jamaicaanse neefje van Sam Cooke) uit de reggaescene is op zijn 69ste nog steeds muzikaal actief. En nu krijgt hij ook zijn plek in de prestigieuze reeks ‘Inna de Yard’. Het verhaal van die reeks startte ergens aan het begin van deze eeuw. Het Jamaicaanse label Makasound begon met de uitgave van een reeks albums die in open lucht werden opgenomen zoals de titel suggereert, meer bepaald in de tuin van Earl “Chinna” Smith. Deze veldopnames leverden enkele memorabele opnames op en ook een zeer memorabele, met name die van Earl “Chinna” Smith zelf. Bij deze opnames brachten de artiesten akoestische interpretaties van eigen werk, zeg maar een stem en een gitaar, vaak niets meer, vaak niets minder. Na acht albums werd een groep samengesteld om dit repertoire op de podia te brengen. In 2011 hield Makasound op te bestaan en met het label ook Inna de Yard. Helaas is van de originele reeks van acht albums enkel nog de sessie van The Viceroys beschikbaar: overname gevraagd dus. In april 2017 opende in Philharmonie de Paris de tentoonstelling Jamaica Jamaica en bij die gelegenheid contacteerde dat Parijse instituut het Franse label Chapter Two (de opvolger van Makasound) en dat had meteen de heropstart van Inna de Yard tot gevolg. Een eerste uitgave was ‘Inna de Yard - The Soul Of Jamaica’. Op dat album horen we niet enkel al dan niet nog actieve iconen maar ook jong talent uit de nieuwe akoestische scene in Kingston. Ook in deze hernieuwde reeks focust het concept op de eenvoud van de orkestratie, de warmte van de akoestische klank, de rauwe emotie van de stemmen, de Rastafari nyabinghipercussie en de collectieve energie. Het principe een stem / een gitaar werd wel achtergelaten, de akoestische interpretatie en de tuin als studio bleven wel overeind, zij het niet meer de tuin van Earl “Chinna” Smith die niet langer van de partij is. Alles draait om de verbinding tussen creërende muzikanten en dit in een organisch en spiritueel kader. Wie dacht dat de heropstart slechts een gelegenheid was heeft het dus verkeerd voor. Ken Boothe herneemt op zijn eerste internationale release in 25 jaar enkele van zijn originals plus een aantal covers waarvan de meest merkwaardige toch wel ‘Speak softly love’ is, op de melodie ‘Love Theme From The Godfather’ van Nino Rota, die Boothe origineel opnam in 1974. In de beste traditie van Inna de Yard vangt Ken Boothe het hart, de geest en de ziel van de authentieke en akoestische Jamaicaanse muziek en hij doet dat met veel schoonheid en puurheid: ook dit album is een welgekomen warm bad en een waarachtig eerbetoon aan deze niet stuk te krijgen traditie. Kosten noch moeite werden gespaard: de uitgebreide groep begeleiders wordt deels bevolkt door enkele iconen zoals Winston ‘Bo-Pee’ Bowen, Robbie Lyn, Kiddus I, Cedric Myton en Kush McAnuff. Een bijzondere vaststelling voor een reggaealbum is dat een hoofdrol is weggelegd voor de accordeon die in de zeer goede handen van François “Fixi” Bossard zit. Kenneth George Boothe is terug en hoe! Met ‘Inna de Yard’ heeft hij een cruciaal en uiterst stijlvol muzikaal testament afgeleverd waarbij vooral opvalt dat zijn uitzonderlijke stemgeluid niets aan kracht heeft ingeboet en het spelplezier bij de aanwezige oude rakkers groter dan ooit lijkt. 12 op 10, een kus van de juf en/of de meester en een hele rij banken vooruit.
publieksprijs: 18,70

DANAKIL meets ONDUBGROUND

DANAKIL meets ONDUBGROUND

Danakil is een woestijn die zich uitstrekt over delen van Ethiopië, Eritrea en Djibouti. Maar Danakil is ook een fijne Parijse reggaeband met Afrikaanse invloeden en met heel veel aandacht voor sociale en politieke thema’s. Ondubground heeft dan weer geen geografische referentie en is een dubtrio uit Tours met een geweldige livereputatie. Het trio wil het duberfgoed in ere houden en dat combineren met nieuwe experimentele ontwikkelingen. Deze samenwerking is een herbewerking van het vorig jaar verschenen ‘La Rue Raisonne’ van Danakil, een compromisloos en woedend werkstuk. Op deze revisie wordt een gans blik bekende maar vooral minder bekende gastmuzikanten opengemaakt: zij bezorgen dit project internationale allure. Deze vernieuwde versie van ‘La Rue Raisonne’ geeft het origineel een andere dimensie. De reggaesound van Danakil werd vakkundig gemixt met trap, electro, UK steppers, dub en dubstep en die mix plus de strakke productie transformeren met veel krachtige bassen en hedendaagse, snellere beats de originelen in maatwerk voor sound systems en dansevenementen allerhande. Deze verkenning van nieuwe horizonten resulteert in een zeer verrassend album dat overtuigt en indruk maakt over de ganse lijn. We horen hier veel meer dan een dub- en remixversie van ‘La Rue Raisonne’: dit werkstuk is een totale en avontuurlijke herinterpretatie ervan. Dit is nu al zo vroeg op het jaar een stevige kandidaat voor reggaealbum van het jaar. Wat wel al vaststaat is dat Danakil meets Ondubground de vijfde titel aanlevert voor onze ultieme playlist van 2018 en dus ook voor jullie verplichte leerstof. Nos félicitations les copains.
publieksprijs: 20,20

VINYLRELEASES

- ANOUAR BRAHEM – Blue Maqams
publieksprijs: 33,70 (2 lp)
-DANIEL KAHN & THE PAINTED BIRD – The Butcher’s Share
publieksprijs: 27,45
-DIJF SANDERS – Java
publieksprijs: 24,95 (lp + download)
-KEN BOOTHE – Inna de Yard
publieksprijs: 18,00
-IBEYI – Ash
publieksprijs: 23,15
-LA CHIVA GANTIVA – Despegue
publieksprijs: 27,50
-LES TROUBADOURS DU ROI BAUDOUIN – Missa Luba (re-release)
publieksprijs: 15,60
-DANAKIL meets ONDUBGROUND
publieksprijs: 30,65
-LEE ‘SCRATCH’ PERRY – Black Ark Classics
publieksprijs: 18,00
-HAMA SANKARÉ – Ballébé
publieksprijs: 27,70
-LLOYD PARKS & WE THE PEOPLE – Meet The People (re-release)
publieksprijs: 20,10
-JOHNNY CLARKE
– Rockers Time Now (re-release)

publieksprijs: 23,10 -‘ERNESTO CHAHOUD presents TAITU: SOUL FUELLED STOMPERS FROM 1960s-1970s ETHIOPIA’ (compilatie)
publieksprijs: 27,20 (3 lp)

GOUD VAN OUD

TOUMANI DIABATÉ – The Mandé Variations

TOUMANI DIABATÉ – The Mandé Variations

Bouwjaar: 2008
Pas twintig jaar na zijn solodebuut ‘Kaira’ kwam deze koragigant tien jaar geleden op de proppen met zijn tweede soloalbum ‘The Mandé Variations’. Niet dat hij al die tijd op zijn luie krent had gezeten: ook hier passeerde hij al diverse keren de revue in combinatie met o.m. zijn zoon Sidiki, die andere gigant Ali Farka Touré, zijn eigen Symmetric Orchestra, Arnaldo Antunes & Edgard Scandurra, Ballaké Sissoko, Ketama, Björk, Kayhan Kalhor, Taj Mahal, AfroCubism…. De kora is een eeuwenoud instrument met een rijke geschiedenis. Toch is de erkenning als solo-instrument een recent gegeven maar ondertussen is die wel het determinerende instrument van West-Afrika geworden (muzieknieuws juli 2016). Toumani stamt uit een zeer lange dynastie (71 generaties) van koraspelers en griots. In West-Afrika is zijn familienaam daar ook vaak mee gelieerd en die naam is zowat het equivalent als Peeters en Janssens bij ons. Op ‘The Mandé Variatons’ brengt Diabaté onversneden, helderdere dan helderdere en onopgesmukte koramuziek, ontdaan van alle franjes en helemaal solo, in een adembenemende demonstratie van zijn virtuositeit en veelzijdigheid en als een waarachtig en fier eerbetoon aan zijn wortels, zijn tradities en zijn grote voorbeelden Ali Farka Touré en Kaounding Cissoko. Deze cd is een onwaarschijnlijke, van de sokken blazende en overrompelende aaneenschakeling van hoogtepunten en werd opgenomen in amper twee uren, zonder overdubs. Dit album bulkt van uiterst gesofisticeerde melodieën en al even onwaarschijnlijk en indrukwekkend als het virtuoze spel is de grote en grootse diversiteit van het klankpalet dat hij uit dit ene instrument haalt. We horen voortdurend verschillende en contrasterende nuances in toon, stemming, resonantie en harmonie. We horen hier zowel reflecterende, energieke, hypnotische, dromerige als dynamische composities met frappante ritme- en tempowisselingen. Het streven naar de ultieme perfectie heeft geresulteerd in een exquis en rijkelijk klanktapijt dat symbool staat voor de triomf van de schoonheid. Er wordt afgesloten met een heerlijke Ennio Morricone pastiche. Deze cd is toe te voegen aan het rijtje meesterwerken ‘In The Heart Of The Moon’, ‘Ali & Toumani’, ‘Boulevard De L’Indépendance’, ‘Toumani & Sidiki’.
publieksprijs: 19,45
Meer van deze artiest:
-met Arnaldo Antunes / Edgard Scandurra:
A Curva Da Cintura (bouwjaar: 2011; 20,05€)
-met Sidiki Diabaté:
Toumani & Sidiki (2014; 19,45)
-met Symmetric Orchestra:
Boulevard De L’Indépendance (2006; 19,45)
-met Ali Farka Touré:
In The Heart Of The Moon (2005; 19,45)
Ali & Toumani (2010; 19,45)
-met Ketama en Danny Thompson:
Songhai (1988; 20,15)
-met Ketama, Danny Thompson en José Soto Sorderita:
Songhai 2 (1994; 20,15)
-met Afrocubism:
Afrocubism (2010; 19,45)
-met Lamomali:
Lamomali (2017; 20,40).

GOUD VAN HELEMAAL NIET OUD

Elke maand zetten we nog eens een klassieker van het voorbije jaar in de etalage.

GISELA JOÃO – Nua

GISELA JOÃO – Nua

Enkele jaren terug was Gisela João de zoveelste nieuwe rijzende ster aan het firmament van de “nieuwe oude” fado. De voorbije jaren is fado aan een opgemerkte heropleving bezig: na Amália Rodrigues lag het genre lange tijd in het verdomhoekje en de lappenmand en werd het vooral beschouwd als toeristenmuziek, in casu amusementsmuzak in de fadorestaurants. In zo’n restaurant zette João ook haar eerste muzikale stappen. In Portugal werd haar debuutalbum (uit 2013) met tal van muziekprijzen bekroond. Ze wordt nu al dé fadista van de 21ste eeuw genoemd: dit soort voorbarige uitspraken zijn toch wel gevaarlijk en tricky. Haar benadering van fado is vrij traditioneel met de eenvoudige, klassieke begeleiding van Portugese gitaar, ritmegitaar en basgitaar. Haar verschijning op het podium is dan weer atypisch fado: bij haar geen statige, zwarte gewaden. Ze verschijnt in kleurige, korte rokjes en doet geen moeite om haar tatoeages te verbergen: kortom, ze zou the girl next door kunnen zijn. In tegenstelling tot veel van haar collega’s communiceert João live niet enkel met haar stem: haar concerten zijn een full body experience. Wie haar vorig jaar aan het werk zag zal dit wellicht graag beamen. Waar veel van haar leeftijdgenoten aanlengen met andere stijlen houdt Gisela João het strikt traditioneel. Zelf zegt ze daarover: “Ik hou van traditionele fado, puur en rauw.” Wij zouden daar nog graag het trefwoord onversneden aan toevoegen, want niets op haar debuutalbum spreekt de stelling van João tegen. Met haar krachtige, diepe, grenzeloos intense en expressieve stem vertolkt ze als weinig anderen op zeer overtuigende wijze het leven in al haar facetten en stemmingen. In Mouraria, waar ze woont en waar de wieg van de fado stond, zijn de mensen fier op haar en op het succes dat haar te beurt valt. Onze argwaan bij en onze huiver voor de her en der rondgestrooide superlatieven hebben wij na beluistering onmiddellijk laten varen: haar zeer overtuigende debuut was een doorwrocht werkstuk dat wel degelijk adembenemend, uiterst verrassend, levenslustig, sensueel, vurig en overweldigend is (iemand nog een superlatief?). Uit volle borst en zo hard als we konden zegden we toen: Gisela João is nu al een grote dame.

Vorig jaar verscheen de lang verwachte en met zeer hoge verwachtingen omgeven opvolger van haar onvolprezen debuut. We starten met de slotconclusie: op ‘Nua’ (‘Naakt’) doet Gisela nog eens de krachttoer die haar debuut was glorieus over. Haar opzet en aanpak waren ambitieus en risky: voor het repertoire stortte ze zich hoofdzakelijk op fadostandaards waarvan vele ook door Amália Rodrigues werden gebracht. Op ‘Nua’ belichaamt João met veel grandeur de definitie van fado en demonstreert ze op imposante en overrompelende wijze haar status van “nu al dé fadista van de 21ste eeuw te zijn”. Al het goede dat we hoger schreven bevestigt ze moeiteloos, zoniet overtreft ze dat bij momenten: veel rauwer en voorzien van scherpe randen kan fado niet zijn, temeer ze vooral de zwartste kant van het genre opzoekt en oproept. Ook de drie muzikanten zetten hun beste benen en in concreto hun beste vingers voor. Gisela João is ontegensprekelijk een van de grote stemmen van het begin van deze eeuw en die stem, gekenmerkt door een gerookte en rauwe maar ook tedere en delicate groothoekvibrato, kan gezien haar jonge leeftijd alleen nog maar rijpen. De energie die een van haar grote troeven is bij concerten is ook op dit schijfje merkbaar aanwezig. ‘Nua’ wordt afgesloten in onwezenlijke schoonheid met een kwetsbare en gracieuze cover van de Mexicaanse folkstandaard ‘Llorona’. Voor fans van het genre is deze cd als erfgoedbehoeder een waar godsgeschenk. Mensen die gruwen van fado (ze zijn met velen) zullen ook hiermee wellicht niet over de streep getrokken worden. Voor fadoanalfabeten is ‘Nua’ dan weer een meer dan steekhoudende introductie. Toch laten we nog even de kniesoor in ons los: alle info en liedteksten in het boekje zijn eentalig Portugees afgedrukt.
publieksprijs: 20,80

IN MEMORIAM

HUGH MASEKELA

HUGH MASEKELA

Trompettist / bugelspeler / zanger / componist alsook activist Hugh Masekela is niet meer: hij was al meer dan een decennium ernstig ziek en zijn laatste concerten dateerden van 2010. Deze gigant en mede-architect van de Zuid-Afrikaanse jazz zat meer dan een halve eeuw in het vak. Hij kreeg zijn eerste trompet van anti-apartheidactivist en aartsbisschop Trevor Huddleston die in de jaren 50 mee aan de ontwikkeling van die Zuid-Afrikaanse jazz stond. Masekela ging studeren in het VK en de VS. Hij raakte er bevriend met o.a. Miles Davis, John Coltrane en Charles Mingus en speelde er samen met o.m. Janis Joplin, Otis Redding en Jimi Hendrix. Later keerde hij terug naar Afrika en speelde met o.a. Fela Kuti. In 1974 was hij samen met Stewart Levine curator van ‘Rumble In The Jungle’ (zie muzieknieuws juli 2017). In 1976 componeerde hij ‘Soweto Blues’ als antwoord op de opstand in de township aldaar. Hij ging toeren met Paul Simon en zette zijn politiek engagement verder: in 1987 schreef hij ‘Bring Him Back Home (Nelson Mandela)’, een lied dat een hymne van de anti-apartheidstrijd werd. Begin jaren 90, na de vrijlating van Nelson Mandela, kwam hij terug naar zijn vaderland na meer dan 30 jaar ballingschap.

SONGS VAN DE MAAND

EFRÉN LÓPEZ / STELIOS PETRAKIS / BIJAN CHEMIRANI – Efrén’s Kondylies
MAYA YOUSSEF – Syrian Dreams

COVERS VAN DE MAAND

KEN BOOTHE – You keep me hangin’ on (Brian Holland / Edward Jr. Holland / Lamont Dozier)
SOOLMAAN QUARTET – Vivifice Spiritus Vitae Vis (Guido Morini)
AMPARANOIA feat. Fermin Muguruza & Broken Brothers Brass Band – La Semana (Police On My Back) (Eddy Grant / The Equals)

KOOPJE VAN DE MAAND

BOB MARLEY and THE WAILERS – Legend De grootmeester en tevens onze favoriete BOB verzameld op het bestverkochte worldalbum ooit, en dat nu voor een habbekrats.
publieksprijs: 8,55

Verwacht

SEUN KUTI & EGYPT 80 – Black Times
FEMI KUTI – One People One World

EN VERDER NOG:

LHASA – Intégral
Naast haar drie bij leven verschenen studioalbums bevat deze box nog de zopas uitgegeven cd ‘Live In Reykjavik’.
publieksprijs: 35,10 (4 cd)
LHASA –Lhasa (re-release)
publieksprijs: 20,40
LHASA – Living Road (re-release)
publieksprijs: 20,40
LEE ‘SCRATCH’ PERRY – Black Ark Classics
publieksprijs: 15,40
DJIVAN GASPARYAN & LIAN ENSEMBLE – Pangea (re-release)
publieksprijs: 17,90
LLOYD PARKS & WE THE PEOPLE – Meet The People (re-release)
publieksprijs: 16,80
JOHN TRUDELL – Trudell (dvd)
publieksprijs: 22,25 (dvd)
‘FADO PORTUGAL – 200 Anos De Fado’ (compilatie)
publieksprijs: 24,85 (2 cd + boek)
‘ERNESTO CHAHOUD presents TAITU: SOUL FUELLED STOMPERS FROM 1960s-1970s ETHIOPIA’ (compilatie)
publieksprijs: 15,50

Categorie: